is historicus, gepromoveerd op de tweede feministische golf.
Mijn zoon (4) vindt jurken ‘supermooi’ en wil er soms een dragen. Op school wordt hij erom uitgelachen, op straat is hij al uitgescholden. ‘Wat is dít nou?’, riep een jongen in de speeltuin, terwijl hij de jurk van mijn zoon stuk probeerde te trekken. Nog voor jongens kunnen lezen, hebben ze al geleerd elkaar te berispen op ‘meisjesachtig’ gedrag.
Kinderen voelen haarfijn aan dat mannelijkheid en vrouwelijkheid bestaan bij de gratie van een tegenpool. En dat vrouwelijkheid lager in rang staat.
Vorige week fulmineerde Gabriël van den Brink in zijn column tegen het begrip ‘angstcultuur’. Er is ‘geen waardering meer voor het harde, zakelijke, hiërarchische, rationele en functionele gedrag dat kenmerkend was voor een klassieke mannelijke cultuur. Bijgevolg nam ook ons vermogen tot het incasseren van tegenslagen af’. Dit alles zou onder meer het gevolg zijn van ‘feminisering’, door Emma Curvers al ontmaskerd als de nieuwste mythe waar conservatieven zich druk over maken.
Nu de planeet naar de ratsmodee gaat en er (dankzij ‘echte mannen’ in het Witte Huis en het Kremlin) oorlog dreigt, zal volgens Van den Brink onze waardering voor ‘de klassiek mannelijke vaardigheid om het hoofd te bieden aan angsten, gevaren en onzekerheid’ eindelijk weer toenemen.
Zijn seksistische betoog past naadloos in de lange geschiedenis van het wegzetten van vrouwen als oncontroleerbaar, emotioneel en hysterisch. Het is verleidelijk om daar de rest van mijn column aan te wijden.
Maar het omgekeerde, zo denk ik inmiddels, is even schadelijk: de impliciete veronderstelling dat mannen hun emoties moeten beheersen. Dat de ‘klassieke mannelijke cultuur’, die het bagatelliseren en ontkennen van kwetsbaarheid inderdaad beloont, voor mannen werkelijk goed uitpakt.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Uit onderzoek blijkt dat jongens op, en vóór de leeftijd van 1 jaar meer emoties tonen dan meisjes. Jongensbaby’s zijn fragieler en emotioneel kwetsbaarder dan meisjes, rond de geboorte sterven ze zelfs iets vaker. Ze huilen vaker, maar worden door vaders én moeders minder geknuffeld en gewiegd. Dat komt, zo wijzen studies uit, omdat jongensbaby’s als sterker, steviger en bozer worden ingeschat dan meisjes. Op de leeftijd van 2 jaar zijn jongens al minder verbaal expressief, en op de leeftijd van 4 jaar tonen ze minder expressieve gezichtsuitdrukkingen. Agressie blijft over als de geaccepteerde emotie die tienerjongens openlijk mogen uiten.
De Amerikaanse psycholoog Ronald Levant heeft het begrip ‘normatieve mannelijke alexithymie’ geïntroduceerd. Alexithymie is het onvermogen om emoties te herkennen (etymologisch betekent het ‘het ontbreken van woorden voor gevoelens’). Uit angst om vrouwelijk over te komen, onderdrukken jongens hun emoties en op den duur verliezen ze zelfs het vermogen om ze te herkennen.
Het opgedrongen emotionele stoïcisme waar Van den Brink naar terugverlangt, belemmert intimiteit. Voor vrouwen is het doodvermoeiend. Voor mannen is het desastreus.
Nu de traditionele rol van de man als kostwinner minder vanzelfsprekend wordt, is er sprake van regressie: de expliciete acceptatie van uiterst rechtse mannelijke idealen via de manosfeer – wordt rijk en krijg zo toegang tot vrouwen.
Er is geen doorwrocht progressief antwoord. Het op sociale media bashen van de manosfeer, het discours over de ‘mannencrisis’: het heeft bar weinig om het lijf. In columns en essays wordt steevast verwezen naar één oerboek: Of boys and men van de Amerikaanse wetenschapper Richard Reeves. Zijn thesis over een ‘mannencrisis’ wordt klakkeloos overgenomen, zonder kritisch te beschouwen of en hoe een Amerikaans fenomeen strookt met de Nederlandse realiteit.
De term ‘vrouwencrisis’ bestaat niet, ook feministen hebben het nooit gebezigd. Ook spreken we niet van een ‘vrouwenprobleem’. Wél buigen zij zich sinds de negentiende eeuw over het ‘vrouwenvraagstuk’: hoe worden meisjes en vrouwen gesocialiseerd, en wat betekent dat voor hun positie in de maatschappij en de rollen die ze in een veranderende samenleving kunnen aannemen?
Hetzelfde moet door en voor mannen gebeuren. Je wordt immers niet als man geboren, je wordt tot man gemaakt.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns