Dat mag jij vinden Thomas Hogeling beschouwt wekelijks de publieke opinie. Wat wordt er gezegd en vooral niet gezegd? Deze keer: het voorstel voor een boycot van het WK voetbal in de VS.
Het zal mijn niet al te jeugdige arrogantie zijn, maar ik heb het idee dat ik meestal wel aan de goede kant van de geschiedenis sta. Of nou ja, meestal kijk ik vanaf de zijlijn toe en steun ik in gedachten de mensen van wie ze later zeggen: die stonden aan de goede kant.
Ik schrok dan ook van mezelf nadat ik de oproep van Teun van de Keuken zag om het WK voetbal in de Verenigde Staten te boycotten. Je zou denken dat ik op zo’n moment haarfijn aanvoel dat-ie best een punt heeft. Maar in plaats daarvan vond ik het irritant gezeik. En hoewel ik weet dat mijn argumenten nogal zwak zijn, voel ik dat nog steeds.
Mijn eerste argument is puur op de persoon gericht – een ad hominem, zo je wil. „Oh ja”, dacht ik, „Van de Keuken heeft weer een haakje gevonden om in talkshows aan te kunnen schuiven.” Ideaal onderwerp, je ziet de presentator het bruggetje van de ICE-misdrijven naar de WK-boycot al maken. Bij Pauw & De Wit bijvoorbeeld, waar Van de Keuken een prima verhaal hield.
En toch vond ik het vervelend. Waarom moet híj dit punt zo nodig maken? Mijn ergernis leek verdacht veel op de rechtse ergernis aan vegetariërs of antiracisten; ze hebben misschien wel gelijk, maar ze lopen er zo mee te koop, het is zo ijdel, ze willen zo graag deugen. Een argument van niks dus, maar ik voelde het wel.
Ook moest ik meteen denken aan vorige wereldkampioenschappen, in Qatar (2022) en Rusland (2018). Daar gingen we toch ook gewoon heen? Althans, als we ons voor het WK in Rusland hadden gekwalificeerd, dan waren we heus wel gegaan. Dus het is dan toch gek om niet naar dit WK te gaan, dat overigens ook in Canada en Mexico plaatsvindt? Een klassieke whataboutism; als we alleen iets aan een misstand mogen doen als we ook iets aan alle andere misstanden doen, gebeurt er nooit iets. Je moet ergens beginnen, dat begrijp ik ook wel, maar toch liever niet tijdens dit WK.
Wat me misschien wel het meeste stoort, is dat ik mensen de oproep tot boycot zie steunen van wie ik weet dat ze überhaupt niet van voetbal houden. Maarten van Rossem bijvoorbeeld, die ook aan tafel zat bij Pauw & De Wit. Hij was het roerend eens met Van de Keuken. Maar Van Rossem is een fervent voetbalhater, als het aan hem ligt gaat PEC Zwolle – Telstar dit weekend ook niet door. Dat is lekker makkelijk boycotten, denk ik dan. Zo zou ik een boycot van alle programma’s met Maarten van Rossem ook makkelijk volhouden.
Uiteindelijk komt het erop neer dat ik heel graag naar het Nederlands elftal kijk. Ik begrijp heus wel dat er veel mis is met de voetbalwereld en dat dit WK een zoveelste perverse uitwas daarvan is, maar ik laat me gewoon liever niet door anderen de les lezen. Ik laat mij geen voetbalkijkschaamte aanpraten en al helemaal niet door Teun van de Keuken. In welke dictatuur ze ook spelen, ik ga gewoon kijken, dat is mijn manier van leven en daar blijf je vanaf.
Om mijn vermogen tot zuiver redeneren te verliezen, hoef ik blijkbaar maar een klein beetje skin in the game te hebben. Een schilfertje, meer niet. Ik weeg niet langer argumenten om vervolgens een standpunt te bepalen, maar verzin argumenten die bij mijn gevoel passen. Normaal kan ik best een beetje neerkijken op mensen die zo redeneren, maar nu begrijp ik ze misschien ietsje beter. Is die petitie toch nog ergens goed voor geweest.
Volg de laatste politieke ontwikkelingen in de VS op de voet
Source: NRC