Home

Regisseur Wandel over haar ziekenhuisfilm: ‘Dat een verpleegkundige de tijd niet krijgt om haar werk goed te doen, zegt iets’

Laura Wandel | regisseur ‘L’intérêt d’Adam’ van de Belgische Laura Wandel past in een trend van films over zorgverleners die worden overvraagd.

‘L'intérêt d'Adam’, met Jules Delsart als Adam en Léa Drucker als Lucy.

L’intérêt d’Adam is een ziekenhuisfilm zonder reanimaties of bloed. Dat betekent niet dat er een gebrek aan drama is. Zonder twijfel kan de hoofdpersoon, pediatrisch verpleegkundige Lucy (Léa Drucker), hartmassages geven of levensreddende medicatie inspuiten, maar dat was simpelweg niet wat regisseur Laura Wandel (1984) in beeld wilde brengen.

Zonder strak omlijnd verhaalidee voor een nieuwe film, vroeg de Belgische Wandel aan een kinderarts die ze kende of hij haar kon helpen om mee te lopen in een ziekenhuis. Ze gelooft immers dat locaties „zelf verhalen bevatten”, vertelt ze via Zoom. Dat ze voor pediatrie koos was geen toeval; de kindertijd intrigeert haar. Dat toonde haar hartverscheurende debuut Un Monde over de eten-of-gegeten-worden-mentaliteit op het schoolplein.

Wandel kreeg toestemming, mits ze een geheimhoudingsverklaring tekende, en raakte tijdens het meelopen vooral gefascineerd door de dagelijkse sociale en juridische kanten van het zorgvak, iets wat naar haar gevoel minder aan bod komt in ziekenhuisfilms en -series. „Wat ik interessant vond om te zien was de relatie tussen zorgmedewerkers en ouders én hoe bepalend die relatie en het ondersteunen van ouders is voor het herstel van kinderen.” Maar ook de juridische en administratieve muren waar medewerkers soms op stuiten, vielen haar op. Wandel: „In mijn film zie je ook een botsing tussen het recht en de zorg.”

L’intérêt d’Adam (het belang van Adam) volgt hoofdverpleegkundige Lucy tijdens een avonddienst. De vierjarige Adam is opgenomen wegens ondervoeding. Lucy is overtuigd dat het kind alleen zal willen eten als zijn moeder erbij is en akkoord gaat, maar de kinderrechter heeft de jonge moeder strikte bezoektijden opgelegd. Zij wordt door verschillende instanties verantwoordelijk gehouden voor de ondervoeding en beschouwd als een risicofactor. Ook de arts van dienst stelt zich rigide op.

Wandel: „Het voelt paradoxaal dat verpleegkundigen, die juist het dichtst bij de patiënten staan, dichter dan de arts die af en toe langskomt, de minste beslissingsmacht hebben.” Wandel sprak tijdens haar onderzoek met zorgmedewerkers die zich soms hulpeloos voelden omdat ze iemand wilden helpen, werden gehinderd door bepaalde regels en in morele dilemma’s belandden, zoals Lucy in de film.

L’intérêt d’Adam sluit zowel qua onderwerp als qua stijl naadloos aan op enkele andere recente drama’s waarin (vrouwelijke) zorgmedewerkers tot het uiterste worden gedreven tijdens een hectische dienst. Zo is in enkele Nederlandse bioscopen het Deense drama Second Victims nog te zien dat een gedreven neuroloog volgt tijdens een drukke dienst. We zien hoe ze wankelt als een achttienjarige patiënt die zij naar huis stuurde in een coma belandt. In het afgelopen najaar uitgekomen Heldin maakt een extreem vakkundige verpleegkundige in een Zwitsers ziekenhuis een fout omdat ze compleet overvraagd is.

Alledrie de films benadrukken dat zorg mensenwerk blijft en dat iedereen uiteindelijk kan breken. Maar naast bekende problemen als een gebrek aan personeel en middelen wilde Wandel tonen dat „verpleegkundigen en artsen ook niet altijd weten welke keuze ze moeten maken”. „Ze worden vaak voorgesteld als mensen die dingen ‘weten’, maar soms zijn zij ook niet zeker over de beste oplossing.”

Helemaal lastig wordt het als ze hierover onderling van mening verschillen, zoals gebeurt in L’intérêt d’Adam, waar een conflict ontstaat tussen Lucy en kinderarts Daniel. „Bij sommige complexe situaties komen de eigen kwetsbaarheden naar boven. Wat Lucy en Daniel als ‘de beste keuze’ beschouwen voor dit kind, wordt ook gekleurd door hun eigen levenshouding.”

Nauwelijks privélevens

Nochtans leer je in Wandels film vrij weinig over de privélevens van de zorgmedewerkers, net als in Second Victims en Heldin. Er is slechts een flard van een telefoongesprek naar het thuisfront, een terloopse opmerking tegen een patiënt. Wandel: „Als je in het echte leven mensen ontmoet in een werkomgeving, leer je ook niet noodzakelijkerwijs iets over hun privéleven. Toch kun je veel afleiden uit hoe iemand zich beweegt, praat, standpunten inneemt over onderwerpen.” Dat je zaken moet afleiden uit details voelde voor Wandel realistischer en passend in een ziekenhuiscontext, waar patiënten en verplegers sowieso eigenlijk weinig van elkaar weten.

Een andere opvallende parallel tussen de drie films is de filmstijl: de camera zit vaak op de huid van de hoofdpersonen, we zien Lucy net als de andere twee vrouwen vaak op de rug gefilmd terwijl ze haar handen desinfecteert, kamers binnengaat en door de gangen wandelt. Wandel: „Dat is eigenlijk geïnspireerd door de periode waarin ik zelf mocht meelopen, ik liep ook achter het zorgpersoneel aan. Ik wilde de kijker datzelfde gevoel geven: alsof je zaken ontdekt, ondergedompeld wordt in een wereld. Bovendien heb ik soms de indruk dat je als je achter iemand aanloopt meer aandacht hebt voor het ritme waarmee iemand wandelt of ademt. Soms vertelt een rug meer dan iemands gezicht.” Het zorgt ook soms voor een wat claustrofobische sfeer. In Second Victims en Heldin wordt het door het toevoegen van spanningsopbouwende muziek thrillerachtig. L’intérêt d’Adam doet dat niet.

Waar komt volgens Wandel eigenlijk de gelijktijdige interesse in zorgmedewerkers vandaan? Wandel vermoedt „dat iedereen zich door de coronacrisis plots realiseerde dat we niet zonder hen kunnen. In België werd er toen iedere avond om acht uur geapplaudisseerd. Maar momenteel doen zorgmedewerkers nog steeds hetzelfde werk zonder applaus, terwijl de omstandigheden verslechteren en ze vaak niet goed worden betaald. Ik begrijp wel dat steeds minder mensen zich aangetrokken voelen tot dit beroep. Deze film wil dus ook een eerbetoon zijn.”

Daarnaast stelt Wandel dat een ziekenhuis voor filmmakers een interessante microkosmos is en representatief voor de hedendaagse samenleving. „Ze zijn een illustratie van een wereld die steeds sneller gaat en meer op winst dan op de mens gericht is. Als je als verpleegkundige eigenlijk geen tijd meer krijgt om je werk goed te doen, zegt dat iets.” Het lastig te begrijpen gedrag van Adams moeder is een uitwas van diezelfde trend. „Iemand die zich slecht voelt en het gevoel heeft dat ze in de steek is gelaten door de samenleving, kan niet correct functioneren. Wat ze doet, is een soort schreeuw om hulp.” En degene die helemaal onderaan de ladder staat betaalt volgens Wandel de prijs: het kind.

Source: NRC

Previous

Next