Home

Waar de VS op uit zijn in gesprek met Iran is nog een raadsel, maar de eisenlijst is lang

De VS en Iran gaan vrijdag in Oman met elkaar praten. De vraag is: waarover? De Iraniërs hebben maar één agendapunt, de Amerikanen minstens vier. Het maakt de kans van slagen er niet groter op.

schrijft vanuit Istanbul over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.

Het duiden van de onderhandelingen vrijdag in Oman tussen Iran en de Verenigde Staten is lastig. De inzet van het regime in Teheran is zo ongeveer wel duidelijk, maar wat de Amerikanen willen niet. Ze lijken verschillende troeven tegelijk uit te spelen. Misschien hopen sommigen in Washington zelfs dat de onderhandelingen mislukken.

Wat de Iraniërs voor ogen hebben, is tijdrekken en voorkomen dat de opgestoomde Amerikaanse oorlogsvloot in actie komt. Geen aanval, want ze weten drommels goed dat ze strategisch, economisch en politiek zwak staan, zeker na de Israëlische en Amerikaanse luchtaanvallen van juni en na de bloedig neergeslagen protesten vorige maand. Onderhandelingen zijn in de eerste plaats in hún belang, hoe (misplaatst) zelfverzekerd hun retoriek ook is.

Ook hopen de Iraanse leiders op verlichting van het sanctieregime. Daarom zijn ze bereid tot concessies op nucleair gebied, maar meer ook niet. Over Irans langeafstandsraketten met name valt wat hen betreft niet te praten, noch over hun steun aan de ‘proxy’s’, bevriende milities in de regio, zoals Hamas, Hezbollah en de Houthi’s.

Amerikaanse openingszet

Dan de Amerikanen. Sowieso maakt het een merkwaardige indruk dat ze überhaupt over Irans nucleaire programma willen praten. Daarmee pakken ze in feite de draad op die in 2018 door president Donald Trump in diens eerste termijn was doorgeknipt, namelijk die van het zogeheten Joint Comprehensive Plan of Action (JCPoA).

Bedenk echter, zegt Iran-expert Rouzbeh Parsi van de Universiteit van Lund in Zweden, ‘dat hij het JCPoA niet om inhoudelijke redenen heeft opgezegd, maar puur uit jaloezie, omdat zijn voorganger Barack Obama het akkoord had gesloten’.

Bovendien heeft de Amerikaanse gezant Steve Witkoff meer noten op zijn zang, als hij vrijdag tegenover de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken Abbas Araghchi zijn openingszet doet. De Amerikanen willen ook dat Teheran de steun aan de proxy’s staakt en dat het zijn raketarsenaal kortwiekt, een punt waarop de Israëlische premier Benjamin Netanyahu ongetwijfeld heeft gehamerd toen Witkoff hem dinsdag bezocht. Zolang Iraanse raketten Israël kunnen bereiken, blijft het land kwetsbaar.

Druk van buiten

Gerust zijn de Israëliërs er niet op. Witkoffs bezoek ‘heeft de vrees van de Israëlische leiders dat de VS een deal over alleen de nucleaire kwestie zullen sluiten niet weggenomen’, aldus nieuwssite Al-Monitor. ‘De Joodse staat probeert de Amerikanen ervan te overtuigen dat ze de Iraanse bluf moeten doorzien.’ Van twee handen op één Amerikaans-Israëlische buik lijkt in dit geval geen sprake te zijn.

Israël is bovendien niet de enige externe partij die druk uitoefent. Ook Turkije, Qatar en andere Golfstaten spelen een rol. Zij willen koste wat kost voorkomen dat het dreigement van de Iraanse leider Ali Khamenei wordt bewaarheid, namelijk dat een aanval van de VS op Iran zal uitmonden in een regionale oorlog.

Zo is er de afgelopen dagen heel wat afgebeld tussen Ankara en Washington. De Turken vrezen een vluchtelingenstroom via de Turks-Iraanse grens. Rond Gaza heeft Trump bewezen niet ongevoelig te zijn voor de Turks-Arabische wensen.

Beschermen van de betogers

Dan hebben de VS nog iets op hun eisenlijstje, namelijk ‘beschermen van de betogers’. Dat is rijkelijk laat, dus wat betekent het? In ieder geval klinkt het aanzienlijk zwakker dan ‘hulp is onderweg’, wat Trump begin januari de demonstranten in Iran beloofde terwijl ze door de Revolutionaire Garde werden neergemaaid.

De vraag is welke rol de mogelijkheid van een nieuwe protestgolf, en de daarmee samenhangende optie van een regimewisseling, speelt in de calculatie van de Amerikanen. Daarover komen tegenstrijdige geluiden naar buiten. De les van de twaalfdaagse oorlog in juni was dat luchtaanvallen niet vanzelf resulteren in een volksopstand.

Anderzijds hoorde persbureau Reuters van bronnen binnen het Iraanse staatsapparaat dat het regime vreest dat een Amerikaanse aanval zijn greep op de macht zou kunnen breken door de bevolking opnieuw de straat op te drijven. Ayatollah Khamenei zou te horen hebben gekregen dat de publieke woede een punt heeft bereikt waarop angst geen afschrikking meer vormt. ‘Mensen zijn extreem boos’, zei een van de functionarissen. ‘De muur van angst is ingestort.’

Seinen op rood

Het zou goed kunnen dat althans sommigen in het Witte Huis kans zien voor zo’n scenario, mochten de gesprekken in Oman op niets uitlopen. Neem minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio, zegt Iran-expert Parsi. Die is geen aanhanger van Trumps Make America Great Again-beweging, maar ‘een ouderwetse neoconservatief’. ‘Voor hem is er geen dag in het jaar dat het níét goed zou zijn Iran te bombarderen. Hij kijkt niet uit naar deze onderhandelingen. Ik denk dat hij hoopt dat ze niet zullen slagen.’

Woensdag leek het er even op dat de ontmoeting helemaal niet zou doorgaan, vanwege onenigheid over de beoogde locatie, Istanbul. Iran kwam opeens aanzetten met Oman, wat voor de Amerikanen aanvankelijk onaanvaardbaar was.

Als zo’n detail al tot een mislukking kan leiden, wat dan te denken van armpjedrukken over verrijkt uranium en langeafstandsraketten? Trump zette donderdag al de toon. Khamenei moet zich ‘ernstig zorgen maken’.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next