Home

In een all-you-can-eat restaurant mag je geen sushi meenemen in je kinderwagen

De ingang van het Japanse restaurant Hana in Ridderkerk valt nauwelijks op naast de parkeerplaats van een winkelcentrum. In de vensterbank zwaaien rode Japanse gelukskatjes met hun pootjes naar binnenkomende gasten. Binnen is het restaurant veel groter dan het van buiten lijkt, met plek voor meer dan honderd gasten. Op deze zondagavond zit het restaurant vol.

Hana is een all-you-can-eat sushirestaurant, gerund door de Chinees-Nederlandse Liang Dong (33) en zijn schoonfamilie: zes koks in de keuken (allemaal familie), en nichtjes met andere Ridderkerkse jongeren in de bediening. Op een papiertje kruist de gast vijf gerechtjes aan, die komen druppelsgewijs op tafel. Zijn ze op, dan bestel je opnieuw. En opnieuw.

Wij hadden na de derde ronde wel genoeg gegeten. Maar er zijn mensen die best een vierde of vijfde ronde op kunnen, vertelt de serveerster. Nog een toetje. Koffie, betalen, weg, uitgezwaaid door de gelukskatjes.

Restauranteigenaar Liang Dong maakt het zijn klanten graag naar de zin. Alles wordt vers gemaakt. En het tijdslot dat bepaalt hoe lang je mag blijven zitten, gebruikelijk in restaurants met het all-you-can-eat concept, neemt hij niet zo nauw. Behalve op de megadrukke zaterdagavond.

Toch kan de vriendelijke Liang Dong zich flink opwinden over het gedrag van een klein deel van zijn gasten. De sushi die ze wel bestelden maar niet opeten nemen ze stiekem mee in bakjes, zakjes of servetten. En dat mag dus niet. Het is all-you-can-eat, niet all-you-can-take-home, zegt Dong. Hij zette een bericht op Facebook dat behoorlijk de aandacht trok.

Laatst was er een stel met een baby. Ze vroegen om een doggy bag. Dong legde uit dat ze het bestelde voedsel op moesten eten ín het restaurant. Een serveerster zag hoe de gasten even later de sushi netjes in een hydrofiele luier pakten en het pakketje in de kinderwagen legden. Ze zwaaiden nog even naar de bewakingscamera’s.

Ga je dan in een vol restaurant in discussie? Bijzonder ongemakkelijk, vindt Dong. Ze zeggen: „ik heb ervoor betaald”. Of: „anders gooien jullie het toch weg”. Nee, vindt Dong, als u meer bestelt dan u op kunt en dat vervolgens stiekem meeneemt, is dat stelen.

Restauranteigenaar Liang Dong

Kan hij niet beter à la carte gaan serveren? Dong zegt dat gasten juist de vele verschillende gerechten waarderen.

Een vader en dochter aan de tafel naast ons geven Dong helemaal gelijk, al geeft de vader toe op skivakantie tijdens het ontbijt in het hotel een broodje te smeren voor de lunch.

Het stel aan onze andere zijde is vaste gast in Hana – ze komen zeker twee keer per maand. Zij zien regelmatig dat klanten onder tafel prutsen met plastic zakjes. Ze vinden het gênant maar zullen er niet snel iets van zeggen.

Dong zou het liefste hebben dat gasten elkáár aanspreken of het aan bediening melden. Hij kan niet in tassen gaan loeren of aan jaszakken voelen. Maar hij snapt ook dat dat eng kan zijn. „Je krijgt zo een grote bek terug.”

Zelf vond hij het ook spannend om een bericht op Facebook te zetten. De Chinese cultuur is meer van de-escaleren, zegt hij. Maar hij was de brutaliteit van sommige klanten zat en zoekt toch de confrontatie. En waarom niet, mag hij niet ook eens brutaal zijn?

Sheila Kamerman doet wekelijks ergens vanuit Nederland verslag

Source: NRC

Previous

Next