Home

Midden in de tijd

Ik zit met een vriendin aan de rand van een speeltuin. Haar driejarige heeft net met gebruik van vuisten een achtjarige aan het huilen gemaakt. „Die gaan we nog nodig hebben”, zeggen we, half grappend, tegen elkaar.

We zijn allebei opgegroeid in de lome jaren negentig. De tijd waarin kinderen zich op globaal niveau slechts druk hoefden te maken over uitstervende pandaberen en leeftijdsgenoten die onder de evenaar later vast een bedelaar zouden worden, heeft van ons anti-autoritaire zoekers en denkers gemaakt, die later in hun leven, met tranen van woede en verbijstering in de ogen, de straat op gingen voor gelijkwaardigheid en aardigheid. De autonome stem kan ver dragen, zo geloofden we. We kunnen er toch over praten, zo dachten we.

En opeens zitten we naast de tijd. Want mij lukt het, met in mijn achterzak een rap achterhaald idioom van redelijkheid en vertrouwen, niet om antwoord te geven op de bange vragen over oorlogen van mijn oudste zoon.

Ik weet inmiddels dat zijn leven anders zal zijn dan het mijne. Ik zal hem iets moeten leren wat ik zelf niet heb hoeven leren: onverzettelijkheid, dapperheid, stoïcisme, trots. Nee, er zullen geen bommen in de achtertuin vallen. Ja, de wereld wordt – dat zegt Rob Wijnberg, lieverd – opnieuw verdeeld door autocraten.

En hij met zijn tekenles, nieuwjaarswens dat „iedereen mag zijn wie hij wil zijn” en lieve ogen gaat zich misschien op een dag aansluiten bij dat onvermijdelijke Europese leger.

God, wat zullen mijn ‘kindvrije’ leeftijdsgenoten zich nu op de borst kloppen, omdat zij „in deze verrotte wereld” de juiste beslissing hebben genomen. Maar, eerlijk gezegd, ik kan het niet meer horen, die zelffelicitatie, terwijl ze op een dag misschien verdedigd zullen worden door de kinderen van anderen. Niet dat iedereen kinderen moet krijgen, alsjeblieft niet, maar voel de pijn en behoeften van de zorgenden eens wat beter aan.

Het is een grauw zoeken naar een nieuwe manier van denken over het eigen kleine leven ten overstaan van escalerende machten. Zo zei Jesse Klaver, leeftijdsgenoot, vader van vier kinderen en, als Indo, net als ik, product van Europese koloniale wreedheid en Europese kansen in een TikTok-filmpje: „Ze wíllen dat je je machteloos voelt.”

Toch vinden zijn woorden weinig grond, want ook hij zit naast de tijd. Terwijl hij zijn ideeën over Trump deelt, zien we hem, zoals altijd nét te gespeeld casual, door een suf kantoor schuifelen. Hij zet koffie, en natuurlijk ook effe een bakkie voor degene die het filmpje opneemt. In alles een benaderbaar man, licht afhangende schouders, geen enkel verschil in nadrukkelijkheid tussen het bespreken van een voetbalwedstrijd of deze geopolitieke rampentijd. En altijd weer de afsluitende stoplap dat je als burger „iets kleins kan doen, begin bij je buren”, ja toch.

Ik kijk naar mijn oudste zoon, te groot voor de speeltuin, dus duwt hij de schommel waarop zijn zusje zit.

„Als er nu een demonstratie voor Europa wordt georganiseerd, ben ik erbij”, zegt de vriendin.

Zwaaien met een blauwe sterrenvlag om Europa als inmiddels unieke vrijhaven, een plek waar intellectuelen en dissidenten welkom zijn, te eren. Weg met onze kleinburgerlijke weerzin tegen gemeenschapszin, maar ook weg met de lammetjespapfascisten en landverraders zoals Wilders en Eva Vlaardingerbroek. Weg met het tuttige gejeremieer van een deel van de intellectuele elite. Met iedereen die hier woont, zij aan zij, verenigd. Dat, én ernstige regeringsleiders die ons recht aankijken en ons continent verdedigen en vieren.

Ik zie de krioelende kinderen, de redderende ouders. Zo steeds meer samen, zo hier, zo midden in de tijd.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Europa

Europaredacteuren praten je bij over de belangrijkste ontwikkelingen in de EU

Source: NRC

Previous

Next