Rijangst komt vaker voor dan gedacht, vooral onder jongere automobilisten. Ze hebben een rijbewijs, maar vermijden de snelweg of rijden liever niet in het donker. Speciale cursussen kunnen uitkomst bieden.
Haar aandacht vernauwt tot wat zich in haar zijspiegel afspeelt. Zenuwen. Een blauwe auto komt steeds dichterbij. Of lijkt dat maar zo? Haar handen klampen zich vast aan het stuur. Haar ringvinger op de richtingaanwijzer. Klaar om van rijbaan te wisselen. Is dit wel het juiste moment? Of is die kans door het getwijfel voorbij? Plotseling gaat ze vol in de ankers. Het rode stoplicht was bijna aan haar aandacht ontsnapt.
Tunnelvisie, zenuwen en nare kriebels in de buik, zo omschrijft Femke (41) haar rijangst. Ze heeft haar rijbewijs, maar durft niet van Zuid-Holland naar haar ouders in Drenthe te rijden. Daarom gaf ze zich op voor de cursus ‘rijangst overwinnen’. In de lesauto van rijangstcoach Johanna van Zwol van Verkeerscentrum Zoetermeer probeert Femke op een koude, maar zonnige vrijdagmiddag de vrijheid terug te winnen die de auto haar gaf.
Ze wil niet met haar achternaam in de krant. ‘Het voelt als falen. En ergens ook heel stom omdat je het misschien niet zo heel vaak hoort.’
Toch hebben veel meer mensen met een rijbewijs angst om de weg op te gaan. Veel rijscholen bieden ook speciale opfriscursussen aan voor bange bestuurders. En het beeld komt naar voren in een onderzoek van verzekeringsmaatschappij Ohra. Voor 6 procent van de 1.000 ondervraagden is het gevoel van onzekerheid in de auto groter dan dat van zekerheid.
Het blijkt lastig exacte getallen te noemen. ‘Je belandt al gauw in een discussie over het verschil tussen rijangst en doorsnee onzekerheid’, zegt Jan van den Berg, psycholoog bij angstbehandelcentrum Ipzo. ‘In kleinschalige onderzoeken zagen we dat ongeveer 1 op de 7 bestuurders gedrag vertoont dat wij omschrijven als vermijdend voorzichtig. De helft van die groep vermijdt vrij hardnekkig het gebruik van de auto.’
Van den Berg ziet steeds meer jongere bestuurders kampen met rijangst. ‘Waar in het verleden dit vooral speelde bij bestuurders boven de 40 jaar, zien we nu steeds meer twintigers en dertigers kampen met rijangst. Faalangst speelt een rol, net als gevoeligheid voor paniekaanvallen.’ Bij veertigers zijn burn-outachtige klachten de boosdoener. ‘En vanaf het 60ste levensjaar beginnen vaak de ouderdomsonzekerheden.’
De psycholoog behandelt voornamelijk complexe problematiek. ‘De milde gevallen verwijzen we door naar gespecialiseerde rijscholen.’ De angst ziet hij in verschillende situaties tot uiting komen. ‘De een durft niet in de drukte te rijden, de ander vermijdt het donker of slecht weer. Ook durft een deel niet op de bijrijdersstoel plaats te nemen. Anderen vermijden de snelweg. Sommigen zijn angstig door ouderdom of omdat ze een ongeluk hebben gehad.’
Zo ook Femkes rijangst. Het begon na een ongelukje in de wasstraat. Ze kreeg de wielen van haar hybride Toyota niet goed in de rails. Een stressvolle situatie. ‘Het was druk en die mensen waren geïrriteerd dat het me niet lukte. Ik ging vooruit, achteruit, maar ik voelde een hobbeltje en gaf daardoor te veel gas.’
Ineens klonk een klap. Het was de auto achter haar. ‘Het voelde als een bevestiging van mijn onzekerheid: zie je wel, ik kan niet goed autorijden.’ Haar bekroop het besef dat het flink mis kan gaan in het verkeer. ‘Dat voelt kwetsbaar.’
Femke kan goed rijden, maar haar emoties werken haar tegen. ‘Voor deze groep zijn reguliere opfrislessen niet effectief’, zegt Marjan van Bijssum, mede-oprichter van Rijangstlabel, de beroepsvereniging voor rijangstcoaches. ‘Een gespecialiseerde coach helpt bij het wegnemen van een irreële angst die je niet kunt wegredeneren.’
Ze ziet een verband tussen de angst en de achterliggende oorzaak. ‘Snelwegangst gaat bijna altijd gepaard met overbelasting- en burnoutklachten’, zegt ze. Oorzaken kunnen variëren van faalangst, routinegebrek en paniekstoornissen tot trauma’s.
Die verscheidenheid ziet rijcoach Van Zwol dagelijks in haar rijschool. De helft van haar werkdag begeleidt ze mensen met rijangst. Met haar cursisten doet zij vooraf een intake om in te schatten waar de emotionele behoefte ligt. ‘Ook geven we een stukje psycho-educatie mee. We leggen onder meer uit dat je niet kan flauwvallen, iets waar sommigen bang voor zijn.’
Ze ziet dat cursisten zich vaak schamen en dat er lang niet altijd begrip uit de omgeving is. ‘Je hebt toch een rijbewijs’, zeggen mensen dan, ‘ga gewoon rijden’. Maar die stap is vaak te groot. Dan denkt iemand: laat maar zitten.’
De les van Femke is halverwege. Ze zet de lesauto bij een informatiebord aan de kant. Even rust. Het laatste onderdeel van de les dient zich aan en Van Zwol vindt dat het Femke best goed afgaat. Ze mag een stapje verder. Dus wil ze er een ervaring bij Femke ‘opzetten’. ‘Als je twijfelt of je van rijbaan kunt wisselen en ik geef aan dat je wel kunt gaan, dan ga je’, zegt Van Zwol. ‘Girl power!’ Femke kijkt nog wat vertwijfeld. ‘Ik weet niet wat mijn instinct dan doet’, zegt ze. ‘Maar goed. Als jij het zegt, dan ga ik.’
Zo peilt Van Zwol wat cursisten durven met begeleiding. ‘Daar mag je best een beetje spanning bij voelen. Als je het maar op een rustig moment afstemt en iemand zeker niet duwt. Met haalbare stapjes en positieve ervaringen kom je steeds verder.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant