In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.
CDA, D66 en VVD willen het bonusplafond voor bankiers verhogen. Ze bezwijken daarmee voor de bankenlobby en vergeten het belang van de belastingbetaler en de maatschappij.
Medy van der Laan, D66’er en voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) zal niet hebben verwacht dat haar lobby zo snel succes zou hebben. Het nieuwe kabinet onder leiding van haar partijgenoot Rob Jetten is nog niet begonnen of een vurige wens van de NVB komt uit: een Kamermeerderheid heeft besloten de bonusregels voor bankiers te versoepelen, ze kunnen daardoor straks weer fors hogere bonussen krijgen. De partijen die aan een minderheidskabinet werken, vinden dat een goed idee en krijgen steun van JA21, FvD en de BBB.
De NVB heeft zich vanaf de invoering in 2014 tegen de bonusregels verzet. Het bonusplafond van 20 procent was lager dan in andere Europese landen waar meestal een plafond van 100 procent geldt. Bovendien gold het in Nederland niet alleen voor de top, maar voor alle medewerkers.
De toenmalige minister van Financiën, Jeroen Dijsselbloem, hield zijn poot stijf. Bonussen zetten bankiers aan tot roekeloos gedrag, was zijn overtuiging. Dat had geleid tot de zware financiële crisis van 2008, waarna overheden wereldwijd vele miljarden moesten spenderen om de banken overeind te houden.
Volgens de NVB zou het bonusplafond ertoe leiden dat bancair talent zijn heil in het buitenland zou zoeken. Daar wordt de laatste tijd een argument aan toegevoegd. Doordat technologie steeds belangrijker is geworden in het bancaire vak, zijn banken naarstig op zoek naar ict-talent. Die kunnen nu buiten de bancaire sector veel meer verdienen, is de redenering, in ieder geval hogere bonussen krijgen. Wil Nederland concurrerend blijven op het gebied van fintech, dan moet het bonusplafond verdwijnen.
Adriaan Mol, oprichter van Mollie, een aanbieder van online betaalservices, was de luidste stem in deze. Mollie wil de concurrentie met de grootbanken aan – vooralsnog met weinig succes – en heeft daarom sinds vorig jaar een bankvergunning. Het bedrijf moest daardoor ineens de bonussen naar beneden schroeven.
Het is te begrijpen dat politici de tech-industrie willen helpen. Europa heeft op veel terreinen een straatlengte achterstand op de Amerikaanse techbedrijven, maar dit is de verkeerde hulp.
De partijen die voor het verhogen van het bonusplafond zijn, hebben zich opnieuw laten verleiden tot het beantwoorden van de verkeerde vraag. Bij normale bedrijven is het goed om te kijken naar de concurrentiepositie, maar banken zijn geen normale bedrijven. Ze hebben allerlei privileges. Grote banken die zich in de nesten werken, gaan niet failliet, maar worden gered door de overheid met geld van de belastingbetaler. En elke bank kan onder zeer gunstige voorwaarden geld lenen bij de Europese Centrale Bank, waardoor winst maken makkelijk is.
De belangrijkste vraag moet dus niet zijn: welke bonussen zijn nodig om de banken concurrerend te houden? Maar: welke bonussen zijn te verantwoorden aan de belastingbetaler? En ook: welk bonusplafond leidt tot de meest wenselijke bancaire cultuur?
Nederland is vooral gebaat bij bankiers die enige maatschappelijke verantwoordelijkheid voelen en zich niet te veel door individuele hebzucht laten leiden. Hoge bonussen helpen daar niet bij. Het bonusplafond, waar de NVB zich al in 2014 ‘ernstige zorgen’ over maakte, heeft bovendien geen merkbare schade aangericht aan de Nederlandse banken. Er is geen goede reden te bedenken waarom die zorgen nu ineens wél serieus moeten worden genomen.
Source: Volkskrant