Home

Noord-Korea moet schadevergoeding betalen voor het lokken van etnisch Koreaanse Japanners

Zainichi Tienduizenden etnisch Koreaanse inwoners van Japan werden met valse beloften naar Noord-Korea gelokt. Slechts enkelen keerden terug. Een Japanse rechtbank kende vier van hen een schadevergoeding toe.

Eiko Kawasaki (midden) die Noord-Korea aanklaagde en advocaat Kenji Fukuda geven een persconferentie in Tokio na de uitspraak van de rechtbank.

Noord-Korea moet vier mensen die met valse beloften naar het land zijn gelokt elk een schadevergoeding van ruim 120.000 euro betalen. Dat heeft een rechtbank in Japan, waar de vier nu wonen, maandag bepaald, melden Japanse media.

Japan telt naar schatting enkele honderdduizenden etnisch Koreaanse inwoners, de zogenoemde Zainichi, die niet de Japanse nationaliteit hebben. De meeste stammen af van Koreanen die – al dan niet vrijwillig – in Japan belandden toen Korea tussen 1910 en 1945 een Japanse kolonie was, bijvoorbeeld als dwangarbeiders of doordat ze werden gemobiliseerd voor het Japanse leger.

Noord-Korea voerde vanaf het einde van de jaren vijftig een wervingscampagne, onder de naam ‘Paradijs op aarde’, om etnische Koreanen uit Japan te verleiden naar de communistische heilstaat te emigreren en zo de tekorten aan arbeidskrachten aan te vullen die door de Koreaoorlog (1950-1953) waren ontstaan. In Japan hadden Zainichi vaak te maken met discriminatie, terwijl ze in Noord-Korea volgens de propaganda als volwaardige burgers zouden worden verwelkomd, en konden genieten van gratis onderwijs, zorg en voedsel.

De campagne en het emigratieprogramma werden uitgevoerd door een van de twee verenigingen voor Koreanen in Japan, Chongryon, die nauwe banden heeft met Pyongyang. De Japanse regering verleende aanvankelijk ondersteuning – die was de etnische Koreanen liever kwijt dan rijk. Tussen 1959 en 1984 vertrokken naar schatting 93.000 mensen naar Noord-Korea.

Beschuldigd van spionage

Eenmaal aangekomen ontdekten de emigranten al snel dat de werkelijkheid heel anders was dan het beeld dat ze was voorgespiegeld. „Wie uit Japan kwam, mocht niet voor de overheid werken. Sommigen werden beschuldigd van spionage en mishandeld, naar politieke strafkampen gestuurd of zelfs gedood”, vertelde de toen tachtigjarige Eiko Kawasaki in 2022 in de Korea Times. Ze kwam als zeventienjarig meisje met een schip aan in de Noord-Koreaanse havenstad Chongjin. „Al na twee maanden overwoog ik een einde aan mijn leven te maken.”

Kawasaki wist als een van de weinige geëmigreerde Zainichi te ontkomen. Na 43 jaar glipte ze in 2003 het land uit, en sindsdien spant ze zich in voor haar lotgenoten. Met vier anderen ontsnapte Zainichi, van wie sindsdien één is overleden, daagde ze Noord-Korea in 2018 in Tokio voor de rechter.

In 2023 oordeelde het Hooggerechtshof in de Japanse hoofdstad al dat Noord-Korea de rechten van de Zainichi had geschonden. Maandag stelde de rechter de schadevergoeding vast op 22 miljoen yen (ruim 120.000 euro) per persoon.

Kim Jong-un kwam niet opdagen

De kans lijkt niet groot dat Noord-Korea zal betalen. Hoewel de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un zelf werd opgeroepen als getuige, bleef de plek voor de gedaagde partij tijdens het hele proces leeg. Evenmin liet Pyongyang zich door advocaten vertegenwoordigen.

Noord-Korea heeft niet op het vonnis gereageerd. Wel berichtte staatspersbureau KCNA zondag nog over een bedankbriefje na een door Chongryon georganiseerde ontmoeting tussen etnische Koreaanse schoolkinderen uit Japan en Kim Jong-un, die met ze op de foto ging. De kinderen „huilden tranen van onbegrensd geluk”, aldus het verslag.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief Wereldzaken

Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.

Source: NRC

Previous

Next