Home

Clubs zuchten onder blessuregolf: ‘Dat continu optrekken en afremmen vergt enorm veel van die spieren’

Zondagmiddag neemt PSV het thuis op tegen Feyenoord. Bij beide clubs tobben opvallend veel spelers met hun fitheid. Is dat toeval? Is het te voorkomen? Acht vragen over blessureleed, die onuitroeibare kwelgeest van het voetbal.

is voetbalverslaggever van de Volkskrant.

Neemt het aantal blessures toe?

Harde cijfers voor de eredivisie ontbreken. Verzekeraar Howden deed in 2024 wel onderzoek naar de vijf grootste competities, en constateerde een gestage toename.

Op de website transfermarkt.nl hebben de meeste eredivisieclubs drie tot zes rode plusjes in het overzicht van de beschikbaarheid van spelers over alle wedstrijden tot nu toe in dit seizoen. Een rood plusje betekent: afwezig door blessure.

Bij de clubs die Europees voetbal speelden, stikt het van die plusjes. Bij Feyenoord gaat het – mede door de kwetsuur van Shaqueel van Persie, die donderdag uitviel in de Europa League-wedstrijd tegen Betis Sevilla – richting de twintig; PSV heeft er rond de tien, Ajax zit daartussenin. Ook AZ en FC Utrecht hebben meer blessures dan clubs die niet Europees spelen. Bij Go Ahead Eagles valt het relatief mee, al zijn de blessures daar wel langduriger van aard.

Komt het door de toename van het aantal Europese wedstrijden?

Sinds het seizoen 2024-2025 is er een nieuwe opzet van Europese toernooien, waardoor deelnemers aan de Champions League en de Europa League minimaal acht wedstrijden spelen, in plaats van zes. Sommige clubs werken daarvoor ook nog voorronden af. Maakt twee wedstrijden extra zo’n groot verschil?

‘Hoe meer wedstrijden, hoe meer blessures,’ zegt Edwin Goedhart, medisch manager en teamarts bij de KNVB. ‘Er zijn meer contactmomenten, de spieren moeten extra werken. Spelers krijgen minder tijd om fysiek en mentaal te herstellen. En er wordt meer gereisd, wat ook energie kost. Die twee midweken waarin ze nu geen rust hebben, kunnen zeker een verschil maken.’

Vooral bij Feyenoord is het dit en vorig seizoen een waar slagveld. In de jaargang ervoor, met de oude opzet met zes poulewedstrijden, had de medische staf het minder druk. Bij PSV en Ajax is het aantal blessuregevallen in de laatste drie seizoenen daarentegen redelijk gelijk gebleven.

Valt er niet in te spelen op een vollere speelkalender?

De meest logische oplossing voor het grote aantal wedstrijden: zorg dat je meer spelers hebt. Maar dat is in alle opzichten een dure grap, zeker als je spelers van min of meer gelijk niveau wilt.

Ontevredenheid ligt bovendien sneller op de loer. De net gestopte oud-international Erik Pieters, met ruime ervaring in Nederland en Engeland: ‘Je kunt wel een selectie van veertig man samenstellen, maar dan zijn er 29 ontevreden. Dat werkt niet.’ Clubs hebben bovendien meer personeel nodig om al die spelers fit te houden.

Frank Arnesen, voormalig technisch directeur van Feyenoord en PSV (en thans commissaris bij PSV): ‘De trainer zal toch meestal voor de beste elf kiezen, anders krijgt hij kritiek. Elke wedstrijd is tegenwoordig van levensbelang.’

Feyenoord-trainer Robin van Persie gaf in de eerste Europa League-wedstrijd, tegen Sporting Braga, veel basisspelers rust. Niet zo heel gek, gezien de vele blessures in het seizoen ervoor. Maar Feyenoord verloor, en de druk kwam erop te staan. In elke analyse over het verval van Feyenoord van de afgelopen maanden wordt die beslissing aangehaald.

Wat ook niet helpt, is dat selecties steeds meer een bonte mix van nationaliteiten en culturen zijn geworden. En communicatie is bij blessurepreventie en -behandeling juist essentieel. Pieters: ‘Ervaren Nederlandse spelers zijn mondig, die geven het vaak wel aan als ze ergens last van hebben. Maar jonge spelers durven het vaak niet, en bij spelers uit sommige culturen is het ongebruikelijk om dat te doen.’

Tussentijds bijsturen door frisse benen te halen in de winterse transferperiode is riskant. Uit onderzoek blijkt dat juist de vele wisselingen in de selectie oorzaak zijn van veel blessures. Goedhart: ‘Spelers moeten wennen aan een andere manier van trainen, aan de omgeving, de trainers, de medische staf. Ze hebben aanpassingstijd nodig, maar die tijd krijgen ze niet.’

Arnesen: ‘Iemand is zo al snel een ‘miskoop’. Spelers gaan zich forceren. Daar moet je heel voorzichtig mee zijn.’

Casper van Eijck, voormalig clubarts van Sparta en Feyenoord, vindt dat clubs goed naar het blessureverleden van een speler moeten kijken. ‘Is hij veel geblesseerd geweest, dan kan hij het toch niet aan. Dan kun je beter een jeugdspeler of een ervaren kracht opstellen dan een gokje nemen met iemand van buitenaf.’

Is een goede voorbereiding de sleutel voor een fitte selectie?

Volgens Van Eijck heeft een blessuregolf altijd meerdere oorzaken. Die van vorig seizoen bij Feyenoord zag hij al in de voorbereiding ontstaan.

Een week voor de competitiestart streden de Rotterdammers tegen PSV om de Johan Cruijffschaal. Maar Feyenoord speelde in aanloop naar die wedstrijd eerst nog in Lissabon tegen Benfica. Zaterdagochtend werd er getraind, zaterdagmiddag landde het team op een vliegveld ver buiten Lissabon, en na een lange busreis werd Feyenoord ‘helemaal zoek gespeeld’ door Benfica.

Vervolgens was er de woensdag erop nog een zware thuiswedstrijd tegen Monaco en daarna dus de strijd met PSV, die uitliep op een strafschoppenserie.

Van Eijck: ‘Die jongens begonnen opgebrand aan het seizoen. Dan vallen er een paar om en wordt er extra veel gevraagd van de anderen. Die vallen dan ook langzaam om. De trainer gaat zijn trainingen aanpassen aan de zwakste schakels. Zo wordt het een soort vicieuze cirkel. Daarnaast hebben ze ook veel wisselingen gehad in de fysieke staf; dat helpt vaak ook niet mee.’

Wie bepaalt of een speler fit genoeg is om te spelen?

In principe is de hoofdtrainer de eindverantwoordelijke. In een ideale wereld stemt hij alles keurig af met de professionals op medisch gebied. Vroeger was er alleen een clubarts; later kwamen daar fysiotherapeuten, voedingsdeskundigen, performancecoaches en inspanningsfysiologen bij. Inmiddels zijn er bij PSV en Feyenoord zo’n tien man in dienst om de spelers fit te houden.

Samenwerking is cruciaal. Sommige clubartsen hebben geen hoge pet op van inspanningsfysiologen en prestatietrainers, de nieuwste loten aan de stam. Arnesen: ‘Er moet veel vertrouwen zijn. Daarom zie je dat toptrainers niet alleen vaste assistent-trainers meenemen naar een nieuwe club, maar ook een vast fitheidsteam. Er kan makkelijk ruis ontstaan. Je zult het niet altijd eens zijn.’

Het is nog steeds niet helemaal te voorspellen hoe spieren reageren, en dat is ook nog eens per persoon verschillend. Daarom beland je bij de vraag of een speler inzetbaar is soms in een grijs gebied.

Daarnaast evolueert het voetbal voortdurend. ‘Intensiteit’ is het modewoord onder coaches. PSV-trainer Bosz en zijn Feyenoord-collega Van Persie eisen van hun spelers dat ze veel en in hoog tempo bewegen met en zonder bal, de hele wedstrijd door.

Goedhart: ‘Het is allemaal kort, explosief werk geworden. Ik vergelijk het met het stadsverkeer: je moet continu optrekken en afremmen. Dat vergt enorm veel van die spieren. Vaak zie je: zijn de resultaten goed, dan kan iemand best even rust krijgen. Maar onder druk gaat alles glijden; wat eerst ondenkbaar was om te doen met een geblesseerde speler, wordt dan toch een optie.’

Pieters weet precies hoe dat gaat. ‘De trainer zegt dan: ik weet dat je nog niet fit bent, maar ik heb je nodig. Je komt er alleen in nood een kwartiertje in. Maar als de speler op jouw positie dan na tien minuten uitvalt, gaat de trainer je echt roepen en kun je niet weigeren. Dan speel je zonder goede warming-up alsnog bijna een hele wedstrijd.’

Toen Feyenoord in een vrije val raakte, prees Van Persie zijn spelers Luciano Valente en Gijs Smal, die ondanks blessures toch meededen tegen FC Twente, ‘voor het team’. Smal kon voor de wedstrijd tegen Twente ‘niet eens zijn been optillen’, zei Van Persie.

Smal ligt er nu geblesseerd uit. Valente, afgelopen zomer overgekomen van FC Groningen, viel vorig weekeinde met kramp uit. Givairo Read speelde na een hamstringblessure direct negentig minuten en raakte opnieuw geblesseerd.

Ook bij PSV moeten net opgelapte spelers weer aan de bak. Anass Salah-Eddine kwam terug van de Afrika Cup, waar hij een tumultueuze finale had verloren, en viel bij PSV direct uit. Guus Til had al langer last van zijn knie, maar werd toch weer opgesteld, want in de spits heeft Bosz door allerlei blessuregevallen geen opties meer.

Hoe kan de speler zichzelf beschermen?

De zeer getalenteerde Frank Arnesen raakte op zijn 25ste zo zwaar geblesseerd aan zijn knie dat hij nooit meer zijn oude niveau haalde. Toch speelde hij nog lang door. De inmiddels 69-jarige Deen heeft er nog steeds last van. ‘En nu is die andere knie aan het kloten, omdat die alles moest opvangen.’

Toch heeft hij geen spijt. ‘Ik heb er alles aan te danken. Maar we wisten toen minder dan nu, wat betreft behandeling en preparatie.’

Spelen met pijn is evenwel nog steeds normaal. Pieters: ‘Een blauwe teennagel, een lichte spierscheuring, een kneuzing, een ijsbeentje, een griepje: daar ga je gewoon mee spelen. Ik heb zelfs weleens met een hernia doorgespeeld; op een gegeven moment slikte ik drie, vier pijnstillers en een maagbeschermer.’

Waarom? ‘Ik zat in een lekkere flow. Je carrière is maar kort, je wilt er alles uit halen, je verdient goed en wilt de club en supporters terugbetalen. Ik ben echt ontzettend vaak vroeg op de wedstrijddag naar de club gekomen om te testen of ik toch niet kon spelen. En dan was ik nog een speler die zuinig was op zijn lijf.’

Spelers zijn bang om hun plek te verliezen, of een mooie transfer mis te lopen. Of bang dat ze te boek komen te staan als ‘een pieperd’.

Volgens zaakwaarnemer Guido Albers is het raadzaam dat spelers investeren in een persoonlijk behandelaar. ‘Die kent jouw lichaam het best en kan je de hele dag behandelen. Dat kost veel geld; topspelers investeren daar allemaal in.’

Er kan strijd ontstaan als een club dat niet toestaat. ‘Die clubs hebben hun eigen medici. Alleen hebben die niet alle tijd voor die speler als die geblesseerd raakt, want ze moeten ook nog andere spelers behandelen.’

Goedhart ziet juist de negatieve effecten van overbehandeling. ‘Meer is niet altijd beter. Het lichaam heeft soms gewoon rust nodig.’

Pieters adviseert spelers altijd om een second opinion te vragen. ‘Maar dat stuit toch vaak op weerstand bij een club.’

Zijn sommige blessures pech?

Trainers maken vaak onderscheid tussen spierblessures en blessures die ontstaan door fysiek contact of een ongelukkige val. PSV-spits Ricardo Pepi viel bijvoorbeeld ongelukkig en brak zijn arm. Ze stellen dat deze zogeheten contact- of valblessures een kwestie van pech zijn.

Maar ook hier kan een gebrek aan mentale of fysieke fitheid aan ten grondslag liggen, stellen experts. Goedhart: ‘Door vermoeidheid kan je coördinatie minder worden waardoor je net niet dat duel goed aangaat, of net even verkeerd valt.’

Hebben resultaten invloed op het aantal blessures?

Teams waarbij het slecht gaat, hebben doorgaans meer blessures, zo luidt een bekende theorie. Liverpool-coach Arne Slot omarmde die afgelopen dinsdag tijdens een persconferentie: ‘We hebben in elke wedstrijd tot het einde moeten vechten. Als je dan een dubbel programma hebt, is het geen grote verrassing dat spelers moe raken.

‘Ik moet steeds dezelfde spelers opstellen, in moeilijke omstandigheden met veel kritiek. Dat doet mentaal iets met je. Ik kan veel voorbeelden geven van spelers die door die combinatie geblesseerd zijn geraakt.’

Slot luistert naar de medische staf, ‘maar soms neem ik ook mijn eigen beslissing. Er is dit seizoen een speler geweest die eigenlijk gewisseld had moeten worden, maar ik liet hem staan en hij scoorde. Je moet ook je eigen ogen gebruiken. Afgelopen weekend zag ik dat Jeremie Frimpong moe was. Ik praat met mijn spelers en weet hoe ze zich voelen. Dat neem je allemaal mee.’

Een dag later stelde Slot Frimpong toch op. Hij raakte na vier minuten geblesseerd.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next