Het is maar een heel klein voetbalveldje, volgens de BBC niet meer dan een tiende van een officieel voetbalveld. Maar dat er überhaupt nog wordt gevoetbald, vandaag in elk geval, onderstreept de macht van internationale druk op Israël als die eens een keer wordt toegepast.
Het is geen vergelijk met de vernietigingsoorlog in Gaza maar de kwestie is toch interessant. Het gaat om een veldje aan de noordelijke rand van de Palestijnse stad Bethlehem op de door Israël bezette Westelijke Jordaanoever. Het werd in 2020 aangelegd voor de kinderen uit het nabijgelegen, overbevolkte kamp Aida, waar een kleine 7.500 vluchtelingen uit de Arabisch-Israëlische oorlog van 1948 en hun nabestaanden leven. De grond is geleaset van de Armeense kerk en de gemeente Bethlehem heeft volgens Aida’s jeugdcentrum met de aanleg ingestemd. Ook Israël was na enige strubbelingen akkoord gegaan. Het kunstgrasveldje ligt in gebied A, de 18 procent van de Westelijke Jordaanoever die volgens het Oslo-II akkoord van 1995 geheel onder bestuur van de Palestijnse Autoriteit valt, ook de veiligheid. De 60 procent van gebied C daarentegen staat onder volledige Israëlische controle. B zit daar in elk opzicht tussenin.
Die volledige Palestijnse controle wil bepaald niet zeggen dat het Israëlische leger zich er niet mee bemoeit. Tweeënhalve maand geleden, op 3 november, vonden de jongens en meisjes die kwamen trainen aan het hek een mededeling van het leger dat hun veldje illegaal was. Daarvoor werden veiligheidsredenen aangevoerd, namelijk de ligging, onderaan de muur die Israël grotendeels op Palestijns grondgebied maar voor zijn eigen veiligheid heeft gebouwd. Het Internationaal Gerechtshof bepaalde in 2004 dat juist de muur illegaal is, en in 2024 de hele Israëlische bezetting trouwens ook, maar ja, het internationaal recht maakt niet zijn beste tijd door.
Op 31 december volgde het bevel het veldje te slopen, waarna de Palestijnen de hulp inriepen van een Israëlische rechter, die tot 18 januari uitstel verleende. Het leger gaf een week extra de tijd om zelf het veldje te ontmantelen. Dat is Israëlische praktijk; de eigenaar of gebruiker krijgt anders de rekening voor de gemaakte kosten.
Mensenrechtenorganisaties melden een aanzienlijke toename van sloop op de Westelijke Jordaanoever van gebouwen of constructies die zonder vergunning zijn opgericht (en een vergunning is nauwelijks te krijgen). Daarnaast is het leger onder het offensief IJzeren Muur sinds een jaar in diverse vluchtelingenkampen bezig gebouwen die in de weg staan plat te bulldozeren en zich gemakkelijk toegang te geven op zoek naar Palestijns verzet. Van Israëlische zijde worden juist ruimhartig bouwvergunningen verstrekt voor de onder internationaal recht illegale Israëlische nederzettingen. Vorige maand werden nog negentien nieuwe nederzettingen erkend. Oftewel de feitelijke annexatie van het gebied in volle bedrijf.
Terug naar de voetbaljeugd van Aida en zijn achterban. Die zochten en kregen via sociale media hulp van de buitenwereld. Petities die een beroep deden op internationale voetbalorganisaties UEFA en FIFA werden honderdduizenden keren getekend, en zowel de Europese als de wereldvoetbalbond kwam in actie. De FIFA via de Zwitserse regering, terwijl UEFA-voorzitter Ceferin volgens CNN met zijn collega van de Israëlische voetbalbond had gebeld .
Israëlische media meldden vorige week dat het leger zijn sloopplan had opgeschort en dat de uiteindelijke beslissing nu lag bij premier Netanyahu’s kabinet. De kinderen van Aida hopen er het beste van. Maar het lijkt me geen goed voorteken dat de Israëlische autoriteiten zojuist een zending kunstgras voor Palestijnse voetbalvelden hebben geblokkeerd. Het kunstgras is een gift van de Chinese regering aan de Palestijnse raad voor jeugd- en sportzaken voor de aanleg van nieuwe voetbalvelden. Ik wil maar zeggen, sport kan nationalisme aanwakkeren, en Palestijns nationalisme, daarvan moet Israël niks hebben.
Source: NRC