Home

De baobabboom treurt om zoveel onrecht

is publicist en columnist van de Volkskrant.

In deze tijd, waarin racisme meer dan ooit toeneemt en fascisme wereldwijd aan een nieuwe opmars bezig is, ontleende ik steun aan de woorden van Maya Angelou. Zij herinnerde mij eraan dat ik kracht moet ontlenen aan mijn voorouders. Ze leven voort in ons, zijn diepgeworteld in wie wij nu zijn.

Angelou benadrukt dat je, wanneer je ergens binnenkomt kracht moet ontlenen aan het besef dat al je voorouders als het ware met je meedraagt. Ze dichtte in haar beroemde gedicht Still I Rise: ‘Bringing the gift that our ancestors gave, I am the hope and dream of the slave. I rise, I rise, I rise.’

Een krachtige herinnering aan de veerkracht en hoop die doorgegeven zijn van generatie op generatie. Deze gedachte is niet alleen troostrijk, maar ook een bron van kracht; het idee dat je gedragen wordt door de offers, de dromen en de overlevingsdrang van je voorouders.

En tegelijk besef ik ook meer dan ooit hoe bevoorrecht ik ben als nazaat van het slavernijverleden. Bijvoorbeeld tijdens een gesprek met mijn zus, die onlangs mijn moeder en mij videobelde vanuit een prachtig strand in Angola, waar ze haar kunstproject Armazoen presenteerde in het slavernijmuseum.

Armazoen is de scheepsterm voor de lading menselijke handelswaar tijdens de trans-Atlantische slavenhandel. Mijn zus Monique, die choreograaf en beeldend kunstenaar is, maakte samen met producent Afra Jonker een dansfilm, vertoond in een zeecontainer, die gebaseerd is op een aantekening uit een scheepsjournaal van het schip Hof van Zeeland, onderdeel van de Middelburgse Commercie Compagnie. Dat is de Zeeuwse tegenhanger van de West-Indische Compagnie (WIC) en de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC).

Het schip maakte tussen 1732 en 1734 zijn eerste slavenreis; de driehoeksroute tussen Vlissingen, Angola en het Caribisch gebied. In de aantekening wordt melding gemaakt van het overboord springen van vijf slaafgemaakte vrouwen, waarbij één de dood vond. De film is een ode aan deze vrouwen en de ontelbaren met hen, gesymboliseerd door deze ene vrouw.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

En nu stond ze daar, vlakbij het slavernijmuseum in Angola, en draaide haar scherm om, zodat we de baobabboom konden zien. Mijn moeder thuis in Amsterdam, ik in Rotterdam in de regen, onderweg naar de Vietnamees. De baobabboom is minstens 1.000 jaar oud. Een stille getuige. Een getuige ook van de schermutselingen rond het schip Hof van Zeeland. Ondanks de fysieke afstand, voelde het alsof we even samen waren, verbonden door de geschiedenis van onze voorouders. Het beeld was indrukwekkend, haast majestueus in zijn rust en kracht.

En toch was er ook het wrange besef dat het ergens een enorm voorrecht was, dat wij hier in Nederland onrecht uit het verleden konden herdenken. Hoe je het wendt of keert, wij zijn westerlingen. Want Monique vertelde al dagen over de onmetelijke, bijna obscene armoede van de talloze straatkinderen van Luanda. Het wemelde er van. Hongerig. Zwervend. Bedelend. Overal. Geen enkele toekomst.

Alleen maar dromen. Om weg te komen. Misschien naar het Noorden, de landen van melk en honing. Waarvoor ze hun leven zouden wagen op gammele bootjes. Want een menswaardig bestaan hadden ze niet.

Het besef van onze privileges dringt zich op: wij hebben de ruimte en de middelen om na te denken over het slavernijverleden en onze familiegeschiedenis, terwijl miljoenen Afrikanen nauwelijks kans hebben op een menswaardig bestaan. Deze confrontatie met de realiteit van vandaag maakt niet alleen dankbaar, maar ook ongemakkelijk.

Slavernij is in onze familiegeschiedenis vier generaties geleden. Onze overgrootouders zijn nog in slavernij geboren. Mijn zus en ik ontlenen kracht aan dat verleden. Maar intussen voelt het feit dat er nog zo ongelofelijk veel schrijnende armoede is op vele plekken in Afrika, waar onze wortels liggen, ook machteloos. De baobabboom treurt om zoveel onrecht.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next