In het noordoosten van Syrië zetten de Koerden zich schrap voor een mogelijke grote oorlog met de regeringstroepen van interim-president Ahmad al-Sharaa. Burgers grijpen de wapens om hun gebied te verdedigen – per twee vrijwilligers één geweer.
is correspondent Midden-Oosten van de Volkskrant. Hij doet verslag vanuit Syrië.
Op de smalle weg naar Tel Brak staat een pantserwagen overdwars. De boodschap aan gewone burgers, zo midden op het asfalt, is duidelijk: tot hier en niet verder. De 25-jarige Kofi trekt zich er niks van aan en stuurt zijn Toyota Hilux er met een zwier omheen. De auto is afgeladen met soldaten en M4-machinegeweren. Deze mannen zijn op een missie.
Met 100 kilometer per uur jakkert Kofi (een militair pseudoniem, niet zijn echte naam) langs de uitgestrekte akkers van Noordoost-Syrië. Bij een paar zandafgravingen die als schuttersputjes dienen, houdt hij halt. Voor de Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF) is dit een cruciaal front in de onlangs opgelaaide oorlog. De SDF wordt geleid door Koerden (de overgrote meerderheid), maar herbergt ook andere religieuze groepen zoals Assyriërs, jezidi’s en Syrische christenen.
De 34-jarige Abjar Daoud, woordvoerder van de SDF, is uitgestapt en wijst in de verte. ‘Acht kilometer verderop, in Tel Brak, zit de vijand’, zegt de in camouflagekleuren gestoken strijder, zijn onderlip trillend in de striemende wind. Daoud is een voorbeeld van de veelkleurigheid binnen de SDF; hij is Syrisch-christelijk.
De vijand, dat moge duidelijk zijn, zijn de troepen van interim-president Ahmad al-Sharaa, die sinds half januari aan een pijlsnelle opmars bezig zijn. De strijd verloopt grotendeels langs etnische lijnen: terwijl Koerdische gebieden standhouden, worden Arabische steden en dorpen door Sharaas mannen totaal overlopen. De SDF doet niet eens moeite die gebieden te verdedigen. Ze weten maar al te goed dat ze de steun van lokale Arabische stammen kwijt zijn, aangezien die massaal de kant kiezen van de ‘bevrijder’ Sharaa.
Niettemin is de psychologische dreun immens. In luttele dagen tijd verloor de SDF 70 à 80 procent van het grondgebied dat de groep vanaf 2016 veroverde en vervolgens bestuurde. Van hun autonome zone – ‘Rojava’ in de volksmond – resteren nog twee kleine postzegels: de ene rond de steden Hasakah en Qamishli, de andere rond Kobani, dat nu volledig van de buitenwereld is afgegrendeld en verstoken is van water en voedsel. Er geldt weliswaar een staakt-het-vuren, maar dat wordt dagelijks door beide kanten geschonden.
Daoud verstopt zijn handen in de zakken van zijn scherfvest. Voor veel SDF-strijders voelt de hele gang van zaken als verraad, zegt hij. Jarenlang vochten mannen als hij zij aan zij met Arabische collega’s tegen terreurgroep Islamitische Staat (IS). Voor de buitenwereld leek het op verbroedering: Koerden en Arabieren samen tegen extremisme, met steun van de Verenigde Staten. Maar dat was vóór de machtsgreep van de nieuwe president. Toen Sharaa dictator Bashar al-Assad verdreef, ruim een jaar geleden, vierden de Arabieren feest en vielen de Koerden stil. Het zaadje van de verdeeldheid was geplant.
Daouds blik glijdt naar boven. Hoog in de lucht vliegt zoemend een drone over, maar wie heeft hem gestuurd? Er zijn nogal wat legers actief hier – is het een drone van de Amerikanen, Turkije, of toch van Sharaas regering? Een 22-jarige strijder springt op een pick-up, hurkt achter een gemonteerd machinegeweer en richt de loop naar boven. ‘Nee, nee, nee!’, brult een ander SDF-lid. ‘Die is van de coalitie (geleid door de VS, red.)!’
Ongeschonden zoemt het ding verder. De twintiger moppert. Als het aan deze Damhat (ook een pseudoniem) lag, had hij gewoon geschoten. ‘Wie het ook is, als ze zich boven ons grondgebied begeven, kan ik er maar beter op schieten.’ Zijn vrees zal worden bewaarheid: kort na het bezoek van de Volkskrant zal deze stelling tweemaal door drones (vermoedelijk van het Syrische leger) worden bestookt, met drie SDF-gewonden tot gevolg.
Vraag je aan woordvoerder Daoud of de Amerikanen eigenlijk nog een bondgenoot zijn, dan denkt hij eerst na. In dat peinzende zwijgen ligt het antwoord al besloten. De SDF werden als overkoepelende organisatie door de VS uit de grond gestampt, ten tijde van president Barack Obama, om de strijd tegen Islamitische Staat te stroomlijnen. In 2017 omschreef een hoge Amerikaanse functionaris de relatie echter als ‘tijdelijk, transactioneel en tactisch’. Oftewel: als de omstandigheden veranderen, veranderen wij mee. Nu, bijna een decennium later, heeft Washington met Sharaas regering een nieuwe partner gevonden.
Toch ligt het woord ‘verraad’ (‘khiyanet’ in het lokale Koerdische dialect) bij vrijwel iedereen op de lippen bestorven. Luister maar naar het sentiment enkele tientallen kilometers verderop, aan de poorten van Qamishli, waar de 41-jarige Ali Mohammed – kalasjnikov om de schouder – sinds een week helpt bij de verdediging van zijn stad. ‘Europa is in goede staat dankzij ons.’ Met stemverheffing: ‘Jullie kregen de aanvallen op de Bataclan en Charlie Hebdo! Wij hebben de wereld daarna van Islamitische Staat verlost, en toch keert de wereld zich nu van ons af.’
Naar eigen zeggen werkte Mohammed tot voor kort in zijn kruidenierszaak. Toen voltrok zich de val van Raqqa en Deir Ezzor, twee grote provincies, gevolgd door een algehele Koerdische oproep tot mobilisatie op 18 januari. Uit de buurlanden (Irak, Turkije) kwamen talloze Koerden de grens over, klaar om bij te springen. Mohammed, vader van drie kinderen, sloot zijn zaak en greep zijn jachtgeweer. Met oorwarmers tegen de kou helpt hij nu een checkpoint bemannen. Bij gebrek aan wapens hebben de vrijwilligers per tweetal één geweer.
Vergelijkbare brigades van bewapende burgers duiken op in bijna ieder stadsdeel of dorp. In het stadje Çil Axa, niet ver van de grens met Irak, krijgen inwoners wapens uitgedeeld bij de lokale politiepost. Vanaf hier is het front slechts enkele minuten weg. Anderhalve dag eerder is een naburig Arabisch dorp door het regeringsleger ingenomen.
‘Burgers zijn ontzettend bang’, zegt de 36-jarige Faraj Hussein, commandant van de lokale burgerverdediging. ‘Sharaas troepen komen ons Koerden verpletteren. Aan de westkust (bij de moordpartijen op alawieten vorig jaar, red.) hebben we kunnen zien hoe ze te werk gaan.’
Hoe groter de angst voor een bloedbad, hoe groter de hoop op een deal met Damascus. Dinsdag was SDF-leider Mazloum Abdi opnieuw in de hoofdstad voor onderhandelingen met de president. Vraag je de Koerden wat ze willen, dan zeggen ze: lokale autonomie, of – als dat er niet in zit – minimaal gelijke rechten in de grondwet. Eerder deze maand tekende Sharaa een decreet waarin die rechten gewaarborgd werden, maar dat wordt gezien als een wassen neus. Een decreet kun je terugdraaien, klinkt het, een grondwetswijziging niet.
Integratie in het nieuwe Syrië? Commandant Hussein gelooft er niet in. ‘Niet met deze monsters aan het roer.’ Naast hem valt een collega bij de burgerverdediging, Ramiz Abdi (46, geen familie), hem bij. ‘De Arabieren willen geen democratie. Ze willen onder islamitische regels leven.’
Zelf draagt de SDF de noemer ‘democratisch’ in de naam, en toch valt ook daar veel op af te dingen. Vrouwenrechten zijn grotendeels gewaarborgd, de vrijheid van meningsuiting niet. Sinds de val van Assad, zo blijkt uit cijfers van het Syrisch Netwerk voor de Mensenrechten, arresteerde de SDF in Arabische gebieden zo’n achthonderd mensen (onder wie tientallen kinderen), omdat ze publiekelijk hun steun voor Sharaa hadden laten blijken. Abdi haalt de schouders op. ‘Een harde hand is soms nodig.’
In Qamishli, een uur westwaarts, zijn intussen honderden mensen uitgelopen voor de begrafenis van elf SDF-strijders. In de stromende regen horen ze hoe de namen (acht mannen, drie vrouwen) worden voorgedragen, vergezeld van onverzettelijke taal over martelaarschap, revolutie en strijd. Als het Koerdische volkslied uit de boxen dreunt, gaan er overal twee vingers in de lucht – de V van victorie. ‘Martelaren sterven niet!’, scandeert een klein meisje van onder haar paraplu, voor wie het maar wil horen. En dan opnieuw: ‘Martelaren sterven niet!’ Ook zij is klaar voor de strijd.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant