is columnist voor de Volkskrant
Pas geleden vertelde ik een vriendin over iemand die ik had leren kennen, en zei: ‘Hij is een Karlsson van het dak-type.’ Het is knap als schrijvers een personage weten te bedenken dat de geschiedenis ingaat als een menstype. Denk aan schooldirecteur juffrouw Bulstronk uit Matilda van Roald Dahl, die iedereen meteen te binnen schoot toen ze Marjolein Faber nader leerden kennen. En dan niet alleen haar knot en akela-geïnspireerde outfit, maar ook, vooral, haar pesterige gedrag.
Karlsson is het beroemde figuurtje uit Karlsson van het dak (1955) en andere Karlssonboeken van Astrid Lindgren (de Nederlandse vertaling is van Rita Törnqvist). Toen ik het nu weer las, kort nadat ik de nieuwe Nederlandse vertaling van Peter Pan had gelezen, viel het me ineens op dat Karlsson heel erg op Peter Pan lijkt. Beiden worden ze nooit volwassen – Karlsson is ‘een mannetje’, maar ontzettend kinderachtig. Hij kan vliegen, verschijnt in de slaapkamer van kinderen, en is stout, net als Peter Pan. Een andere eigenschap van Karlsson is dat hij erg vol is van zichzelf: hij is in alles de beste van de wereld: in hanen schilderen, kinderen opvoeden, koken. Op het bordje voor zijn huis staat KARLSSON VAN HET DAK, DE BESTE KARLSSON VAN DE WERELD.
Op de Wikipedia van Karlsson vond ik niets over Peter Pan; wel stond er dat Astrid Lindgren misschien geïnspireerd is geweest door Barnaby van Crockett Johnson, een vervolgstrip die in 1942 begon. In die strip is Mr. O’Malley de peetvader van de kleuter Barnaby, en hij is een mannetje van amper een meter die sigaren rookt en vier roze vleugels heeft. Zijn toverstaf is een half opgerookte sigaar. Ach, de jaren veertig!
Even terug naar Karlsson, voor wie hem niet kent. Hij is behalve stout en bizar zelfverzekerd ook klein, dik, hij rookt pijp en heeft een motortje op zijn rug waardoor hij kan vliegen. Hij woont op het dak bij Erik Erikson, de jongen met wie hij een semi-terroriserende maar toch leuke vriendschap aanlegt. Erik vindt het leven altijd acuut saai als Karlsson er niet is.
Bij het herlezen van het boek viel het me op hoeveel van Karlssons gedrag met de kennis van nu op te vatten is als gaslighting. Erik en hij hebben bijvoorbeeld een weddenschap om een chocoladereep, maar als Erik wint, eist Karlsson de reep op. ‘Als jij gewonnen hebt, dan is het toch niet te veel gevraagd dat ik de chocoladereep krijg?’, zegt Karlsson. ‘Rechtvaardigheid moet er zijn in de wereld!’
En zo komen er ineens meer mensen in je op die een opvallende gelijkenis met Karlsson vertonen, omdat ze zichzelf altijd de beste vinden en de waarheid gillend naar hun hand zetten. Zoals Donald Trump. Maar dat zou niet eerlijk zijn tegenover Karlsson, of wijlen Astrid Lindgren. Bovendien heeft Karlsson veel meer humor dan Trump.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant