Begrijp haar niet verkeerd. Marlieke van Schalkwijk (29) vindt het raadswerk fantastisch. Iedereen, denkt ze, zou het eens in z’n leven moeten doen, het volk vertegenwoordigen in de gemeenteraad. Toch is ze volgende maand niet herkiesbaar.
Als je iets wil bereiken, vertelde ze vierenhalf jaar geleden, dan moet je de politiek in. We zaten in haar achtertuin en Van Schalkwijk, amper een jaar actief in de lokale politiek, was toen net aangewezen als lijsttrekker van de PvdA in IJsselstein en ik wilde weten waarom ze dat wilde. Ze had politicologie gestudeerd en zich ingezet voor vluchtelingen. Maar, zei ze optimistisch, ze was erachter gekomen dat ze om écht iets te betekenen raadslid moest worden.
Ik volgde de raad van IJsselstein toen een poosje en hoorde vaak het tegenovergestelde. IJsselstein, een in veel opzichten gemiddelde gemeente, was trots op haar zelfstandigheid, maar twijfelde er ook over. Den Haag had allerlei taken over de schutting gegooid, maar eigenlijk, zeiden raadsleden, hadden ze daar weinig over te zeggen. De taken waren vaak zó complex dat ze door meerdere gemeenten samen gedaan werden, waar raadsleden dan van een afstandje wat van konden vinden. En welke partij ik het ook vroeg, allemaal hadden ze moeite om mensen te vinden die de raad in wilden. Dus dat bij de PvdA een jonge, enthousiaste vrouw haar hand had opgestoken was een klein wonder.
Waarom stopt ze na één periode? In de bus naar IJsselstein denkt de pessimist in mij dat het enthousiasme en optimisme van toen vast zijn gebotst met de realiteit van gemeenschappelijke regelingen, samenwerkingsverbanden, lange avondvergaderingen, begrotingscycli en kadernota’s. Droom, daad, Elsschot, enzovoort.
Het ligt anders. Boven een kop thee in een hip zaakje in het centrum van IJsselstein is ze nog enthousiaster dan in de achtertuin. Het wás geweldig. Ze hééft dingen bereikt. Ze maakte het bijvoorbeeld, vanuit de oppositie, eenvoudiger om toeslagen aan te vragen bij de gemeente. Kreeg na lang ploeteren en „talloze kopjes koffie” met andere raadsleden haar plan om de veiligheid van vrouwen op straat te verbeteren door de raad – „ergens een lamp kan net het verschil maken”. En in tijden van polarisatie zag ze hoe het ook kon: „Dit is een omgeving waar je héél erg met elkaar van mening verschilt, maar na afloop toch samen een borrel kunt drinken.”
Laatst had een vrouw haar bedankt. Ze was arm geweest, in de raad had Van Schalkwijk een paar keer geagendeerd waar zij tegenaan gelopen was, soms had ze de vrouw wat adviezen gegeven. Zóveel was het ook weer niet, dacht ze. Maar voor de vrouw had het uitgemaakt. Was dat niet waar het om ging, „dat je als iets raadslid iets kunt doen voor mensen”?
Dus nee, ze is helemaal niet gedesillusioneerd, ze gelooft juist „nog veel meer in de kracht van lokale politiek”. Alleen: als raadslid stuur je bij, maar bepaal je niet de koers. Daarvoor, weet ze nu, moet je aan de knoppen zitten, zodat ze kan zeggen: zó gaan we het doen. „Juist op lokaal niveau kunnen wethouders opstaan en mensen helpen.” Van Schalkwijk is niet klaar met de politiek. Ze begint pas.
Mark Lievisse Adriaanse vervangt deze week Gemma Venhuizen
Source: NRC