Geopolitiek Het moet mogelijk zijn om in Europe datacentra neer te zetten die onafhankelijk zijn van de Amerikaanse techbedrijven, zegt Florian Witsenburg. Vooral nu de VS een onvoorspelbare partner zijn gebleken.
Nederland, Middenmeer, 12-03-2024.Datacenter van Microsoft in aanbouw in Middenmeer.foto: Olivier Middendorp
Afgelopen week werd bekend dat Microsoft exclusief drie nieuwe datatorens in Amsterdam zal gaan gebruiken. Ook riep eerder de mogelijke betrokkenheid van het Amerikaanse bedrijf Kyndryl bij DigiD veel vragen op. Openlijk wordt de vrees uitgesproken: hoe afhankelijk zijn wij van Amerikaanse techbedrijven?
Florian Witsenburg is directeur van dataplatform Tygron.
Tegen die achtergrond interviewde NRC onlangs de directeur Benelux van de grootste cloudleverancier, die beloofde te gaan zorgen voor een „volledig soevereine Europese cloud”: onafhankelijk, in Europese handen en buiten bereik van de Amerikaanse overheid. Met „soeverein” bedoelt AWS, oftewel Amazon: volledig onder Europese wetgeving, autonomie en controle. Maar wie het interview met Danielle Gorlick zorgvuldig leest, ziet vooral wat er níét wordt gezegd.
Op de vraag hoe Amazon kan garanderen dat AWS geen bevelen van de Amerikaanse regering hoeft te volgen onder bijvoorbeeld de Cloud Act, die Amerikaanse techbedrijven verplicht data te verstrekken bij strafrechtelijk onderzoek, antwoordt Gorlick: „De Amerikaanse overheid heeft [met de Cloud Act] niet zomaar onbeperkt toegang tot data. Er zijn strikte eisen; zo moet dan onder meer aannemelijk worden gemaakt dat data waarschijnlijk voor een misdrijf zijn gebruikt.” Dat klinkt geruststellend, maar laat een fundamenteel punt onvermeld: de Amerikaanse overheid bepaalt zelf wat als misdrijf geldt.
Het interview laat onbesproken hoe „soeverein” een Europese cloud kan zijn zolang een Amerikaanse president via export controls de levering van digitale diensten kan blokkeren wanneer Europese organisaties of landen „tegen Amerikaanse belangen handelen” Wanneer handelen Europese overheden tegen Amerikaanse belangen? Als het International Criminal Court (ICC) Amerikaanse bondgenoten onderzoekt? Als Europa militair actief wordt in Groenland?
De recente retoriek van Donald Trump over een mogelijke annexatie van Groenland onderstreept dat Amerikaans beleid niet meer altijd samenvalt met Europese belangen en ook niet altijd voorspelbaar is.
Digitale soevereiniteit betekent dat een land volledig onder eigen wetgeving beschikt over zijn digitale infrastructuur, technologie en data. Dat is precies wat Europa nu níét heeft.
Europa draait vrijwel volledig op Amerikaanse digitale infrastructuur. Microsoft Azure, Amazon Web Services en Google Cloud beheersen samen ongeveer 70 procent van de Europese cloudmarkt. Dat is het digitale fundament onder bijvoorbeeld kritieke maatschappelijke functies als defensie, ziekenhuizen en openbaar vervoer.
De mogelijke impact van deze afhankelijkheid is groot. De wereldwijde Microsoft Azure-uitval van 29 oktober 2025 trof luchtvaartmaatschappijen, energieleveranciers, ziekenhuizen, overheidsinstanties, universiteiten en beheerders van kritieke infrastructuur. Wat toen een technische storing was, maakt duidelijk hoe ontwrichtend een doelbewuste afsluiting zou kunnen zijn.
Is een gerichte afsluiting dan ondenkbaar? Die mogelijkheid kan niet langer volledig worden genegeerd. In februari 2025 werd het e-mailaccount van ICC-hoofdaanklager Karim Khan door Microsoft geblokkeerd na een presidentieel besluit van Trump, vanwege Khans onderzoek naar mogelijke oorlogsmisdaden in Gaza. Het ICC stapte noodgedwongen over van Microsoft naar openDesk, een Europees alternatief.
Nederlandse overheden zelf hebben jarenlang actief gestuurd op grootschalige datacentra (hyperscalers genoemd) waarbij inkooporganisaties het uitgangspunt „Microsoft, tenzij” hanteerden. Alleen als Microsoft iets écht niet kon, werd een alternatief overwogen. En Microsoft kan heel veel, eigenlijk alles. Het biedt e-mail, samenwerking, opslag, beveiliging, back-ups en beheer in één pakket. Het innoveert snel, vooral rond AI, en beschikt over enorme kennis en capaciteit.
Toen de Belastingdienst ondanks privacybezwaren en parlementaire kritiek zijn digitale werkplek naar Microsoft verhuisde, verantwoordde staatssecretaris Heijnen dit met de constatering dat „geen enkel geschikt Europees alternatief voldeed aan de technische, juridische en functionele eisen”. Zo kwamen er nauwelijks alternatieven van de grond.
Onderzoek van Binnenlands Bestuur laat zien dat 35 procent van de Nederlandse gemeenten zich té afhankelijk van Microsoft voelt, en 37 procent zou overstappen als er een goed alternatief zou zijn. Maar slechts 9 procent van de gemeenten acht een overstap haalbaar. Delft noemt een Europees alternatief letterlijk „een utopie”.
Waar ligt de uitweg dan wel? Niet in één Europees datacentrum dat alles kan. Dat bestaat niet – en zal er waarschijnlijk ook nooit komen. De werkelijke uitweg heeft twee pijlers: interoperabiliteit via open standaarden (de mogelijkheid om tussen diensten te wisselen en data te delen) én een realistisch stappenplan om daaraan te bouwen. Europese alternatieven bestaan. Niet als één allesomvattend pakket, maar als losse diensten die bewust zo zijn ingericht dat ze met elkaar kunnen samenwerken.
De uitweg is paradoxaal. De digitale systemen van overheden zijn diep verweven met Amerikaanse platforms. Microsoft heeft in tientallen jaren een volledig geïntegreerd ecosysteem opgebouwd waarin e-mail, documenten, samenwerking, beveiliging en beheer in elkaar grijpen. Daar los van komen kost tijd en langdurige toewijding. Het initiatief voor een Nederlandse cloud dat deze week werd aangekondigd is een goede eerste stap.
We moeten eenvoudig beginnen. Het ICC-voorbeeld laat zien dat overstappen mogelijk is wanneer het urgent wordt — niet door alles tegelijk te vervangen, maar door stap voor stap onderdelen los te trekken.
In plaats van één alles-in-één-pakket van één leverancier, kunnen overheden kiezen voor losse diensten die via vaste afspraken goed met elkaar samenwerken. Daarmee blijft het gebruiksgemak behouden, terwijl data onder Europese wetgeving blijft en eenvoudig kan worden verplaatst. Zo voorkom je afhankelijkheid van één of enkele dominante aanbieders, waar je nauwelijks nog van loskomt zodra prestaties verslechteren of prijzen stijgen. Het vraagt een lange adem, maar het is de hoogste tijd dat Europa begint.
Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.
Source: NRC