De kasteelbestormingen, veldslagen en dijkdoorbraken die je als toeschouwer bij ‘Willem van Oranje’ op een draaiende tribune krijgt voorgeschoteld zijn ronduit imponerend. Maar dat is ook de achilleshiel, er is nauwelijks ruimte is voor diepgang.
schrijft voor de Volkskrant over theater.
‘Ik ben benieuwd hoe de toekomst over mij zal oordelen’, zegt Willem van Oranje, vlak voordat hij in de gangen van het Sint-Agathaklooster in Delft wordt vermoord. De leider van het verzet tegen de Spanjaarden was ook een fervent twijfelaar, en zijn geroemde tolerantie verhult ook opportunisme. Was hij niet vooral zijn eigen hachje aan het redden?
Zie hier de blauwdruk voor een razend interessant, gelaagd theaterpersonage, dat ons via de geschiedenis ook iets kan leren over onze eigen angsten en ambities, en hoe die met elkaar in conflict raken in een wereld op drift. Zo beschouwd is het niet vreemd dat er ruim tien jaar werd gewerkt aan de voorbereidingen voor wat in de volksmond de opvolger van Soldaat van Oranje is gaan heten – de succesvolste theaterproductie van Nederland (die binnenkort stopt).
Maar de pijnlijke conclusie is dat Willem van Oranje – de musical, die zondag in première ging in een speciaal verrezen theater in Delft, helaas nauwelijks inzicht biedt in de beruchte veldheer. Alsof ergens in de voorbije tien jaar is vergeten waarom deze musical er eigenlijk moest komen.
Het is oneerlijk steeds te gaan vergelijken met Soldaat van Oranje, maar de parallellen liggen er soms wel erg dik bovenop, in deze voorstelling die deels door hetzelfde creatieve team is gemaakt. Regisseur Theu Boermans en zijn scenograaf Bernhard Hammer kozen opnieuw voor een roterende tribune, die ruim duizend toeschouwers langs spectaculaire decors voert. De wisselwerking tussen filmbeelden op de achterwanden en de felrealistische, fysieke decors, suggereren diepten die je nooit eerder in het theater hebt ervaren. Veldslagen, kasteelbestormingen en dijkdoorbraken zijn visueel ronduit overweldigend.
Maar die enorme production value is meteen de achilleshiel. Want die vele spektakelscènes zijn in dramatisch opzicht vaak volstrekt oninteressant. De steevast chaotische en schreeuwerige massataferelen ontnemen de toeschouwer elke kans zich te verbinden aan de personages. Ze illustreren weliswaar een stukje historie, maar vertellen nauwelijks iets over de mens daarbinnen.
Dat euvel treft vrijwel de volle (veel te lange) 3,5 uur. In een plichtmatige, langdradige opeenvolging van historische gebeurtenissen, maken we Willem van Oranje mee van zijn benoeming tot opperbevelhebber van de Spaanse troepen tot zijn dood in 1584, nog geen 5 kilometer van het theater vandaan.
Lang houdt hij zich afzijdig, uiteindelijk werpt hij zich vol in de opstand; omslagen die amper worden voorbereid. Steeds lijkt Boermans kansen om Willem diepgang te geven te vermijden ten faveure van de anekdote: als hij bijvoorbeeld voor het eerst een van zijn zoons ontmoet, moeten we het doen met een snelle aai over diens bol, terwijl het zoveelste slagveld breed wordt uitgemeten.
Joris Willem Smit is nochtans een bijzonder interessant acteur, die de afgelopen jaren bij Het Nationale Theater prachtige, complexe toneelrollen vol tegenstrijdigheden vertolkte. Maar Boermans laat hem nergens tegen de tekst inkleuren, en ontneemt Smit zo de kans gelaagdheid aan te brengen.
Dat geldt voor meer personages, met als dieptepunt koning Filips II, door Roben Mitchell vertolkt als stampvoetende kleuter met obligate daddy issues.
Ook muzikaal is er op de productie af te dingen. Veel liedjes zijn voorspelbaar (van een opruiend groepsprotest tegen kardinaal Granvelle tot een inwisselbaar liefdesduetje tussen Willem en zijn geliefde Eva Elinx) en kennen weinig vocale uitschieters. Smit is een prima zanger, maar bij een dragende rol hoop je op meer.
Theater wordt pas interessant als er ter plekke iets wordt uitgezocht tussen personages. Daarom is bijvoorbeeld de afscheidsscène met Willems tweede vrouw Anna van Saksen (vurig vertolkt door Lieke van den Broek, die zich zingend wél van veel stemregisters bedient) een hoogtepunt: ze confronteert haar man ermee dat hij haar als speelbal gebruikt, en roept hem ter verantwoording.
Over de linie is opvallend dat de vrouwen rondom Willem interessanter (en slimmer) zijn dan hij. Daarin gloort een spoortje interpretatie van de makers. Maar dat krijgt weinig daadwerkelijke uitdieping: we moeten dóór. Willem van Oranje – de musical is op z’n best een vermakelijke geschiedenisles, maar als musical helaas niet erg geslaagd.
Nog meer historische Nederlandse figuren op de musicalplanken
De komende tijd bevolken meerdere historische Nederlandse figuren onze musicalplanken. Theater Oostpool en TEC Entertainment brengen vanaf maart een biografische comedymusical rondom feministisch boegbeeld Aletta Jacobs (1854-1929), vertolkt door Desi van Doeveren.
Komende zomer speelt in het Amsterdamse Bostheater Spinoza, de mokum musical van gezelschap Nite. Acteur Olaf Ait Tami wekt de beroemde Amsterdamse filosoof Spinoza (1632-1677) tot leven in uitbundig openluchttheater. En theaterschrijver Elly Scheele en componist Charlotte Dommershausen werken op dit moment aan De eerste Amalia, een nieuwe musical over Amalia van Solms (1602-1675), de vrouw van Willem van Oranjes zoon Frederik Hendrik.
Musical
★★☆☆☆
Door Willem van Oranje Producties. Tekst en regie Theu Boermans. Liedteksten Frans van Deursen. Compositie Martijn Spierenburg en Fons Merkies
8/2, Het Prinsentheater, Delft. Daar voor onbepaalde tijd te zien.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant