Home

Wie zette ruim 67.000 jaar geleden deze vage handafdruk op de wand van een grot op Sulawesi?

Archeologie In de grot op het Indonesische eiland zijn nog veel meer tekeningen aangebracht, die uit latere periodes dateren. Maar wie heeft de tekening gemaakt?

De (vage) handafdruk van ruim 67.000 jaar oud uit de Sulawesische grot. Over de hand is veel later een kleine kip getekend.

Een halfvergane handafdruk is het, een nauwelijks zichtbare handpalm met nog maar drie vingers, ooit afgedrukt op een wand van de Metanduno-grot op het eilandje Muna bij het Indonesische Sulawesi. En precies deze ‘vlek’ te midden van honderden tekeningetjes uit veel recentere tijd in de populaire toeristengrot, blijkt nu de oudste rotskunst ter wereld, met de verbluffende ouderdom van minstens  67.800 jaar. Dus ruim 1.000 jaar ouder dan het oude record, van de aan neanderthalers toeschreven stippen, abstracte symbolen en handafdrukken in Spaanse grotten als La Pasiega, Ardales en Maltravieso. En dus ook maar liefst ruim 16.000 jaar ouder dan de oudste rotskunst in Zuidoost-Azië, het varken in de Karampuang-grot op Sulawesi (tevens oudste figuratieve kunst ter wereld).

Indonesische en Australische archeologen publiceren hun ontdekking op Muna deze week in Nature. Het onderzoek staat onder leiding van Adhi Augus Oktaviana (Nationaal Agentschap voor Onderzoek en Innovatie, Jakarta) en Adam Brumm en Maxime Aubert (beide Griffith University, in Nathan, Queensland).

Het team dat nu in Nature publiceert heeft sinds 2014 al vele onderzoeken gepresenteerd die de datering van rotstekeningen in Zuidoost-Azië telkens verder terugbrachten in de tijd. En ouder dan de veel geroemde Europese grottenkunst van Lascaux en Chauvet. In 2014 sloeg hun datering van een handafdruk op Sulawesi in als een bom: 40.000 jaar, éven oud als de Europese rotskunst. Dit indertijd zo verbluffende ouderdomsrecord is allang gepasseerd. Vooral door de precieze dateringstechniek, die ook bij de Spaanse neanderthal-handafdrukken en ‑stippen is gebruikt, met meting van uraniumverval in de kalklaagjes die in de loop van de millennia over de tekeningen zijn gevormd. Precieze monstername is daarbij cruciaal. Soms kan zo zelfs de kalk ónder een tekening worden gedateerd.

De vondst van de recordhandafdruk midden in een toeristengrot vol ongedateerde rotstekeningen is typerend voor de huidige toestand van de studie van rotskunst in Zuidoost-Azië. Indonesië, de Filipijnen, Laos: overal zijn rotstekeningen te vinden, maar allemaal ongedateerd, behalve losjes op stijlkenmerken en andere indrukken.

Waren er wel moderne mensen?

Zo ongeveer óver de verbrokkelde recordhand heen is een tekening van een kleine kip gemaakt, en vlakbij is een schets van een boot vol mensen. Het zijn maar een paar van de honderden tekeningen waardoor de acht meter hoge koepelgrot van Metanduno zo veel bezoekers trekt, mensen in allerlei houdingen, paarden, honden, kippen, boten en zelfs duizendpoten en zonnen, van alles is afgebeeld en ongetwijfeld vrijwel allemaal uit de laatste 10.000 jaar, van na de IJstijd. Van één andere tekening heeft het team van Aubert nu de datering gepubliceerd: een handafdruk vlak de oeroude, en ook déze zou normaliter een record hebben gebroken: 60.000 jaar oud.

En zó oud is deze nieuwe Sulawesische recordafdruk zelfs dat nu de grote vraag is wie daar zoveel tienduizenden jaren geleden zijn of haar hand op 130 cm hoogte tegen de wand van de grot hield en er rode verfstof overheen blies. Want wáren er op dat moment al wel moderne mensen in het gebied? De handafdrukken en abstracte symbolen in de Spaanse grotten worden aan neanderthalers toegewezen, precies omdat er geen aanwijzingen zijn dat er rond 65.000 jaar geleden al moderne mensen (Homo sapiens) in Europa waren. Neanderthalers waren voor zover bekend de enige menselijke bewoners van het gebied. In Indonesië ligt die zaak ingewikkelder, omdat de datering van een al zó vroege komst van Homo sapiens naar de regio niet algemeen aanvaard is. Er zijn wel aanwijzingen uit Australië, Laos en Sumatra dat sapiens op het juiste moment in de Matanduno-grot kan zijn geweest, maar die aanwijzingen zijn niet onomstreden.

Toch wijzen de onderzoekers in Nature de Metanduno-hand vrij zelfverzekerd toe aan Homo sapiens, al geven ze toe dat er rond die tijd ook vrijwel zeker nog altijd ándere mensachtigen in het gebied woonden (waarschijnlijk denisoviërs, al noemen ze die niet bij naam). Per mail verduidelijkt Aubert vanuit Jakarta dat hij die aanwijzingen voor sapiens-aanwezigheid dus wél stevig genoeg vindt. „En we weten nu eenmaal ook dat mensen dit soort kunst kunnen maken.” Maar, zo geeft hij toe, „we kunnen niet helemáál uitsluiten dat een andere mensensoort dit kan hebben gemaakt”.

En dus, bij alle lof die hij heeft voor de verbluffende, technisch moeilijke datering op Muna, valt deze sapiens-toewijzing verkeerd bij de Leidse archeoloog Wil Roebroeks. „Een geweldige datering, zeker, maar die probleemloze toewijzing aan onze soort, sapiens, is zwak”, zegt hij in een telefoongesprek. „Want de aanwijzingen dat er toen al sapiens leefden in deze regio zijn omstreden. Die discussie kan je niet negeren. Zeggen dat dit zonder meer sapiens is, is echt te makkelijk. Je kan dat toeschrijvingsprobleem niet oplossen door selectief te shoppen in de literatuur.” Archeologie is er niet om zomaar een keuze te maken als et twijfel is, legt Roebroeks uit. „Het enige dat de wetenschap vooruit helpt, is duidelijk zijn over wat we niet weten en over wat wel goed bewezen kan worden”, zegt hij.

Werktuigen van 150.000 jaar oud

Frappant genoeg publiceerde een deel van Auberts onderzoeksteam, onder leiding van Adam Brumm, vorige maand in PLOS een uitvoerig onderzoek naar de werktuigen in de Bulu Bettue-grot op Sulawesi. De oudste werktuigen van 150.000 jaar oud zijn ongetwijfeld van ‘archaïsche hominiden’, zeer waarschijnlijk de nauw aan neanderthalers verwante denisoviërs.

En Brumm en zijn team zien in de grot óók een grote continuïteit in werktuigstijl van die vroegste tijd tot aan 40.000 jaar geleden. Pas dan komt er archeologisch materiaal dat evident aan sapiens kan worden toegewezen, door gelijkenis met die uit veel later tijden. Wat is hier gebeurd, vragen de archeologen zich in PLOS af. Want in de figuratieve rotskunst (waarschijnlijk sapiens), die in de nabijgelegen grotten op Sulawesi tot ruim 50.000 jaar geleden teruggaat, is bijvoorbeeld géén breuk gevonden. Misschien leefden de denisoviërs en sapiens lange tijd naast elkaar op het eiland, oppert Brumm c.s., en wisselden ze elkaar in Bulu Bettue toevallig af rond 40.000 jaar geleden. Een andere mogelijkheid is dat de werktuigstijlen niet gebonden zijn aan mensensoorten, en dat de vroegste sapiens op het eiland gewoon dezelfde werktuigen maakten als hun archaïsche Homo-broeders en -zusters waarmee ze korter of langer tegelijk op het eiland woonden.

In het Nature-artikel over de recordhandafdruk noemen Brumm en Aubert overigens nog een extra argument voor de sapiens-herkomst van de Metanduno-hand. Eén van de vingers is dunner, een effect dat je bij het maken gemakkelijk kan bereiken door een vinger tijdens het verfblazen heen en weer te bewegen. En die „technische en stilistische complexiteit van de bewust veranderde vinger” is bekend uit later tijd van het eiland, schrijft Aubert c.s. De oudst bekende dunnevinger­handstencil op Sulawesi was tot nu toe 17.000 jaar oud. „We mogen dus concluderen dat de regionaal unieke vorm van stencilkunst veel ouder is dan gedacht”, aldus het team in Nature.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Wetenschap

Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin

Source: NRC

Previous

Next