Op de 3.000 meter werden Nederlandse topprestaties verwacht, maar de Italiaanse Francesca Lollobrigida ging er met het goud vandoor. Joy Beune kon niet schitteren en voor Nederland zat er niet eens een medaille in.
is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.
Het publiek in het tijdelijke schaatsstadion, verstopt in de achterste congreshal van het omvangrijke Fiera Rho-terrein, was grotendeels in het oranje gekleed. Maar voor thuisrijdster Francesca Lollobrigida klonk evengoed een keurig applaus toen ze op het ijs stapte.
Het gejuich nam almaar toe toen bleek dat de Italiaanse op weg was naar een razendsnelle tijd. Maar het publiek viel beteuterd stil toen een paar ritten later, na de finish van Joy Beune, duidelijk was geworden dat er geen Nederlandse schaatser op het podium zou belanden. De laatste keer dat dat gebeurde was bij de Spelen van 2010 in Vancouver. Dat was ook de laatste keer dat de winnaar niet uit Nederland afkomstig was.
Opgejaagd in de tweestrijd met de Canadese Valerie Maltais gleed Lollobrigida over het ijs. Deze winter was voor haar vooralsnog maar matig verlopen. De vrouw die vorig jaar wereldkampioen op de 5.000 meter werd, worstelde met haar techniek en kon in de wereldbekers maar moeilijk aanhaken bij de besten.
Ook nu zag het er niet soepel uit, maar wel krachtig. Haar eindtijd, 3.54,28, is een olympisch record, sneller dan de 3.56,93 waarmee Irene Schouten vier jaar geleden olympisch goud pakte. En dat op een ijsvloer die van tevoren als zacht en niet al te best was beschreven. Sowieso is Lollobrigida, die met haar 35 jaar al tijden meegaat in het topschaatsen, nog nooit sneller geweest. Haar persoonlijk record stond tot zaterdagmiddag op 3.54,43.
In de rit erna bleek al meteen hoe hard Lollobrigida had gereden. De Noorse Ragne Wiklund, die zo veel indruk maakte bij de wereldbekerwedstrijden van twee weken geleden in Inzell, kon het niet bolwerken tegen het strakke schema van de Italiaanse. In de slotronden zag ze haar leidende positie verdwijnen en ze finishte in 3.56,54. Het bleek genoeg voor zilver.
Toen moest Beune nog starten. Zou zij haar favorietenrol waarmaken? Zou ze schitteren op de enige individuele afstand waarvoor ze zich had geplaatst? Maar net als Wiklund kon zij de rondjes van 29 en 30 seconden niet volhouden. En veel meer dan de Noorse liet ze haar rondetijden oplopen. Zover zelfs, dat ze niet tot het podium reikte. Haar 3.58,12 was trager dan de 3.56,93 van Maltais, die zo aan haar duel met Lollobrigida het brons overhield.
‘Lamgeslagen’, noemde ze haar gevoel na afloop. Wat was haar nu overkomen? Zij had elke internationale wedstrijd van de afgelopen maanden op het podium gestaan. Zij is de regerend wereldkampioen op deze afstand. En nu vierde. ‘Ik zag vier achter mijn naam staan. Ik wist niet zo goed wat ik voelde. Ongeloof, verdriet en ergens ook een soort opluchting dat het voorbij was.’
Als olympisch debutant én een van de favorieten op deze afstand had ze emotionele dagen achter de rug. ‘Je voelt van alles, een gek gevoel. Net voor de start ook: ik had er heel veel zin in, maar ook aparte zenuwen. Ik heb dit natuurlijk nog nooit meegemaakt. Er komt veel op je af. Maar ik was wel positief en het voelde goed de laatste tijd.’
Misschien, zei haar coach Martin ten Hove, had ze een zilveren of bronzen medaille kunnen pakken als ze daarop gemikt had. Maar Beune ging niet voor een ereplaats. Ze was vertrokken met het olympisch goud voor ogen, ook al wist ze dat de tijd van Lollobrigida extreem snel was. Op zeeniveau werd slechts één keer harder gereden.
Vijf ronden lang verliep het volgens plan, koerste Beune op een toptijd af, maar daarna sloop de vermoeidheid in het lijf. ‘Ik was aan het knokken. Ik heb alle bochten en alle rechte einden gegeven wat ik in me had, maar dat is geen medaille waard en dat is jammer.’
Ook de andere Nederlanders reden niet in de medailles. In dezelfde rit als Wiklund kwam Marijke Groenewoud er niet aan te pas. De winnares van de 3 kilometer op het olympisch kwalificatietoernooi van afgelopen december kon niet meekomen met Wiklund. Waarom wist ze niet, vertelde ze nadat ze op ruime afstand van de Noorse in 4.01,35 over de streep was gegleden. Ze eindigde als achtste.
Dat was één plekje voor Merel Conijn, die namens Nederland als allereerste in actie kwam op deze Olympische Winterspelen. Zij bleef in de tweede rit op 4.01,65 steken, een tijd waarvan ze wist dat ze er niet mee winnen zou. Al voor de dweilpauze was haar naam van de bovenste positie op het scorebord verdwenen.
Net voordat Beune zaterdag de bus naar het olympisch dorp op ging zoeken, kreeg ze nog een laatste vraag. Of ze van tevoren rekening gehouden had met Lollobrigida. ‘Nee. Ik denk niemand.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant