Home

Het iconische kantoorgebouw van ‘Even Apeldoorn Bellen’ wordt gesloopt... of een rijksmonument

Het voormalig hoofdkantoor van verzekeraar Centraal Beheer (‘Even Apeldoorn Bellen’) staat al ruim tien jaar te verpauperen. De gemeente zoekt een nieuwe bestemming. ‘De Apenrots’ wordt mogelijk zelfs een van de eerste rijksmonumenten van na 1965. ‘We leveren het bezemschoon op.’

Vlak achter station Apeldoorn raast een intercity langs een betonnen blokkendoos met dichtgetimmerde ramen en gebarricadeerde deuren. Door de hoge hekken, het opgekrulde, verroeste ijzerdraad en de beveiligingscamera’s lijkt de plek meer op een streng beveiligde legerbasis dan op een wereldwijd geprezen kantoorgebouw dat ze in Apeldoorn liefkozend ‘de Apenrots’ noemen.

Hier ging jarenlang de telefoon over bij verzekeringsmaatschappij Centraal Beheer – de grappige reclamespotjes ‘Even Apeldoorn Bellen’ die sinds 1985 werden gemaakt, zijn nog steeds populair op YouTube. Zo geliefd als die slogan ooit was bij het grote publiek, is het hoofdkantoor van Centraal Beheer nog altijd in de architectuurwereld.

‘Stukje Apeldoorn staat te verpauperen’

Maar sinds 2013 staat het gebouw leeg. Het complex werd verkocht aan projectontwikkelaars met grootse plannen voor woningbouw en herbestemming. Beide ontwikkelaars gingen failliet voordat er ook maar een van deze plannen werkelijkheid werd.

‘Er staat een belangrijk stukje Apeldoorn te verpauperen’, zegt wethouder Peter Messerschmidt (volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en cultuur). ‘Daarom moeten we als overheid een stap zetten. Het is een iconisch gebouw dat enorm belangrijk is voor Apeldoorn, onlosmakelijk verbonden met deze stad.’ In december 2024 kocht de gemeente het kantoor.

Wat maakt het zo bijzonder? In 1973, een tijd waarin kantoren nog bestaan uit lange, saaie gangen met kleine, afgesloten hokjes, kiest architect Herman Hertzberger (1932) voor een radicaal andere aanpak: 56 betonnen kubussen van 9 bij 9 meter, elk met balkons die uitkijken op andere werkruimtes en verbonden zijn door loopbruggen.

Als een soort verticale stad stimuleert dit ontwerp contact tussen collega’s. Grote ramen langs de gevels laten daglicht binnen en dankzij dakramen is er ook in het midden natuurlijk licht. Het structuralistische pand wordt gezien als een van de eerste kantoortuinen, al spreekt Hertzberger zelf liever van een ‘werkplaats’: een open structuur waar mensen zich vrij voelen en samenwerken zonder hiërarchische muren.

Achter de poort van het terrein worden de gevolgen van ruim tien jaar leegstand duidelijk. De Apenrots zelf is afgesloten – asbest – maar vanaf de negende verdieping van de naastgelegen Pakhoedtorens, waar de lift buiten dienst is, valt de vervallen staat van het verzekeringskantoor goed te zien. Het stemt niet vrolijk. De meeste ramen hebben het moeten ontgelden, de vloer ligt bezaaid met glasscherven. De muren zijn kaal en afgebladderd, overal ligt afval.

Sloop

Komend jaar worden de Pakhoedtorens gesloopt. Vervolgens wordt uit het Hertzbergerpand asbest verwijderd en het glas opgeruimd. ‘We leveren het bezemschoon op’, aldus de wethouder. In het najaar van 2026 moet duidelijk worden wat er met de Apenrots gebeurt.

Twee uitersten zijn denkbaar: het kantoor krijgt een nieuwe bestemming of het wordt gesloopt – al heeft dat laatste absoluut niet de voorkeur. Sterker nog: sinds september staat het hoofdkantoor van Centraal Beheer op de nominatie om rijksmonument te worden, samen met nog veertien gebouwen van na 1965, waaronder de Rodahal in Kerkrade (1966), de Kasbah in Hengelo (1973) en station Lelystad Centrum (1988).

‘Bij rijksmonumenten denken mensen snel aan historische kerken, kastelen en stadhuizen’, zegt Mariël Kok van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). ‘In de jaren tachtig en negentig zijn we ook monumenten uit de 19de en begin 20ste eeuw gaan beschermen. Tien jaar geleden kwamen daar gebouwen uit de wederopbouw bij. Nu is de volgende fase aan de beurt, ‘Post-65’. Dat zijn relatief jonge gebouwen van 1965 tot 1990. Het hoofdkantoor van Centraal Beheer hoort bij de eerste vijftien nominaties.’

De status van rijksmonument hoeft een nieuwe bestemming niet in de weg te zitten, benadrukt Kok. ‘De angst van eigenaren is dat er niks meer kan en mag, dat je dan met handen en voeten gebonden bent. Maar dat is helemaal niet zo.’

Stad van veiligheid

Voorlopig zijn de plannen nog slechts concepten. In het najaar van 2026 wil de gemeenteraad beslissen welk scenario verder wordt uitgewerkt. De wethouder ziet veel potentie in de vestiging van een ‘innovatieve politiehub’.

‘Dat is een niet zo sexy naam voor een plek waar de politie de maatschappij ontmoet en kan laten zien wat het politiewerk inhoudt’, zegt Messerschmidt. Bezoekers zouden er levensechte situaties kunnen meemaken en zich verplaatsen in de rol van agenten. Met de Politieacademie en legeronderdelen binnen de stad wil Apeldoorn zich nadrukkelijker profileren als stad van veiligheid.

Levende architecten

Het bijzondere aan deze Post 65-gebouwen is dat de architecten die het ontwierpen vaak nog in leven zijn, zegt Kok van de RCE. ‘Dat maakt het mogelijk om bij herbestemming direct in gesprek te gaan met de ontwerper zelf.’

Zo ook met de 93-jarige Hertzberger, die eerder ook actief betrokken was bij de vernieuwing van het door hem ontworpen Muziekcentrum Vredenburg tot TivoliVredenburg in Utrecht. Hij verzet zich tegen de beoogde sloop van het oude ministerie van Sociale Zaken in Den Haag. In Apeldoorn sprak hij al vaker over een nieuwe bestemming van het hoofdkantoor van Centraal Beheer, zoals tijdens de laatste Open Monumentendag.

Slopen kost volgens hem meer uitstoot en bouwkosten dan wanneer je het skelet van het gebouw opnieuw zou gebruiken, benadrukte hij toen. Je hoeft het wat hem betreft niet mooi te vinden, het is geen kunstwerk. ‘Het is een structuur die je kunt gebruiken. Doe er wat mee, ook al vind je het een rotgebouw.’

Andere voorgedragen rijksmonumenten uit de periode 1965-1990

Naast het hoofdkantoor van Centraal Beheer zijn in 2025 nog eens veertien ‘Post 65’-bouwwerken, kunstwerken en landschappen voorgedragen als ‘jonge rijksmonumenten’ uit de periode 1965-1990. Het gaat om woningen, kantoren, winkelcentra, kerken, recreatiegebieden, scholen en kunst in de openbare ruimte.

Rodahal, Kerkrade (1966)

Voor het ontwerp van de Rodahal werd de Limburgse kunstenaar en architect Laurens Bisscheroux (1934–1997) gevraagd. De vorm van het kenmerkende dak van de evenementenhal werd bepaald door de wens om voor de hal een kolomvrije overspanning van ruim 60 meter te creëren. Hiervoor paste Bisscheroux het constructieve systeem Jawerth toe, genoemd naar de Zweedse ingenieur David Jawerth. De Rodahal was het eerste gebouw in Nederland dat met het systeem Jawerth werd gerealiseerd.

Blauwe Golven, Arnhem (1977)

De Blauwe Golven (1977) in Arnhem van beeldend kunstenaar Peter Struycken (1939) zijn het grootste kunstwerk in de openbare ruimte van Nederland, ontworpen als parkeerplaats. Dit kunstwerk is 25 duizend vierkante meter groot en precies gemaakt voor het verkeersknooppunt. Het is een met tegels geplaveid ‘landschap’.

Ecokathedraal Mildam (1965)

De Ecokathedraal in Mildam (1965) is een tuin vol wonderlijke bouwwerken, gemaakt van – met de hand gestapelde – puin en stenen, waartussen de natuur vrij spel heeft. Het is een project van kunstenaar en zelfbenoemd ‘ecotect’ Louis le Roy (1924-2012), waarin de samenwerking tussen mens en natuur centraal staat. De Ecokathedraal is ontstaan op een bosterrein waar stoep- en straattegels worden gestort.

NS-station Lelystad (1988)

In het ontwerp van station Lelystad (1988) van architect Peter Kilsdonk (1954) zijn veel leidingen en buizen zichtbaar aan de buitenkant aangebracht. Ze onderscheiden zich met kleur van andere onderdelen. Het station is een karakteristiek voorbeeld van de zogenoemde hightech-stroming, waartoe ook het Centre Pompidou in Parijs behoort.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next