nieuwsbriefMachtige Tijden
Machtige Tijden Voorman Jesse Klaver van GL-PvdA verwijt kandidaat-premier Rob Jetten dat hij met een nieuw AOW-plan een eerder pensioenakkoord eenzijdig zou opzeggen. Maar niet lang geleden kreeg Klaver in de Kamer hetzelfde verwijt. Nota bene over een AOW-maatregel die gelijkenis had met Jettens huidige plan.
Altijd boeiend hoe snel verontwaardiging zich verspreidt, met Den Haag als superspreader. Dit keer over het plan van de nieuwe coalitie om de leeftijd waarop mensen hun staatspensioen (AOW) ontvangen iets te verhogen.
„Ronduit asociaal”, oordeelde de commentator van De Telegraaf maandag. In 2019 sloot de overheid met sociale partners een pensioenakkoord: stijgt de levensverwachting met een jaar, dan neemt de AOW-leeftijd met acht maanden toe. De coalitie wil dat dit vanaf 2033 wordt versneld: stijgt de levensverwachting met een jaar, dan neemt de AOW-leeftijd ook met een jaar toe.
Hierbij belooft ze „oog voor mensen met een zwaar beroep die niet in staat zijn langer te werken”. De Telegraaf verwijt de coalitie niettemin dat ze „het pensioenakkoord overboord [gooit]”.
Dit laatste is daags erna het hoofdthema in het Kamerdebat over het coalitieakkoord. Aangevuld door Jan Struijs (50Plus), Jimmy Dijk (SP), Geert Wilders (PVV), Caroline van der Plas (BBB) en Mirjam Bikker (CU) eist Jesse Klaver de hoofdrol op.
Al in zijn eerste interruptie vraagt de GL-PvdA-leider Jetten welk „signaal” de minderheidscoalitie de oppositie geeft met de opzegging van het pensioenakkoord. „Je zegt: ‘We willen graag met jullie akkoorden sluiten, maar over een paar jaar gaan we het gewoon weer eenzijdig aanpassen’.”
Klaver blijft erop hameren. Uiteindelijk verwijt hij de kandidaat-premier onbetrouwbaarheid: „Uw signaal is: een afspraak met mij staat niet; een afspraak is geen afspraak.”
Klavers optreden is ontegenzeggelijk effectief. Zijn motie tegen het AOW-plan haalt het dinsdag net niet, alleen omdat een oppositiefractie op formele gronden afziet van steun. Inhoudelijk is een meerderheid tegen het AOW-plan. Een heropleving van een dominant thema uit de campagne van 2023: bestaanszekerheid.
„Jetten komt met de schrik vrij”, noteertNRC dinsdag. Op woensdag schrijft een bekende AD-columnist dat ze haar AOW-leeftijd googelde. „Ik schrok me rot.” Op donderdag noemtde Volkskrant het AOW-voornemen „een van de meest controversiële plannen” van het komende kabinet-Jetten. Haagse duiders voorzien dat het plan, als het later formeel in de Kamer aan de orde komt, vrijwel kansloos is.
Zelf zit ik er verwonderd naar te kijken. Vooral Klavers afkeer van Jettens opzegging van een pensioenakkoord brengt actieve herinneringen boven: maar dit heeft hij zelf toch ook wel eens voorgesteld?
Het AOW- en pensioendebat speelt al bijna een kwarteeuw. Werkgevers en werknemers zijn hierin cruciaal. De politiek beslist over de AOW, het staatspensioen. Werkgevers en werknemers beslissen in cao-onderhandelingen over particuliere pensioenen. Ook besturen zij de pensioenfondsen in de private sector. Haags beleid over dit thema vergt vrijwel altijd overleg met sociale partners.
Sinds begin deze eeuw is er door de vergrijzing discussie over de AOW-leeftijd. Het aantal gepensioneerden groeit en gepensioneerden leven ook langer. Daardoor betaalt de werkende bevolking een groter deel van haar inkomen aan AOW-premie. Al in 2004 lanceert de overheid een plan voor een hogere AOW-leeftijd. Vakbonden reageren kort: njet.
In 2010 gaat het spel op de wagen. Toenmalig FNV-voorzitter Agnes Jongerius en haar VNO-collega Bernard Wientjes sluiten een akkoord over een nieuw pensioenstelsel en stijging van de AOW-leeftijd. Het begin van een langslepend gevecht.
Het leidt in 2011 tot een pensioenakkoord van werkgevers en werknemers met het eerste kabinet-Rutte. De AOW-leeftijd zou stapsgewijs gaan stijgen naar 67 jaar in 2025.
Ook komen ze een vernieuwd pensioenstelsel overeen waarin een groter deel van de pensioenpot wordt belegd. Het stuit eind 2011 op keihard verzet van voorname FNV-bonden – „Casinopensioen, niet doen!” – en leidt tot het vertrek van strijdende FNV-kopstukken, inclusief Jongerius.
De kredietcrisis dwingt de overheid intussen tot nieuwe bezuinigingen om het begrotingstekort in toom te houden. Wouter Koolmees (D66, dan 35 jaar) en Jesse Klaver (GroenLinks, 26), beiden sinds 2010 Kamerlid, werken samen aan ideeën om, vergelijkbaar met het kabinet-Jetten nu, de AOW-leeftijd versneld te verhogen.
Ze dienen er 6 februari 2012 een voorstel voor in. „Hierdoor worden ook in de komende jaren aanzienlijke bezuinigingen gerealiseerd, waardoor alle generaties een steentje bijdragen”, schrijven ze. „Verder is het in tijden van grote economische onzekerheid noodzakelijk om op korte termijn de begroting op orde te brengen.”
Hun plan, dat afwijkt van het pensioenakkoord uit 2011, krijgt alleen steun van SGP en CU. Ze lopen te ver voor de muziek uit. Dan nog wel.
Rutte I valt twee maanden later. Gedoogpartner Wilders weigert extra bezuinigingen. Het demissionaire minderheidskabinet (VVD/CDA, 51 zetels) vreest voor een Europese boete wegens een te hoog begrotingstekort.
De enige uitweg: een razendsnelle deal met de oppositie. Dit lukt. Koolmees en Klaver zijn van de partij als oppositiefracties D66, GroenLinks en CU in april 2012 talloze hervormingen met VVD en CDA overeenkomen om de begroting op orde te brengen. Ook de AOW-leeftijd gaat versneld omhoog, een schending van het pensioenakkoord van 2011.
In een Kamerdebat daarna, op 19 juni 2012, krijgt Klaver dezelfde kritiek die hij nu op Jetten heeft. GL-PvdA bestaat nog niet. De PvdA, ook oppositiefractie, is buiten het akkoord met het kabinet gebleven. De PvdA verwijt Klaver en Koolmees dat zij hebben meegedaan „aan het eenzijdig opzeggen van het pensioenakkoord”.
Klaver reageert dat ook de PvdA in haar verkiezingsprogramma afwijkt „van de afspraken die eerder met sociale partners zijn gemaakt”. Maar hoewel hij Jetten nu aanvalt omdat hij het pensioenakkoord omzeilt, zegt hij destijds over de omzeiling van de PvdA: „Ik vind dat verstandig. Ik juich dat toe.”
Politici kunnen natuurlijk van opvatting veranderen. Dat is het punt niet. Maar nu met grote woorden Jetten verwijten dat hij een zes jaar oud pensioenakkoord schendt, terwijl Klaver zelf in 2012 een één jaar oud pensioenakkoord schond – dat is wel gewaagd.
Nadat GroenLinks in 2012 met VVD en CDA in zee is gegaan, wordt de partij bij de verkiezingen afgestraft. VVD en PvdA winnen enorm. Toch zegt Klaver tegen toenmalig financieel woordvoerder Ronald Plasterk (PvdA) dat hij „geen seconde” spijt heeft gehad: „GroenLinks stond er toen Nederland een begrotingsakkoord nodig had.”
In de formatie met de VVD accepteert de PvdA zelfs een verdere versnelling van de verhoging van de AOW-leeftijd. Het zal leiden tot invoering van de zogenoemde één-op-één-koppeling: stijgt de levensverwachting met één jaar, dan neemt de AOW-leeftijd ook met één jaar toe.
De één-op-één-koppeling houdt niet lang stand. In 2017 initiëren de NIDI-onderzoekers De Beer, Van Dalen en Henkens verzachting van de maatregel. Zij beschrijven in de Volkskrant en MeJudice de nadelige effecten: alle tijd die AOW’ers langer leven gaat op aan werk.
Daarom zwakt Koolmees, inmiddels minister van Sociale Zaken, de koppeling in het pensioenakkoord van 2019 af: stijgt de levensverwachting een jaar, dan neemt de AOW-leeftijd met acht maanden toe.
En precies die afzwakking wil zijn partijgenoot Jetten vanaf 2033 ongedaan maken. Het verschil: dezelfde verhoging die na de formatie van 2012 voor de Tweede Kamer een hamerstuk was, is voor Kamer in 2026 een zaak van verontwaardiging en verzet.
Het formatiedebat brengt nog een ander inzicht. Na de verkiezingen is het populair om te redeneren: de kiezer heeft rechts gestemd en dat moet uit het nieuwe kabinet blijken. JA21-leider Joost Eerdmans telt VVD en CDA op bij de rest van rechts en komt op een rechtse meerderheid van 89 zetels.
Het debat illustreert dat deze redenering de werkelijkheid versimpelt. De meeste politiek gaat om geld. Vandaar dat de financiële afspraken van het coalitieakkoord de komende jaren elementair zijn. Die afspraken dragen een zwaar VVD-stempel: tekort maximaal 2 procent, geen hogere staatsschuld, geen hogere lasten boven wat is afgesproken. Het betekent: amper geld voor nieuwe uitgaven.
Toch krijgt Klaver in het debat een motie aangenomen die stelt dat de Kamer „niet” aan die afspraken „gebonden” is. En nu komt het: op rechts stemmen PVV, FVD, BBB, JA21 en SGP vóór. Het toont aan dat 42 rechtse zetels niet meer instemmen met de klassieke VVD-opvattingen van zuinigheid en lage lasten. Diepe verdeeldheid die het hele construct van een rechtse meerderheid logenstraft.
Na het formatiedebat blijkt dat de VVD haar personeelsmanagement het beste op orde heeft. De partij maakt in no time haar nieuwe taakverdeling bekend. De opmerkelijkste keuzes: Ruben Brekelmans fractievoorzitter, Dilan Yesilgöz minister van Defensie, vicepremier en partijleider.
Elke zaterdag ontleedt Tom-Jan Meeus in zijn nieuwsbrief de politieke week - en laat zien wat bijna niemand ziet
Boeiend. Als politiek adviseur van VVD-staatssecretaris Mark Harbers (Asiel en Migratie, 2017-19) weet Brekelmans een goede reputatie bij de oppositie op te bouwen. Het type dat de coalitie nodig denkt te hebben.
Verder suggereert de geschiedenis dat Dilan Yesilgöz als partijleider een ongewisse toekomst wacht. Het is 32 jaar geleden dat een vicepremier er nog in slaagde zijn partij de grootste te maken: Wim Kok (PvdA) in 1994. En geen van de vicepremiers die de VVD sindsdien leverde (Dijkstal, Jorritsma, Remkes, Zalm, Hermans) was bij de eerstvolgende verkiezingen lijsttrekker van de partij.
Opmerkingen, aanmerkingen, observaties, tips? Elke reactie is van harte welkom. Mail me – t.meeus@nrc.nl – of stuur een persoonlijk bericht op mijn LinkedIn.
Source: NRC