Home

Laten we rouwen om de postbode

De lezersbrieven! Over het motto van het kabinet, havisten, het protestlied van Bruce Springsteen, polarisatie, Shell, de misdaden begaan tegen vrouwen en meisjes in Nederlands-Indië, een begin tegen pesten en advertenties voor groepsreizen per vliegtuig naar het verre buitenland.

Pakketbezorgers gaan ook rouwpost verzorgen. Waar is de tijd gebleven dat de postbode nog een volwaardig beroep was en de eed aflegde om kwaliteit te leveren. Iets wat ze ook in de praktijk waarmaakten. Een beroep om trots op te zijn en dat vaak overging van vader op zoon. De postbode verdiende nog een fatsoenlijk loon waarmee hij een huis kon kopen en een gezin kon onderhouden. De postbode werd gewaardeerd voor zijn inzet (er was nog tijd voor een gezellig feestje in de kantine met verjaardagen en jubilea) en hij voelde binding met het bedrijf. Nu, na verlies van Nederlandse wortels, belangen van aandeelhouders en bestuurders die voorop staan, is de postbode het sluitstuk van de rekening, van de haperende uitvoering. Rouwen maar!
Ronald Wilfred Jansen, Hoogeveen

Aan de slag

‘Aan de slag’. Dat is nog eens een goed regeringsmotto. Het is beduidend beter dan het merkwaardige ‘Hoop, Lef en Trots’ van het kabinet-Schoof, het raadselachtige ‘Werken aan vertrouwen, een kwestie van aanpakken’ (Balkenende I) en het wonderlijke ‘Omzien naar elkaar en vooruitkijken naar de toekomst’ (Rutte IV).

Eén puntje van kritiek: ik had er graag een uitroepteken achter gezien. Aan de slag! Dat is de taal van frisse zin en goede moed, van vroeg uit de veren en we laten ons niet kisten. We zijn niet van suiker en ook niet voor een kleintje vervaard. Hagel en sneeuw, onweer, wind en regen deren ons niet.

Aan de slag! Ik hoop dat deze leus een trend in gang zet, een trend van enthousiaste oer-Nederlandse regeringsleuzen. Geen getalm. Niet langer dralen. Vooruit met de geit. Zet je beste beentje voor. Hoofd omhoog en schouders recht. De handen uit de mouwen. Nog één keertje diep ademhalen. Huppakee!

Met zulke leuzen komt het allemaal voor de bakker. Aan de slag, dus. Met tijd en vlijt geraakt men wijd.
Boudewijn Otten, Groningen

Havisten

Maandaag las ik, zoals bijna altijd, met plezier de column van Sander Schimmelpenninck (‘Niks deal van Rutte’). Tot de slotzin: ‘Een land waarin een jijbakkende havist uit Venlo een ‘briljant debater’ is’. Ook hier was ik het met de strekking eens, maar viel over het woordje ‘havist’.

Ik ben van de tijd vóór havo en vwo maar heb jarenlang met plezier op beide lesgegeven. Met voorkeur voor havo-klassen. Met mijn eigen schimmelpenninckachtige vooroordeel vond ik havoleerlingen, die in hun schoolloopbaan al teleurstellingen hebben meegemaakt, interessanter dan de prinsjes en prinsesjes in de vwo-klassen.

Verschil in capaciteiten merkte ik eigenlijk niet, in die overtuiging gesterkt door onderzoek onder eerstejaars hoger onderwijs. Na het bekijken van een filmfragment van een betoog, kenden vwo-ers meer details, maar wisten de ex-havoleerlingen beter te verwoorden waar het de spreker om ging.

Als havo moet worden getypeerd aan de hand van maar één vertegenwoordiger, dan kan dat met vwo ook: Rutte en Yesilgöz, in hoge mate verantwoordelijk voor onze politieke malaise, hebben beide vwo. En om maar een generatiegenoot van Wilders te noemen: Femke Halsema heeft havo gedaan.
Ameling Algra, Den Haag

Protestlied

Bruce Springsteen heeft een protestlied uitgebracht (Streets of Minneapolis) waarin hij stelling neemt tegen Trump en in het bijzonder tegen het optreden van zijn immigratiepolitie ICE. Springsteen roept zijn landgenoten op om niet toe te kijken, maar om het op te nemen voor de mensen op wie ICE jaagt: ‘We’ll take our stand for this land/and the strangerr in our midst’.

Voor ons land zou je zijn oproep (die hier net zo relevant is als het om partijen als de PVV en zo gaat) kunnen vertalen als ‘Zet je hakken in het zand voor de vreemdeling in ons land’.
René van Druenen, Echt

Polarisatie

Na het lezen van het interview met filosoof en polarisatie-expert Bart Brandsma over polarisatie en de daaropvolgende reactie van Annemarije Hagen„ bleef ik met een ongemakkelijke gedachte zitten. Niet zozeer over de juistheid van het model, maar over wat het begrip ‘polarisatie’ inmiddels lijkt te doen.

In het schema van pushers, joiners en het zwijgende midden krijgt dat laatste impliciet een geruststellende rol toebedeeld: wie zwijgt, draagt bij aan stabiliteit. Hagen laat overtuigend zien dat dit een riskante veronderstelling is.

Zwijgen is niet altijd neutraliteit, en zeker niet altijd onschuldig. In situaties waarin de rechtsstaat onder druk staat of minderheden structureel worden uitgesloten, verschuift zwijgen van positie: van beschouwer naar onderdeel van het probleem.

Wat mij stoort, is dat het begrip polarisatie zo gemakkelijk alle inhoud uit het gesprek zuigt. Door vooral het proces te benoemen, vervaagt de vraag waarover we polariseren en waarom. Daarmee krijgt het zwijgende midden eerder een schouderklopje dan een uitnodiging tot verantwoordelijkheid.

Misschien is het tijd om minder te spreken over polarisatie als verschijnsel. Niet elke polarisatie is immers onrechtvaardig, maar ook is niet elk zwijgen onschuldig. Dus laten we praten over het moment waarop zwijgen niet langer een deugd is.
Franck Verhoeks, Overberg

Shell

Het is inmiddels wel duidelijk dat de bekende kreet ‘Shell helpt’ alleen voor de aandeelhouders bedoeld is .
Jaap Cornelissen, Ermelo

Koloniale schuld

De weinige keren dat ik door de Indië-albums van mijn vader bladerde, bleef mijn aandacht steken bij die ene foto. Een ‘baboe’ met een baby in haar armen, met als onderschrift ‘mijn eerste’.

In de Andere Tijden documentaire Tuan Papa uit 2010 (!) wordt ervan uitgegaan dat bij de kinderen van Nederlandse militairen en Indonesische - vaak erg jonge- vrouwen sprake was van liefdeskinderen. Slechts terzijde wordt gestipt aan de (wijdverbreide?) verspreiding van geslachtsziekten. En dan alleen nog vanuit het perspectief van de Nederlandse militair; de inspectie in de vorm van de ‘lullenparade’. Van aandacht voor of onderzoek naar verkrachting of aanranding is al helemaal geen sprake.

Het is hoog tijd dat serieus onderzoek wordt gedaan naar dit genegeerde aspect van de Nederlandse koloniale geschiedenis. Goed en volkomen terecht dat in de documentaires van Erik Dijkstra aandacht wordt besteed aan de erkenning van koloniale schuld aan de nabestaanden.

Jammer dat ook nu weer de aandacht alleen uitgaat naar de willekeurige executies, martelingen en platgebrande kampongs. En niet ook naar het leed en de oorlogsmisdaden begaan tegen vrouwen en meisjes en de gevolgen voor henzelf en hun kinderen. Hoog tijd om die grens alsnog over te steken.
Theo van de Sande, Apeldoorn

Waar zijn de vrouwen

Dinsdag 27 januari een mooie recensie van de film Sound of Falling. Onderwerp van de film: vier meisjes en jonge vrouwen in vier verschillende tijdsperioden. Regisseur: Mascha Schilinski (vrouw). Co-scenarist: Louise Peter (vrouw). Keuze van de Volkskrant voor een beeld uit de film: twee mannen. Bijzonder.
Mira van Broekhoven, Roosendaal

Pesten

In mijn tijd als leerkracht van basisschoolgroep 8 beluisterden we jaarlijks het lied Marjolein zegt niets van Bram Vermeulen, ooit collega van Freek de Jonge. In de gesprekken die volgden merkte ik telkens weer dat zelfs de grootste pesters onder de indruk waren van de inhoud van dit lied.

Het lost ongetwijfeld het probleem ‘pesten’ niet op, maar is als start wellicht nog altijd bruikbaar.
Gert Hoeksma, Leersum

Fijnstof

Pagina’s vol met advertenties voor groepsreizen per vliegtuig naar het verre buitenland kom ik dagelijks tegen in de Volkskrant. Zelfs de voorpagina wordt daar met enige regelmaat mee bevuild. Blijkbaar een lucratieve manier om klanten te werven onder de avontuurlijk aangelegde en cultuurminnende Volkskrantlezers.

Schiphol zal er blij mee zijn, evenals de luchtvaartmaatschappijen die hun cashflow en widebodys weer heerlijk vol zien stromen. Maar het milieu en de omwonenden van de luchthaven zullen daar minder blij mee zijn.

Het is een dilemma. Dergelijke advertenties weigeren is geen optie voor een kwaliteitskrant die zulke inkomsten hard nodig heeft. Wel zou de krant bijvoorbeeld kunnen overwegen om de tarieven van advertenties voor verre vliegvakanties met 10 procent per maand te verhogen en deze extra inkomsten dan ten goede laten komen aan organisaties als Natuur en Milieu, het Wereld Natuur Fonds of EDF.

Fijnstof tot nadenken, want de vervuiling rijst de pan uit!
Amos Cohen, Saint-Priest la Marché (Frankrijk)

Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.

Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next