Finishpraat: Eerste Japanner voor een Europese fabrikant
De wekelijkse rubriek Finishpraat speelt in op actualiteit, combineert verleden met heden en haalt oude herinneringen op; kortom een verhaal voor de echte motorsportfan. Deze editie gaat over Kazuto Sakata, de eerste Japanner die ging racen voor een Europese fabrikant.
Eind jaren 80 en vooral begin jaren 90 kozen steeds meer talentvolle Japanse coureurs ervoor om de overstap te maken naar de Grand Prix. Daarvoor bleven ze eigenlijk enkel op hun eigen Aziatische continent racen. De meeste Japanse talenten kwamen in die tijd uit in de 125cc en 250cc, uiteraard allemaal uitkomend met fabrikanten uit eigen land: Honda, Yamaha en Suzuki. Want een Japanner racet enkel met Japans materiaal. Maar er is altijd één die begint met het doorbreken van zo’n traditie – in dit geval was dat Kazuto Sakata.
Sakata was ‘al’ 24 jaar toen hij in 1991 een permanente Grand Prix-rijder werd. In 1991 en 1992 viel hij meteen op door zijn snelheid. In sommige races kon Sakata vanuit het niets naar voren komen en geweldige rondetijden rijden. Dit leverde hem regelmatig een goede uitslag op. Maar ook was de Japanner onstuimig. In zijn eerste twee seizoenen haalde hij zo’n tien keer de finish niet, hoofdzakelijk door valpartijen, omdat hij net iets te veel risico’s nam. In Japan waren ze in ieder geval overtuigd van Sakata’s kwaliteiten, want sinds 1992 maakte hij deel uit van het F.C.C. Honda-fabrieksteam uit Japan. Ook in 1993 reed hij voor dit team. In dat seizoen ontpopte Sakata zich ineens tot een zeer stabiele rijder, terwijl zijn snelheid onverminderd hoog bleef.
Sakata nam plotseling geen onnodige risico’s meer, maar werd vanuit het niets misschien wel de meest stabiele rijder van het veld. In 1993 reed Sakata een ongelofelijk seizoen. In veertien races kwam hij dertien keer aan de finish. En iedere race die de Honda-coureur uitreed, stond hij op het podium: 10x P2, 2x P1 en 1x P3. Ongekende statistieken, die normaal gesproken altijd goed genoeg zijn voor de wereldtitel. Toch eindigde Sakata in 1993 niet als eerste, maar als tweede in het wereldkampioenschap. Dirk Raudies reed op zijn snelle Honda ook een geweldig seizoen. Het voornaamste verschil zat hem in het aantal zeges. Raudies won namelijk negen keer, ten opzichte van de twee zeges van Sakata, die aan het einde van het jaar veertien punten tekortkwam. De enige nulscore van Sakata bleek bovendien bepalend. Die ontstond niet door een crash, maar door een technisch probleem. Sakata had een zo goed als perfect seizoen met 266 punten uit veertien races. Onthoud dat puntentotaal overigens.
Iedereen ging er eigenlijk vanuit dat Sakata de daaropvolgende jaren de ‘kroonprins’ van Honda in de 125cc zou blijven. Maar niets was minder waar. Het was een kleine schok toen Sakata zijn plannen voor 1994 presenteerde. De Japanner ging rijden voor het Italiaanse Team Semprucci, niet op een Honda, maar op een Aprilia. Daarmee was Sakata de eerste Japanner die een fabriekscontract tekende bij een Europese fabrikant. Op dat moment had Aprilia in 1992 net de eerste wereldtitel behaald in de Grand Prix-wegrace met Alessandro Gramigni in de 125cc. Sakata had maar weinig aanpassingstijd nodig. Tijdens de tests was hij al razendsnel, en dat demonstreerde hij opnieuw tijdens de eerste Grand Prix in Australië. Op Eastern Creek wist Sakata zich al snel los te rijden van de concurrentie. Met een enorme voorsprong won de Japanner zijn debuutrace voor Aprilia. Eigenlijk ging Sakata met Aprilia op dezelfde manier verder als een jaar eerder op Honda. In de eerste elf races eindigde hij altijd binnen de top-vijf, waaronder drie overwinningen.
Hierdoor had Sakata, met nog drie races te gaan, een voorsprong van 51 punten in het wereldkampioenschap. Toch werd hij op dat moment nog even ouderwets onrustig, zoals we hem begin jaren 90 ook zagen. Sakata crashte na de start op Laguna Seca samen met Loek Bodelier – de Nederlander die eerder dat jaar nog zeer verrassend derde was geworden in zijn thuisrace. Sakata stapte snel weer op, maar in al zijn haast om naar voren te komen ging hij even later voor de tweede keer onderuit, nu met een stevige highsider. Tijdens de voorlaatste Grand Prix in Argentinië ging het ook niet vanzelf. De spanning was van zijn gezicht af te lezen. Toch bleek een negende plaats nét voldoende om de titel al één race voor het einde veilig te stellen. En zo werd een Japanner wereldkampioen op een Aprilia! Het was sowieso een succesjaar voor Aprilia, want Max Biaggi pakte datzelfde jaar de eerste 250cc-wereldtitel voor de fabriek uit Noale. Sakata scoorde in 1994 ‘maar’ 224 punten. Een jaar eerder had hij 42 punten meer gescoord, maar toen werd hij géén wereldkampioen. In de top drie van het eindklassement van 1994 eindigden alleen maar Japanners: Noboru Ueda werd tweede en Takeshi Tsujimura derde – zij reden uiteraard nog wel met Honda. Het moet voor de Honda-fabriek pittig zijn geweest om een Japanner wereldkampioen te zien worden die níet op één van hun motoren reed.
Sakata zou jarenlang voor Aprilia racen. De Japanner werd vier jaar later (1998) opnieuw wereldkampioen, wederom met Aprilia. Toen sloeg hij een – ongetwijfeld zeer goed financieel – aanbod van Team Pileri niet af om toch nog een keer terug te keren naar Honda. Het werd geen succes. In 1999 eindigde Sakata op een Honda slechts als veertiende in het wereldkampioenschap. Geen enkele keer finishte hij nog in de top-vijf. Het bleek tevens zijn laatste seizoen in de Grand Prix. Sakata is nog steeds de enige Japanner die een wereldtitel in de Grand Prix heeft behaald met Aprilia. Sakata was een Japanse rijder die uiteindelijk meer een Aprilia-rijder dan een Honda-rijder was geworden.
Tot volgende week,
Asse Klein
Volg het laatste Racesport.nl nieuws ook via social media:
Vrijwillige bijdrage
Bent u een trouwe bezoeker van deze website, bent u tevreden met het door ons gebrachte gratis te lezen motorsportnieuws en wilt u het werk van het Racesport.nl redactieteam mede ondersteunen?
Dat kan d.m.v. een vrijwillige bijdrage via de betaallink vrijwillige bijdrage Racesport.nl of door een bijdrage over te maken naar het volgende bankrekening nummer:
NL31 BUNQ 2035 9539 44 t.n.v. ES Event & Sports Promoter, onder vermelding van ‘vrijwillige bijdrage Racesport.nl’
Source:
Racesport