Elke week luncht NRC mee bij een bedrijf. Deze week: AEB Amsterdam.
20-01-2026 AMSTERDAM, Nederland. Rubriek lunch De Bedrijfskantine. AEB Afvalverwerkingsbedrijf Amsterdam. Foto: Simon Lenskens
Het stinkt. Op een betonnen zweefbrug staat een rij vrachtwagens. Langzaam rijden ze een voor een het gebouw van de Amsterdamse afvalverbrander AEB in. Een kolos opgetrokken uit beton en staal met twee eindeloos rokende schoorstenen. De fabriek draait 24 uur per dag, zeven dagen per week. Er zijn drie kantines.
Naam bedrijf: AEB AmsterdamLocatie: Westelijk Havengebied AmsterdamBranche: AfvalverwerkingJaaromzet: 250 miljoen euroAantal werknemers: 430, plus 500 voor groot onderhoudKosten lunch: 3 tot 6 euro
Brandon van den Oever (33) en Quinn Wijnands (27), allebei in geel veiligheidspak met helm, werken op de ‘meetwacht’, de controlekamer van de fabriek. „Eten? Alleen als het even kan, het is hier altijd buffelen”, zegt Quinn met zijn veiligheidsbril nog op en een mondkapje om zijn nek. Op drie grote schermen boven hen brandt een knapperend vuur. „Dat is niet voor de sfeer hoor, dat is de brander”, zegt Brandon.
In de meetwacht moet iedereen altijd paraat zijn, dus is er een keuken met vier ijskasten, twee magnetrons, een oven en een elektrische kookplaat. Brandon en Quinn hebben brood van thuis mee – zelf gesmeerd, kipfilet en grillworst met kaas – maar zijn daar nog niet aan toegekomen. Ze begonnen vanmorgen om vijf uur.
Er wordt groot onderhoud gepleegd aan de verschillende onderdelen van de afvalverbrander. Daarom lopen er honderden mannen extra, verspreid over verschillende diensten, over het terrein. Zij lunchen in een rits containers aan de voet van de schoorstenen. In de keet staan tientallen tafels, met magnetrons erop. „Daar zitten de Roemenen, daar de Polen”, zegt Kevin Dijkema (30).
Hij en zijn ploeg zijn van de „zuigwerkzaamheden” en doen nu alleen „een bakkie”. Sascha Burema (20) drinkt een Red Bull, maar: niet meer dan twee per dag. Hij draait vandaag een dienst van twaalf uur en heeft net een afvaltank schoongezogen. „Die slang is zwaar, je hebt een masker op en het is heet, dus even zitten en wat suiker.”
Kevin en Sascha aten rond 10 uur al twee broodjes kipfilet en een broodje kaas – een lunchpakket gemaakt door het hotel in de buurt waar ze verblijven. Kevin zit al vijf maanden in het hotel. Hij vindt het fantastisch. Kevin: „Het ging thuis even niet zo lekker, deze mannen begrijpen dat.” Een zware hand landt op Kevins schouder, Johan Jacobs (61) komt naast hem zitten. „Het scheidingspercentage hier ligt heel hoog, we zijn weken van huis. Op een gegeven moment heb je gewoon te veel verjaardagen gemist”, zegt Johan. Aan de tafel van de Roemenen klinkt de bel van een magnetron. De helmen gaan weer op, de mannen moeten door.
Reggaemuziek klinkt door de keet. Benjamin Ogbakpah (64) luistert altijd muziek via YouTube op zijn telefoon tijdens de lunch: „Goed voor de mind, body and soul”, zegt hij, terwijl een half bruinbrood en een kuip Johma-tonijnsalade uit zijn tas verschijnen. Met precisie legt hij vier servetjes op tafel als bord. Benjamin is afvalprikker op het terrein van het AEB. „Wat denk je dat er uit die vrachtwagens komt? Ik hou het clean.” Wiegend op de muziek smeert hij een boterham, ook voor ons. Het liefst eet hij ’s middags de jollofrijst die zijn vrouw kookt.
In het kantoorgebouw bij de afvalverbrander zit een kantine waar iedereen broodjes, gefrituurde snacks en soep kan halen. De meeste mannen uit de keet doen dat niet. Derrick Biltoo (64) en Jan Haverman (68) vandaag wel. Zij overzien het grote onderhoud en betalen om en om de lunch voor elkaar. „Als ik wist dat jij vandaag zou betalen, had ik wel twee dellen genomen”, zegt Jan. Hij nam een witte pistolet met een frikandel, mayonaise en een pak Optimel-perzik. Jan heeft nog nooit Optimel gedronken, maar vindt het wel een goeie combinatie met de frikandel. Derrick neemt een te hete hap kroket, op zijn dienblad liggen nog een frikandel en een flesje SiSi. „Normaal eet ik nooit zo’n vette hap, mag niet van mijn vrouw en dochters.”
Yvonne Harmon-Olmberg (70) bestiert vandaag de kassa. Haar oren en hals zijn behangen met Surinaams goud, om haar ringvinger alleen een trouwring. Toen ze net met pensioen was, overleed haar man. Inmiddels werkt ze alweer drie jaar bij het AEB. „Het is hier gewoon gezellig met de jongens”, zegt Yvonne. Breed lachend ontvangt ze Brandon en Quinn van de meetwacht. In een bruine papieren zak nemen ze allebei een frikandel, een kroket en een pak melk mee terug naar hun werkplek, ze moeten door. Quinn: „Tijdens zo’n dienst is een boterham van thuis eigenlijk niet genoeg.”
Stukken die je helpen om je leven fijner en je carrière beter te maken