Home

Na de dood van Alex Pretti schipperen kunstenaars tussen protest en eerbetoon

Protestkunst Bruce Springsteen bracht donderdag een nummer uit waarin hij reageert op het neerschieten van Alex Pretti, afgelopen weekend bij protesten tegen ICE. Meer muzikanten, schrijvers en kunstenaars proberen hun onmacht te vatten in kunst.

Molly Crabapple, 'Alex Pretti defends his city' (2026)

„Hoe kun je een artiest zijn en níét reflecteren op de tijdgeest?” Deze retorische vraag stelde Nina Simone toen ze eind jaren zestig werd geïnterviewd. Het gesprek ging onder andere over de burgerrechtenbeweging en over de vraag hoe je je daartoe moest verhouden als kunstenaar.

Simones opmerking is sindsdien vaak herhaald. Nu, bijna zestig jaar later, keert de vraag terug op sociale media na het steeds hardere optreden van ICE in de Verenigde Staten, met als recente escalatie het doodschieten van Alex Pretti in Minneapolis, vorig weekend.

Zo kwamen Bruce Springsteen en collega singer-songwriter Ron Gallo al snel na de dood van Pretti met liedjes, en Amanda Gorman schreef een gedicht ter ere van Pretti en de andere slachtoffers van ICE. Daarnaast toonden verschillende beeldend kunstenaars hun visie op het geheel, waarbij het resultaat meermaals neerkwam op een ode aan Pretti.

Het nummer van Springsteen heeft het grootste bereik. Zijn ‘Streets of Minneapolis’ – de titel refereert aan zijn wereldhit ‘Streets of Philadelphia’ uit 1994, uit de film Philadelphia, over hiv/aids – zette hij donderdag online. „Het lied is een reactie op de staatsterreur in de stad Minneapolis. Het is opgedragen aan de mensen van Minneapolis, onze onschuldige immigrant-buren en ter nagedachtenis van Alex Pretti en Renee Good”, schreef hij op zijn account op BlueSky. Het bericht ondertekende hij met „Stay free”.

Het is een vertrouwde Springsteen. Het refrein luidt:

In de coupletten heeft hij het over het privéleger van Trump, die hij „koning Trump” noemt, en hekelt hij de leugens van zijn adviseur Stephen Miller en de minister van Binnenlandse Veiligheid, Kristi Noem. Vrijdagochtend was het al meer dan 5 miljoen keer beluisterd op YouTube.

‘Gestapo-technieken’

Springsteen sprak zich al vaker uit tegen Trump, en trad op bij rally’s van Kamala Harris toen zij in 2024 opging voor het presidentschap. Half januari droeg hij bij een concert in New Jersey zijn lied ‘The Promised Land’ op aan Renee Good, de vrouw die eerder deze maand in Minneapolis door ICE werd doodgeschoten in haar auto. Springsteen zei bij dat concert dat de waarden over Amerikaanse vrijheid in de moderne tijd nog niet eerder zo onder druk hebben gestaan. „Als je in de kracht van de wet gelooft en dat niemand erboven staat, als je opstaat tegen zwaarbewapende troepen die Amerikaanse steden binnenvallen waar ze er Gestapo-technieken op nahouden, als je gelooft dat je het niet verdient om vermoord te worden omdat je opkomt voor het recht te protesteren, stuur dan een briefje aan deze president”, zei hij.

Trump noemde Springsteen eerder een talentloze artiest, en „dumb as a rock”. Na ‘Streets of Minneapolis’ beperkte de woordvoerder van het Witte Huis, Abigail Jackson, zich tot een kort statement waarin ze benadrukte dat de regering zich richtte op het aanmoedigen van Democratische functionarissen om samen te werken met federale agenten die „gevaarlijke criminele illegale vreemdelingen verwijderen”. Springsteens nummer vond ze dan ook „irrelevant en onjuist”.

Vergeleken met de vruchtbare tijden voor het Amerikaanse protestlied – de jaren zestig en zeventig – zijn er tot nu toe niet overvloedig veel geweest tijdens Trumps tweede termijn (en ook niet heel veel tijdens zijn eerste termijn), terwijl de verspreiding er alleen maar makkelijker op is geworden. Misschien zit de verklaring erin dat muziek meer als amusement wordt ervaren dan indertijd, dat een artiest niet de helft van zijn of haar publiek van zich wil vervreemden in het gepolariseerde Amerika, of dat het geloof dat kunst iets kan veranderen er nauwelijks nog is.

Er zijn natuurlijk uitzonderingen. Singer-songwriter Lucinda Williams kwam met een nieuw album, World gone wrong, waarin ze duidelijk kritiek uit op de kant die de VS nu opgaan. „We are here to bear witness/ To this monstrous sickness”, zingt ze op een van haar nummers. Het blad Rolling Stone interviewde haar over het geëngageerde album waarin ze zich expliciet uitspreekt tegen Trump. Op de vraag waarom ze zich voor het eerst zo politiek manifesteert in haar muziek, antwoordt ze dat ze niet anders kan inmiddels nu de wereld „krankzinnig, waanzinnig en chaotisch is geworden door Trump”.

Zo kwam countryzanger Zach Bryan onlangs met het anti ICE-nummer ‘Bad News’. „Purple rain is not red blood in a blue state” zong Ron Gallo in het lied ‘Alex Pretti’, dat hij zondag uitbracht. Een verwijzing naar Prince, die werd geboren in Minneapolis. En folkzanger Jesse Welles had een groot bereik met zijn satirische lied ‘Join ICE’ bij The Late Show van Stephen Colbert. „Ik faalde voor de academy, de politie wilde me niet / het leger leek me niet leuk / dus sloot ik me aan bij een paramilitaire operatie / die bereid was me een wapen te geven // Join Ice, boy, ain’t it nice?”

‘Geen handhaving maar executie’

Satire en cynisme zijn echter vrij zeldzaam als reactie op ICE, op de late night shows (zoals die van Colbert, Seth Meyers en Jimmy Kimmel) na. De lijn tussen komedie en satire is vanouds al een dunne lijn, en dat is nu niet anders.

Bij de muzikanten staat de woede voorop; ij andere kunsten lijkt die eerder verpakt in herdenken. Dat is terug te zien in zowel gedichten als in kunstwerken die gemaakt zijn na 24 januari.

De dichter Amanda Gorman, die bij de inauguratie van Joe Biden in 2021 indruk maakte met het gedicht The Hill We Climb, is met het gedicht ‘For Alex Jeffrey Pretti’ een uitzondering:

We wake withno words, just woe& wound. Our own country shooting us in the back is not just brutality; it’s jarring betrayal; not enforcement,but execution.

De extreemrechtse verwoording waarin de angst wordt uitgesproken dat er aan witte superioriteitsgevoelens wordt getornd, draait ze om:

Yet our greatest threat isn’t the outsidersamong us, but those among us who never lookwithin. Fear not the those without papers, but thosewithout conscience.

Amanda Gorman bij de Democratische Nationale Conventie in Chicago (2024).

Direct na de dood van Renee Good kwam ze ook met een gedicht. Daarin scheef ze dat ze geschokt is door het escalerende geweld door ICE en dat discriminatie op ongekende schaal plaatsvindt. Ze wil tegelijkertijd met de gedichten rouwen, niet alleen om Pretti en Good, maar ook om bijvoorbeeld Keith Porter, de 43-jarige man die op nieuwjaarsnacht in California werd doodgeschoten door een agent van ICE, en de andere dodelijke slachtoffers die ICE de afgelopen maanden maakte.

Amerika aan het infuus

Protestkunst is er om je uit te spreken tegen onrecht, degenen die niet gehoord worden een stem te geven en om een beroep te doen op politieke verantwoordelijkheid. Met andere woorden: kunst is er ook om de status quo te bevechten – en kunstenaars reageerden altijd al op onderdrukking, geweld en ongelijkheid. De Duitse filosoof Theodor Adorno vatte dat in 1951 samen in het aforisme „Alle kunst is een niet gepleegde misdaad”. „Er is geen schoonheid en geen troost meer behalve in de blik die zich tot de gruwel richt”, duidde hij. Wat natuurlijk in feite neerkomt op wat Nina Simone ook zei, alleen is de één een zanger en de ander een filosoof.

Daarin zit het grote verschil tussen de muzikanten en andere kunstenaars. Protestsongs zijn er sneller dan gedichten of literaire teksten, en ze worden vooral sneller en breder opgepakt. Ook wordt de directheid boodschap minder geschuwd. Opvallend is wel dat de rol van sociale media in de beeldende kunst een duidelijk effect heeft;er zijn genoeg kunstenaars die in een effectief beeld de situatie vatten.

Toch blijft het ook in de beeldende kunst vrij stil. De dag voor de dood van Pretti staakten musea en kunstinstellingen in Minnesota weliswaar uit protest tegen de aanwezigheid van ICE en de onveiligheid die die met zich meebracht, maar sinds Trumps aantreden – en ondanks zijn harde aanpak van de cultuursector – blijft het in de meeste staten stil.

Dat heeft uiteraard deels te maken met subsidies waar veel musea afhankelijk van zijn, maar een hausse aan kunstenaars die zich uitspreken is er niet echt. Het is alsof ze wachten tot de storm overwaait. Uitvoeringen of exposities worden eerder geboycot (zo liet de componist Philip Glass weten dat hij zijn Lincoln symfonie niet laat uitvoeren in het Kennedy Center) dan dat er kunst óver Trump wordt gemaakt.

In 2016 kwam wel de kunstenaarsgroep For Freedom op, een naam die verwees naar Norman Rockwells vier schilderijen waarop Roosevelts ‘Four Freedoms’ stonden afgebeeld. Het ging hen om de vrijheid van meningsuiting, godsdienstvrijheid, vrijwaring van armoede en van vrees. Behalve in exposities viel For Freedom vooral op met grote billboards die ze een maand voor de verkiezingen van 2016 langs snelwegen plaatsten met daarop vragen over de Eerste Amendement. Tijdens de eerste termijn van Trump bleven ze actief; nu zijn ze dat minder.

Kunstenaar Isabelle Brourman, die Trump bij zijn inauguratie tekende en bekend is van haar rechtszaalschetsen van prominente verdachten, zoals Johnny Depp, maakte afgelopen maanden opvallende tekeningen van ICE in de rechtbank. In een rechtbank van New York tekende ze hoe ICE mensen oppakt nadat ze zijn verhoord, de chaos eromheen. Het resultaat zijn indringende ‘immigration court sketches’, zoals ze ze zelf noemt.

De meeste reacties op het doodschieten van Pretti zijn vooral op Instagram te vinden, waarbij één beeld meteen het verhaal moet pakken en het protest plaatsmaakt voor het eerbetoon. Een van de bekendere kunstenaars is Molly Crabapple. Zij beeldt Pretti af met een telefoon in de hand terwijl hij wordt aangevallen door een monster met de letters ‘ICE’ op de rug. De meeste andere werken van minder bekende kunstenaars tonen het gezicht van Pretti, die met zijn bril en baard een vrij herkenbaar gezicht heeft. Vaak staan er bloemen omheen of wordt er gerefereerd aan zijn werk als IC-verpleger.

Hetzelfde geldt voor de kunstwerken ter ere van Renee Good, waarbij haar achternaam verwerkt wordt tot een aansporing het ‘goede’ te doen.

Tussen de eerbetonen en portretten springt er een uit. De Britse illustrator M.J. Hiblen plaatste op Instagram een werk dat hij For Alex noemde, waarin Pretti tegen een doodzieke, in een Amerikaanse vlag gewikkelde persoon zegt: „Don’t worry. I’ve got you”.

‘For Alex’ – MJ Hiblen

Een Amerika dat stervende is, waarbij Pretti hem naar de IC brengt: het is aan de kijker om te bepalen of er nog redding kan komen of dat Pretti de man in de vlag hier ten grave draagt, óf dat hij wil overbrengen dat ICE een man die juist klaarstond om Amerika te helpen heeft doodgeschoten.

Beelden en geluiden zijn er dus wel na de optredens van ICE en de grenspolitie. Maar of ze enig effect zullen hebben op de lange termijn, dat is de vraag. De kans dat fans van Springsteen een ‘briefje’ aan Trump zullen schrijven is klein. En als ze dat al doen, zal hij ze niet lezen.

Protestkunst in de jaren zestig en zeventig heeft bovendien niet veel uitgericht, want we hebben dit punt bereikt: het verlies van Amerikaanse waarden wordt nu even hard betreurd als indertijd, waarbij meteen de vraag opkomt: over welke waarden uit het verleden hebben we het eigenlijk?

Wanneer protestkunst weinig uithaalt rest alleen het eerbetoon, het herdenken – opdat we, zoals dat heet, niet vergeten.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Cultuurgids

Elke donderdag de mooiste verhalen over kunst en cultuur: interviews, recensies en achtergronden

Source: NRC

Previous

Next