Home

Als de planeet echt te heet wordt, kiest Trump dan voor geo-engineering?

Klimaatinterventie De Amerikaanse regering stapt nu zelfs uit het Klimaatverdrag van 1992, als enige land ter wereld. Maar wat als de gevolgen van klimaatverandering voelbaar worden? Sommigen vrezen dat Trump dan op eigen houtje kiest voor technologie om het klimaat aan te passen.

Brandweerlieden bestrijden een natuurbrand bij Los Angeles.

Van president Donald Trump weet je het nooit zeker, maar zouden alle Republikeinen inmiddels werkelijk denken dat klimaatverandering geen probleem is, of op zijn minst kan worden? Dat de VS nog jaren ongestraft kunnen doorgaan met het gebruik van fossiele brandstoffen? Dat je gerust afgeschreven, zwaar vervuilende kolencentrales kunt inzetten om energie slurpende datacenters van stroom te voorzien? Je kunt het je nauwelijks voorstellen.

Ook binnen de regering-Trump zullen er mensen zijn die geloven dat klimaatwetenschappers gelijk hebben als ze een verband leggen tussen de natuurbranden bij Los Angeles en de toenemende hoeveelheid broeikasgassen in de atmosfeer, tussen zwaardere orkanen en het steeds warmere oceaanwater, tussen de extreme buien afgelopen zomer in Texas en klimaatverandering. Zelfs in een regering die dat woord in de ban heeft gedaan, die het verzamelen van klimaatdata aan banden legt, die agentschappen voor klimaatonderzoek ontmantelt en die zelfs – als enige land ter wereld – het Klimaatverdrag van 1992 de rug toekeert, zullen mensen zitten die weten wat de risico’s zijn.

De Franse filosoof Bruno Latour schreef al in 2017 in zijn pamflet Waar kunnen we landen over de VS als een van de hoofdverantwoordelijken voor het ontstaan van klimaatverandering. Na het klimaatakkoord van Parijs (2015) had het land volgens hem in feite twee opties: de reikwijdte ervan erkennen met alle verantwoordelijkheden die daarbij horen, of „verzinken in ontkenning”. Latour schrijft: „Degenen die zich achter Trump schuilhouden, hebben besloten Amerika nog een paar jaar te laten dromen, het moment van de landing uit te stellen en al doende de rest van de wereld mee te slepen in de afgrond – misschien definitief.”

De vraag is hoelang de VS nog kunnen blijven dromen. En misschien nog belangrijker: wat gebeurt er als ze uit hun droom ontwaken? Wat doen ze als de gevolgen van een opwarmende planeet om welke reden dan ook niet langer genegeerd kunnen worden? Zelfs niet door een rijk land als de Verenigde Staten.

Een inwoner van Kerville, Texas, bekijkt de overstromende Guadalupe rivier op 4 juli 2025.

Sleutelen aan aardse systemen

Kort nadat Trumps tweede termijn vorig jaar begon stelden de Britse wetenschappers Shaun Fitzgerald en Hugh Hunt zichzelf die vraag in een artikel op wetenschapswebsite The Conversation. Misschien, schrijven ze, breken er wel gouden tijden aan voor ‘geo-engineering’, of zoals het KNMI het noemt: klimaatmodificatie. Simpel gezegd, het sleutelen aan aardse systemen om het klimaat te beïnvloeden. Het zijn prille technologieën om de aarde te koelen, bijvoorbeeld door minuscule deeltjes die zonlicht reflecteren in de stratosfeer te pompen, of wolken witter te maken door zout water in de lucht te vernevelen. Ze zijn zeer omstreden, omdat de ‘bijwerkingen’ wel eens ernstiger zouden kunnen zijn dan de kwaal.

Een beetje vooringenomen zijn Fitzgerald en Hugh wel. Ze werken bij het Centrum voor Klimaatreparatie van de universiteit van Cambridge – ‘klimaatreparatie’ klinkt een stuk vriendelijker dan geo-engineering, dat eerder doet denken aan gevaarlijke sciencefiction. Ze erkennen dat Trump niet de meest natuurlijke voorstander is van welke klimaatinterventie dan ook. Maar, stellen ze, als hij dan toch iets gaat doen, lijkt geo-engineering het meest voor de hand te liggen.

Daar zouden ze wel eens gelijk in kunnen hebben. Geo-engineering voldoet aan veel van Trumps wensen: het lijkt gemakkelijk inzetbaar, vereist geen drastische economische ingrepen, het is relatief goedkoop en het biedt snel resultaat, als het werkt. Ook een voordeel: het kan zonder het ingewikkelde internationaal overleg waar de VS nu juist zijn uitgestapt. Trump zou helemaal in zijn eentje een deal kunnen sluiten met het klimaat.

De gevolgen van de Palisades-brand in een wijk van Los Angeles.

De belangstelling van de president zou gewekt kunnen worden door de mannen uit de Big Tech-wereld waarmee hij zich heeft omringd. Daar is het vertrouwen in technologische oplossingen voor welk probleem dan ook bijzonder groot. Een van die techmiljardairs is Peter Thiel, mede-oprichter van betaalsysteem PayPal en softwarebedrijf Palantir, en mentor van vicepresident JD Vance. Thiel sluit niet uit dat het klimaat opwarmt, maar zijn grootste zorg is niet klimaatverandering zelf, heeft hij herhaaldelijk gezegd. Hij is vooral bang „dat we het probleem verkeerd diagnosticeren en ten prooi vallen aan groepsdenken”. Dan dreigt wat hij in een podcast van The New York Times een ‘Greta Toekomst’ noemt, een „op antigroei gebaseerde, autoritaire en door milieuactivisten [zoals de Zweedse Greta Thunberg] gedomineerde wereld”. Daarom pleit hij ervoor om „manieren te vinden om koolstof te verwijderen”. Dat kan zelfs betekenen dat „al die gekke geo-engineering-dingen misschien ook op tafel moeten komen”.

Andere Amerikaanse techbazen zeggen iets soortgelijks. Bill Gates, die erop vertrouwt dat we ons uit een klimaatramp innoveren, financierde al in 2006 onderzoek naar technologieën om zonlicht te reflecteren en weer de ruimte in te kaatsen. Journalist Alexander Kaufman van The Atlantic hoorde Gates afgelopen najaar op een besloten lunch zeggen dat „ingrijpende instrumenten zoals geo-engineering een waardevolle aanvulling kunnen zijn op het complete arsenaal aan klimaatadaptatie”.

Sommige techmiljardairs stellen grote geldbedragen in het vooruitzicht aan bedrijven die iets slims bedenken om broeikasgassen uit de atmosfeer te verwijderen. Jeff Bezos, ceo van Amazon, financiert via zijn Bezos Earth Fund voor miljoenen aan onderzoek naar deze technologie. Het Chan Zuckerberg Initiative van Meta-topman Mark Zuckerberg en zijn vrouw looft 10 miljoen dollar uit aan het eerste bedrijf dat jaarlijks 500 miljoen ton CO2 aan de atmosfeer weet te onttrekken. Elon Musk biedt voor ongeveer hetzelfde zelfs 100 miljoen dollar als beloning.

Vertrouwen op ‘wanhopige sciencefiction’

Blindelings vertrouwen op „wanhopige sciencefiction”, noemt de Deense universitair docent psychologie Gregers Andersen het. Wat op het eerste gezicht lijkt op altruïsme en filantropie, schrijft hij in het wetenschappelijk tijdschrift Culture, Theory and Critique, is niets anders dan een zoektocht naar een technologische uitweg uit een sociaal-ecologische crisis. Door zich met technologische middelen vast te klampen „aan een stervend maatschappelijk en economisch model” waaraan ze hun bevoorrechte positie te danken hebben, probeert deze elite volgens Andersen zijn immense economische belangen veilig te stellen.

Een bewoner van een ouderencentrum in Altadena, Californië, wordt geëvacueerd vanwege de nadering van een natuurbrand in januari 2025.

Intussen waarschuwen wetenschappers voor de gevaren. Het is de vraag of klimaatmodificatie wel werkt. Er kunnen onverwachte gevolgen zijn voor weerssystemen overal op aarde. En je kunt er eigenlijk nooit meer mee ophouden, omdat dan de temperatuur onder invloed van de toegenomen concentratie aan CO2 in korte tijd omhoog zal schieten – want de uitstoot zelf wordt niet aangepakt. Geo-engineering voorkomt bovendien niet dat de oceaan CO2 blijft opnemen. De verzuring die daarvan een gevolg is gaat gewoon door, waardoor bijvoorbeeld koralen sterven.

Trump zou zich hier waarschijnlijk niets van aantrekken, zoals hij dat ook niet heeft gedaan bij een ander technologisch hoogstandje, diepzeemijnbouw. In Trumps eerste termijn flirtten partijgenoten openlijk met geo-engineering. Zo sprak Lamar Smith, de Republikeinse voorzitter van de Commissie voor Wetenschap, Ruimte en Technologie, in 2017 nog van „een gereedschap om de gevolgen van een veranderend klimaat te beteugelen”. Smith zag geen reden om „hysterisch” te doen over klimaatverandering. Sleutelen aan het klimaat vond hij beter dan „onwerkbare en kostbare overheidsmaatregelen opdringen aan de Amerikaanse bevolking”.

Milieujurist David Schnare, die het Amerikaanse Milieuagentschap EPA voor Trumps eerste termijn omvormde naar de wensen van de nieuwe president, noemde geo-engineering een „gulden middenweg […] tussen niets doen en uitsluitend vertrouwen op broeikasgasreducties” en een manier om eventuele effecten van de opwarming van de aarde „nog een paar decennia uit te stellen”.

Samenzweringstheorieën

Toch kan Trump inmiddels juist vanuit zijn eigen partij op weerstand rekenen, als hij zijn zinnen zou zetten op klimaatmodificatie. Want geo-engineering is bij veel Republikeinen in ongenade gevallen en vermengd geraakt met samenzweringstheorieën. Zonlicht weerkaatsen door aerosolen in de stratosfeer te injecteren, lijkt in hun ogen verdacht veel op het idee achter ‘chemtrails’, een complottheorie die beweert dat de condensstrepen van vliegtuigen chemische stoffen (in plaats van CO2 en waterdamp) bevatten waarmee het gedrag van mensen wordt beïnvloed. Was het niet de Amerikaanse luchtmacht zelf die in 1996 een rapport publiceerde getiteld Weather as a Force Multiplier: Owning the Weather in 2025? Dat rapport ging over technologieën om (in 2025!) het weer te beheersen, zodat de VS „the dominant air and space force” kunnen blijven – de dominante macht in luchtvaart en ruimte.

Sommige mensen brengen de sporen van vliegtuigen in de lucht in verband met geo-engineering.

In een tv-uitzending in april zinspeelde minister van Volksgezondheid Robert Kennedy, nooit wars van complotten, op „een Amerikaans project” voor het gebruik van chemtrails. Volgens hem hield het Defense Advanced Research Projects Agency (DARPA) zich hiermee bezig, zeer tot zijn ongenoegen. Kennedy beloofde er alles aan doen om „degenen die dit doen ter verantwoording te roepen” en het project te stoppen.

De dodelijke overstromingen in juli in Texas, die wetenschappers in verband brengen met klimaatverandering, waren voor veel Republikeinen hét bewijs dat er organisaties zijn die het weer manipuleren. De Republikeinse afgevaardigde Marjorie Taylor Greene organiseerde een hoorzitting over ‘God spelen met het weer’. Ze diende de ‘Clear Skies Act’ in, een wetsvoorstel om alle vormen van weermodificatie te verbieden.

Of de wet ooit wordt aangenomen is de vraag, nu Taylor Greene is vertrokken. Bedrijven en investeerders zouden zich er waarschijnlijk toch niet door laten weerhouden. De Amerikaanse energie- en klimaatwebsite Heatmap onthulde in oktober dat de Amerikaans-Israëlische startup Stardust Solutions in stilte zo’n 60 miljoen dollar heeft opgehaald bij investeerders, onder meer uit Silicon Valley, om een eigen technologie voor geo-engineering te ontwikkelen. Over een jaar of vijf moet die gebruiksklaar zijn.

Stardust Solutions vroeg de Zwitsers-Hongaarse klimaatdiplomaat Janos Pasztor, oud-directeur van het Carnegie Climate Geoengineering Governance Initiative, om mee te denken over inzet, beheer en bestuur van de nieuwe technologie. Want wie bepaalt wanneer geo-engineering mag worden ingezet?

Niet in private handen

Pasztor ging akkoord onder de voorwaarde dat het bedrijf transparant zou zijn over wat het doet en dat zijn rapport snel gepubliceerd zou worden. „De wetenschap is nog lang niet ver genoeg gevorderd om klimaatmodificatie af te wijzen of te accepteren, laat staan te implementeren”, vond Pasztor. Elk besluit daarover moet volgens hem in een internationaal akkoord gedragen worden door wetenschappers en zo veel mogelijk regeringen. Eigenlijk vindt hij het onwenselijk dat middelen om de atmosfeer te beheersen in private handen zijn. Toen Stardust Solutions het rapport niet publiceerde, besloot Pasztor het op LinkedIn te zetten zonder daar ruchtbaarheid aan te geven.

Een kolencentrale in Princeton, Indiana.

De Hongaar zegt in een interview met Heatmap dat hij vreest voor „een behoorlijk lastige geopolitieke discussie”. De twee landen waarmee Stardust Solutions banden heeft, Israël en de VS, geven weinig om multilateralisme. En één ervan „doet alles wat in strijd is met wat je zou moeten doen” om klimaatverandering te bestrijden: vol inzetten op kolen, olie en gas en de rest van de wereld ervan proberen te overtuigen hetzelfde te doen.

Bij dat laatste zou geo-engineering de VS zelfs kunnen helpen. Een technologie die nauwelijks sociaal-economische veranderingen vereist vormt een sterk argument voor landen om, in de woorden van Bruno Latour, „nog een paar jaar te dromen”. In september waarschuwden ruim veertig klimaatwetenschappers daar nog voor in het tijdschrift Frontiers in Science. Zij schreven: „Het is van cruciaal belang dat ideeën [over geo-engineering] de prioriteit om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen niet overschaduwen”. Laat Trump het vooral niet horen.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Klimaat

De laatste ontwikkelingen rond klimaat, natuur en duurzaamheid

Source: NRC

Previous

Next