Home

Kustwacht kan niets uitrichten tegen spionage op de Noordzee wegens gesteggel over geld

Spionage Rusland heeft het gemunt op internet- en elektriciteitskabels op de Noordzee. Maar de Nederlandse Kustwacht komt zo veel personeel en geld tekort dat het deze kritieke infrastructuur niet kan beschermen tegen spionage en sabotage.

Nederland is afhankelijker geworden  van infrastructuur op de Noordzee. Over vier jaar komt volgens het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat zo’n driekwart van de elektriciteit die nationaal verbruikt wordt van zee.

De Kustwacht kampt met een zo groot gebrek aan geld en personeel dat de dienst tot zeker 2027 niet kan worden ingezet om internet- en elektriciteitskabels, pijpleidingen en andere infrastructuur op de Noordzee te beschermen tegen sabotage en spionage. Zo is de afdeling die verdachte signalen moet analyseren alleen tijdens kantooruren geopend en had de meldkamer – in ieder geval in 2024 – maar de helft van de benodigde bezetting.

Meldingen van private partijen als windparkexploitanten en vissers die verdachte activiteiten zien, kan de Kustwacht niet verwerken, maar enkel „aannemen en doorzetten”. Nederland loopt hierdoor het risico verdachte schepen te missen die mogelijk spionage- of sabotageacties komen uitvoeren.  

Dat blijkt uit interne documenten van de Kustwacht en de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat (I&W), van Economische Zaken en van Klimaat en Groene Groei die NRC opvroeg met een beroep op de Wet open overheid, en uit documenten die recent naar de Tweede Kamer zijn gestuurd. NRC vroeg om stukken die betrekking hebben op het zogeheten Programma Bescherming Noordzee Infrastructuur (PBNI), dat na de invasie van Rusland in Oekraïne door zes ministeries in het leven is geroepen. Doel: kritieke infrastructuur op de Noordzee beschermen tegen sabotage en spionage. 

Uit de stukken blijkt dat het programma al zo’n drie jaar nauwelijks van de grond komt wegens gesteggel over geld. Hoewel de dreiging volgens de inlichtingendiensten „onverminderd sterk” is, wil geen enkel ministerie structureel geld voor de plannen uittrekken.

Uitgehold

Een groot knelpunt in de uitvoering van de plannen is het functioneren van de Kustwacht, die toeziet op de veiligheid op de Noordzee en die onder meer politie, Douane en Marechaussee moet helpen bij hun werk op zee. Deze dienst is dusdanig uitgehold dat hij zijn roosters niet gevuld krijgt en zijn werk op het gebied van bescherming van offshore-infrastructuur in 2023 heeft stilgelegd. Die taken waren weliswaar beperkt, maar de Kustwacht heeft er nooit geld voor gekregen, en vanwege de penibele financiële situatie kon de dienst die er niet langer bij doen. 

Alle ambities voor opgeschroefde beveiliging moeten tot zeker volgend jaar „zo min mogelijk beslag leggen op tijd of capaciteit” van de dienst, blijkt uit de stukken. De Kustwacht zegt in reactie op vragen van NRC vorig jaar mensen te hebben kunnen werven en opleiden, waardoor de tekorten op de meldkamer minder zijn dan in 2024.

Spionagedrones

De sterk toegenomen dreiging van sabotage en spionage heeft het belang van bescherming van de Noordzee alleen maar vergroot. Al voor de inval van Rusland in Oekraïne waarschuwde de Nationaal Coördinator Terrorisme en Veiligheid (NCTV) dat Rusland „op structurele basis” toegang probeert te krijgen tot vitale infrastructuur om die te verstoren.

 Sinds de invasie van Oekraïne in 2022 zijn de Europese zeeën  strijdtoneel voor hybride oorlogsvoering: elektriciteits- en internetkabels op de zeebodem werden beschadigd door schepen die hoogstwaarschijnlijk in opdracht van Rusland of China voeren. Twee Nord Stream-gaspijpleidingen werden opgeblazen, volgens de Duitse justitie door een groep Oekraïense officiers. Aan Rusland gelieerde schepen maakten verdachte bewegingen voor de Nederlandse kust, onthulde NRC.  En vrachtschepen met Russische bemanning voeren Duitse wateren binnen om spionagedrones te laten opstijgen, bleek uit onderzoek van tv-programma Pointer. De schaduwvloot die ondanks internationale sancties Russische olie vervoert, kon ongehinderd in Nederland brandstof bunkeren, schreef NRC.   

Tegelijk is Nederland afhankelijker geworden van infrastructuur op de Noordzee. Over vier jaar komt volgens I&W zo’n driekwart van de elektriciteit die nationaal verbruikt wordt van zee. Door de oorlog in Oekraïne leunt Nederland daarnaast meer op eigen olie- en gasboorplatformen op zee, staat in een memo van de Kustwacht uit 2023.  

Commandant der strijdkrachten Onno Eichelsheim riep afgelopen zomer met Eurocommissaris Andrius Kubilius (defensie) op een congres in Den Haag  op tot verdediging van het continent, ook op zee. Er moest in hoog tempo meer worden geïnnoveerd,  geïnvesteerd en samengewerkt. „Poetin droomt van een verdeeld Europa”, zei Eichelsheim, „maar wij zijn verenigd in het afweren van Rusland”.   

De praktijk is echter weerbarstig, laten de vrijgegeven stukken zien. In ieder geval binnen de Nederlandse overheid.   

Onderstation voor windmolenparken op de Noordzee. Meldingen van private partijen als windparkexploitanten en vissers die  verdachte activiteiten zien, kan de Kustwacht enkel „aannemen en doorzetten”.

Niemand wil betalen

De financiële problemen ontstonden al toen het kabinet-Rutte IV begin 2023 het PBNI in het leven riep.  Zes ministeries, waaronder Defensie en Economische Zaken,  kregen daarbij de taak samen met de Kustwacht de vitale infrastructuur op de Noordzee beter te gaan beschermen, onder coördinatie van I&W. Geld werd er niet voor uitgetrokken. „Tot op heden ontbreekt de dekking. Dat vinden wij gek”, mailde de Inspectie der Rijksfinanciën eind 2023, ruim een half jaar nadat het programma van start was gegaan.   

I&W schrijft in antwoord op vragen van NRC dat er eerst een actieplan en dreigingsanalyses moesten komen vóórdat een overzicht kon worden gemaakt van de kosten. „Financiering vragen zonder een plan in te dienen is niet mogelijk en daarom heeft PBNI niet vanaf de start financiering gekregen.”

Ook toen duidelijk was hoeveel het programma zou gaan kosten, konden of wilden de ministeries zelf niets of nauwelijks bijdragen. Zij vroegen Financiën het programma uit de algemene pot te financieren. Dat weigerde dat ministerie, met als reden dat het kabinet sinds die zomer demissionair was.

Financiën weigerde ook aan te schuiven bij overleg over het benodigde geld, blijkt uit de stukken. Dat schoot Infrastructuur & Waterstaat in het verkeerde keelgat. Het is „niet dat I&W of een ander ministerie dit zelf verzonnen heeft en dat het een nice-to-have zou zijn”, mailde een ambtenaar aan Financiën. „Op verzoek van de Nationale Veiligheidsraad is dit opgepakt.” De Veiligheidsraad is een overlegplatform van negen ministers, onder leiding van de premier, over veiligheids- en defensiebeleid.   

Pas toen toenmalig premier Mark Rutte erbij werd gehaald, besloot het demissionaire kabinet halverwege 2024 om 17 miljoen vrij te maken voor dat jaar, en voor 2025 nog eens 25 miljoen. Maar dit waren „incidentele bijdragen”. Geen enkel departement wilde voor de langere termijn geld toezeggen.  

Dat is niet genoeg, waarschuwden ambtenaren toen al.  „Alleen structurele investeringen kunnen bijdragen aan voortzetting van het programma”, mailde een ambtenaar van I&W. „Zonder structurele investeringen blijft weinig meer over om de bescherming van de Noordzee infrastructuur te kunnen versterken.”  

Volgens interne nota’s zou er vanaf 2025 44,2 miljoen per jaar nodig zijn, oplopend tot zo’n 100 miljoen voor 2031 en verder. Van die bedragen zou vanaf 2027 jaarlijks zo’n 46 miljoen naar de Kustwacht moeten gaan. In antwoord op vragen van NRC schrijft I&W nu dat er vanaf 2030 jaarlijks zo’n 70 miljoen nodig is.

Verantwoordelijk minister Mark Harbers (I&W, VVD) wilde het in 2023 nogal positief brengen naar de Tweede Kamer. In een nota over een concept-Kamerbrief schreef hij op een Post-it in de kantlijn: „Ik zie dat de brief minder invulling geeft dan de toezeggingen die we deden. […] De brief kan denk ik ook veel actiever en doeneriger worden opgeschreven. […] We moeten voorkomen dat we een vlakke brief schrijven die de Kamer de indruk geeft dat er alleen maar gesproken en onderzocht wordt.” 

Alleen ‘quick wins’

In werkelijkheid is er in drie jaar tijd weinig van de grond gekomen, valt te lezen in de documenten – afgezien van wat „quick wins” als de aanschaf van nieuwe camera’s en radarsystemen, en een „proeftuin” om het dreigingsbeeld te verbeteren. Als dan een verdacht schip wordt gesignaleerd, zijn er te weinig mensen of boten om iets te doen. 

De aanschaf van een extra patrouilleboot voor de Kustwacht liep door financiële problemen vertraging op. Een „onaanvaardbaar scenario”, noemde het bestuur van de Kustwacht dat probleem in 2024. Het schip zal nu in de loop van 2026 in gebruik worden genomen. Het wordt gehuurd van sleepvaartbedrijf Muller, dat ook de bemanning levert.

Ook het delen van informatie tussen Kustwacht, marine, inlichtingendiensten, politie en OM verloopt gebrekkig, blijkt uit een recent rapport over bescherming van de Noordzee-infrastructuur dat in opdracht van I&W werd geschreven. De Kustwacht heeft te weinig informatie en mensen om verdachte signalen goed te analyseren. Het is meermaals voorgekomen dat een door de Kustwacht ontvangen signaal pas een paar dagen later door inlichtingendiensten of marine werd geduid. In de tussentijd werd op basis van onvolledige informatie wel besloten of en, zo ja, hoe moest worden ingegrepen. 

Zo kunnen dubieuze schepen onopgemerkt blijven. Zoals het vrachtschip Ruby, dat in oktober 2024 met technische mankementen op de Noordzee doolde. Het schip had in Rusland het explosieve ammoniumnitraat geladen – dezelfde stof die in 2020 ontplofte in de haven van Beiroet waarbij 220 doden vielen. „Wegens veiligheidsoverwegingen is dit schip in meerdere landen niet welkom”, staat in vrijgegeven notulen. Maar „deze informatie is nagenoeg pas als laatste schakel bij de Kustwacht terechtgekomen”.

Uiteindelijk vond het schip een haven in Groot-Brittannië, waar een deel van de lading in zee werd gedumpt, en een deel werd overgeslagen naar een ander schip. Daarna voer de Ruby alsnog naar Rotterdam.   De Kustwacht schrijft in reactie op NRC-vragen dat ze zelf al informatie had over de Ruby voordat ze een formele melding kreeg. „We hielden dit schip dus in de gaten”, schrijft de woordvoerder.

Vooralsnog is er geen oplossing voor de financieringsproblemen in zicht. Voor 2026 is slechts 5 miljoen euro gereserveerd. Minister Robert Tieman (I&W, BBB) liet de Kamer  vorige maand weten dat het aan het nieuwe kabinet is „een besluit te nemen over het vervolg van het Programma Bescherming Noordzee Infrastructuur.” Wel heeft de projectgroep inmiddels een actieplan en een „governance advies” opgeleverd.  

Het vrachtschip Ruby, dat in oktober 2024 met technische mankementen op de Noordzee doolde en uiteindelijk aanmeerde in de Britse haven Great Yarmouth.

Reageren? onderzoek@nrc.nl  

Schrijf je in voor de nieuwsbrief Wereldzaken

Terugblikken, extra analyses en leestips bij de laatste uitzending van de podcast Wereldzaken.

Source: NRC

Previous

Next