De Britse filosoof Isaiah Berlin hield ooit een beroemde toespraak over de betekenissen van vrijheid. Wat zou hij vinden van de vrijheidszucht van de ‘wakkeren’ in Wakker in Paraguay? Joost de Vries heeft een idee.
is schrijver en chef van Zondag, het essay- en boekenkatern van de Volkskrant.
In september 1945 bezocht de Britse filosoof Isaiah Berlin de Sovjet-Unie. De oorlog was net voorbij, vol kopzorgen ging de wereld onzeker een nieuwe dageraad tegemoet.
Voor Berlin was het een terugkeer. Hij was geboren in 1909 in Riga, toen nog in het Russische keizerrijk. Een oude rabbi leerde hem als kind het Hebreeuwse alfabet en zei: ‘Lieve kinderen, wanneer jullie ouder worden, zullen jullie ontdekken dat al deze letters met Joods bloed en Joodse tranen zijn geschreven.’
Toen hij dik in de tachtig was kon hij nog volschieten van die anekdote.
Als 8-jarige zag hij de Russische revolutie van dichtbij, toen bolsjewieken voor zijn ogen een politieagent lynchten. Toen het bewind van Lenin steeds antisemitischer werd, vluchtte zijn familie naar Engeland.
Daar, in de kloostergangen van Oxford en in de herensociëteiten in Londen, maakte hij naam als causeur. Hij praatte liever dan hij schreef, maar luisteren naar Isaiah Berlin was dan ook, naar het schijnt, een beleving. Hij kon uit zijn hoofd filosofische stromingen overzien alsof hij vanuit een satelliet naar een rivierendelta keek, hij kon over Griekse denkers praten alsof hij ze persoonlijk had gekend.
Ze vielen schijnbaar zo uit zijn mouw: zijn parate kennis, zijn spitsvondige humor. Zijn reputatie was een poolster. Iedereen wilde met hem lunchen, roddelen, cocktails drinken. Churchill vroeg hem later zijn oorlogsmemoires te redigeren, de BBC gaf hem een radiocolumn.
Toen collega-filosoof Freddie Ayer aan iemand werd voorgesteld als ‘de slimste man van Engeland’, zei die persoon: ‘O, dan moet u Isaiah Berlin zijn.’
Wat hem ook zo’n fijne prater maakte: zijn deftige Engelse formuleringen, met tegelijk een charismatisch Oostblokaccent dat aan zijn lettergrepen kleefde.
Ik moest aan Isaiah Berlin denken toen ik naar de veelbesproken VPRO-documentaireserie Wakker in Paraguay keek, gemaakt door Gijs Swantee en Fleur Amesz, over Nederlanders die geloven dat de staat hen probeert te controleren en daarom de wijk hebben genomen naar Zuid-Amerika.
Toen Berlin in 1945 Stalins Sovjet-Unie bezocht, deed hij dat als adviseur van de Britse Buitenlandse Dienst. Hij moest het intellectuele, culturele en politieke klimaat schetsen. Hij sprak in Moskou met ambtenaren en zag dat ze als de dood waren iets verkeerds te zeggen. Hij bezocht schrijvers zoals Boris Pasternak en zag de schaamte waarmee ze naar hun eigen cultuur keken.
En hij bezocht de dissidente dichter Anna Achmatova, in Leningrad. Tijdens de oorlog waren haar gevoelsrijke gedichten weer opgelicht, als hoopgevende bron voor de lijdende bevolking – maar tussen 1925 en 1940 had ze geen regel poëzie mogen publiceren. Ze was eenzaam, leefde in een kaal appartement, zag er twintig jaar ouder uit dan ze was.
Berlin stond aan de ene kant van de kamer, zij aan de andere. Allebei snapten ze de symboliek. Hij was de Rus die naar het buitenland was gevlucht, zij de Rus die naar binnen was gevlucht.
Ze bespraken de politieke en culturele ontwikkeling die Rusland in hun leven had doorgemaakt, ze las hem gedichten voor, vertelde over de arrestaties van haar zoon en echtgenoot. Terwijl zoveel dichters om haar heen de pen neerlegden, vermoord werden of zelfmoord pleegden, was zij altijd doorgegaan met schrijven.
Hun ontmoeting was een van die gebeurtenissen die nooit ophield, schreef Berlins biograaf Michael Ignatieff, die de rest van hun leven markeerde. Ze spraken de hele avond en nacht, tot 11 uur ’s ochtends. Hij kuste haar hand bij vertrek. Toen Berlin terugkwam in zijn hotel, zei hij tegen een collega: ‘Ik ben verliefd, ik ben verliefd.’
Het was niet seksueel of romantisch. Voor Berlin was Achmatova zijn nieuwe goudstandaard van integriteit, van onkreukbaar leven en denken terwijl de zware deken van totalitarisme je het uitzicht en de adem beneemt.
Het is meer opgemerkt dat Wakker in Paraguay kijkt als een politieke variant van Ik vertrek. In vijf afleveringen volgt de kijker nu niet Nederlanders die naar Noord-Spanje of Zuid-Italië vertrekken om aan de ratrace te ontsnappen en een B&B te beginnen, maar zelfverklaarde ‘politieke vluchtelingen’ die willen ontkomen aan een invasieve overheid, aan liegende media, aan verplichte vaccinaties, aan 5G-straling en aan chemtrails.
‘Wappies’ worden ze snel genoemd, al noemt de immer glimlachende Mart zich liever een ‘snappie’. Uiteraard zijn ze tijdens de covid-lockdowns wakker geworden (Berlin: ‘Een mens raakt pas zelfbewust wanneer hij botst op iets dat niet hemzelf is.’) en zijn ze gaan fantaseren over een kwaadaardige staat en duistere elites. Elke regelgeving wekt wantrouwen. In Paraguay kan daarentegen alles, denken ze. Niks hoeft. Geen vergunningen, geen uitleg aan de overheid over wie je bent en wat je wilt, nauwelijks belasting.
Vooral over chemtrails gaat het veel. Als konijnen bang voor roofvogels turen ze naar de lucht: of er vliegtuigen overvliegen die chemicaliën over de bevolking uitstorten die hen (ons) bang, dociel en manipuleerbaar houden.
Die lieve Mart jubelt over zijn stoelgang. Zijn poep is weer gezond nu hij ver weg van 5G-zendmasten leeft.
Onder deze ‘wakkeren’ bevinden zich onder meer Jan Engel, de broer van Virus Waarheid-goeroe Willem, en het jonge stel Lester en Anne, dat vlogt en blogt en op de socials en in volle zaaltjes in Nederland hard werkt om zo veel mogelijk Nederlanders over te halen ook naar Paraguay te komen en vastgoed te kopen.
De informele leider lijkt Jeroen Pols, ooit veroordeeld voor drugshandel, daarna huisadvocaat geworden van de familie Engel. Een charismatische figuur. Blauwe ogen, een scherpe haviksneus – een soort vreugdeloze Harry Mulisch.
Het woord ‘vrijheid’ valt regelmatig onder de wakkeren. En juist in vrijheid kun je de link naar Isaiah Berlin leggen – naar zijn beroemdste toespraak, zijn inauguratie als hoogleraar aan Oxford in 1958.
Zijn lezing heet Twee concepten van vrijheid en ik vat het nu vast platter samen dat Berlin het bedoelde:
Vanaf de verlichting beroepen alle grote denkers zich op vrijheid als het hoogste goed – van Adam Smith tot Karl Marx, van Hegel tot Nietzsche, van Woodrow Wilson tot Vladimir Lenin. Alleen zien ze bij het woord vrijheid allemaal iets anders voor zich.
Ons denken over vrijheid valt doorgaans uiteen in twee vormen, zegt Berlin, te weten positieve en negatieve vrijheid. Zie die twee termen niet als goed en slecht, maar als de plus en min van een batterij. Negatieve vrijheid is ‘vrijheid van’: de mate waarin niemand jou verbiedt om een politieke partij op te richten, of een krant uit te geven, of jouw god te aanbidden.
Positieve vrijheid is de ‘vrijheid om’: om keuzen te maken, om consequenties te dragen, om meester van je eigen lot te worden. Om autonoom te zijn, kortom.
Negatieve vrijheid is, als ik Berlin goed begrijp, iemand als Voltaire, die er trots in schept dat ook de mening van zijn grootste vijanden mag worden gehoord. Niemand mag die mening verbieden. Positieve vrijheid is dan Anna Achmatova die in de Sovjet-Unie besluit binnen de vier muren van haar huis door te gaan met schrijven, terwijl al haar vrienden en collega’s het veld ruimen. Zij is de meester van haar lot.
Beide vormen dragen hun eigen logica, en eigen problematiek. Negatieve vrijheid maakt het mogelijk dat een maatschappij pluriform is, maar heeft een politiek systeem nodig om te zorgen dat de vrijheden van de een niet botsen met die van een ander.
Positieve vrijheid draagt het gevaar met zich mee dat mensen hun eigen waarden willen uitdragen, maar dat mensen doorgaans maar moeizaam weten wie of wat hun ware zelf is (als dat al bestaat). Zodoende zijn ze gevoelig voor machthebbers en andere autoriteiten die beweren beter te weten dan zij wat hun ware of rationele belangen zijn.
Welke vrijheden zien we in Paraguay?
Voor de wakkeren is de aantrekkingskracht van Paraguay negatieve vrijheid. Een vrijheid door de afwezigheid. Van een bemoeizuchtige overheid, van regels en vergunningen, van belastingen, van 5G-netwerken, chemtrails. Vrijheid ván Nederland.
Er zit, tot mijn verrassing, een scène in dat wakkerhoofdman Jeroen Pols het laken onder al deze negatieve vrijheid vandaan trekt. Het is een zeldzaam realistisch moment. Wanneer er weer nieuwe Nederlanders moeten worden rondgeleid door hun enclave, en hij hun naïeve optimisme aanhoort, vraagt Pols zich af of mensen het wel snappen: dat als ze hiernaartoe komen, ze niet klaar zijn. Dan begint het moeilijke gedeelte pas, dan moeten ze iets opbouwen.
Hebben de wappies daar de lange adem voor positieve vrijheid? Wakker in Paraguay is wat dat betreft een zeldzaam volwassen serie; ze laat de kijker zelf tot een conclusie komen, al is de conclusie toch niet te missen. De wakkeren zijn wandelende vaten vol tegenstrijdigheden. Bang voor 5G-netwerken, maar toch altijd op hun telefoon. Dromend over zelfvoorzienende boerderijen, maar die moeten dan wel volledig gebouwd worden door Paraguayanen.
Het ene moment hekelt Jan Engel politieke vervolging: ‘Zo hebben de Joden zich dus gevoeld.’ Het volgende moment draagt hij een T-shirt met het logo van de Wehrmacht erop en vindt hij het maar wat spannend dat de Nederlandse kolonie is neergestreken op de voormalige verstopplek van Auschwitz-arts Josef Mengele.
Ik bedoel: je kunt niet denken dat je Anna Achmatova bent, en vervolgens een Stalin-shirt dragen.
Vrijheidszucht is een gevaar als je niet weet wat je met die vrijheid wilt doen. ‘Alles is wat het is’, zei Berlin. ‘Vrijheid is vrijheid, het is niet gelijkheid of eerlijkheid of gerechtigheid of cultuur, of geluk of een stemmig geweten.’
Vrijheid als doel op zich heeft voor bijna niemand betekenis. Als een mens zegt dat hij geluk zoekt, of dat hij kennis zoekt, of dat hij al zijn kleine stiekeme verlangens wil bevredigen – dan zegt hij iets wezenlijks over zichzelf, suggereert Berlin. Maar wat betekent het als iemand zegt dat hij niets dan vrijheid zoekt? Niets.
In Ik vertrek beginnen Nederlanders een B&B in het buitenland. Of die B&B na drie, vijf, tien jaar nog steeds floreert, is dan de meetbare mate van succes.
Wat gebeurt er de komende drie, vijf, tien jaar met de wakkeren in Paraguay?
Een voorspelling: waarschijnlijk zijn ze nog steeds actief. Op de socials en in afgehuurde zaaltjes op bedrijventerreinen in Nederland. Bezig met een eindeloos migratie-piramidespel. Iedereen die komt, moet anderen overtuigen ook te gaan. Totdat er iemand komt die ze kan uitleggen wat ze daar nu in godsnaam aan het doen zijn.
Wakker in Paraguay is tot en met 5 februari te zien op NPO 2, en is terug te zien via NPO Start.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant