Home

Het parlement gaat de dienst uitmaken: dat wordt spannend, maar het heeft ook voordelen

Als het minderheidskabinet-Jetten wil slagen, zal het een zeer pragmatische ploeg moeten worden, met een beperkte agenda.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Er schuilt een zekere schoonheid in het toeval dat de eerste minister-president van D66-huize het eerste naoorlogse minderheidskabinet gaat leiden. Of is het misschien geen toeval en heeft ook Rob Jetten het pamflet herlezen waarmee zijn politieke voorouders in 1966 hun komst naar het Binnenhof aankondigden?

Het eeuwige streven naar meerderheidscoalities met ingebakken compromissen was daarin de belangrijkste steen des aanstoots. ‘U weet hoe dat gaat (....) Men moet de ideologieën van de samenwerkende partijen trachten te verenigen. Men moet daarom vooral concessies doen om zich te verzekeren van dat zo noodzakelijke parlementaire vertrouwen (...) De meerderheid van de parlementsleden behoort tot de coalitiepartijen. Dat maakt hun positie zwak en onvrij. Ze zijn méér betrokken bij het bestendigen van de coalitie dan bij de belangen van de kiezers.’

Dat is nog altijd een prima analyse van de actuele politieke toestand. Voormalig NSC-leider Pieter Omtzigt maakte er in 2023 nog furore mee. Van concrete maatregelen om de mores wezenlijk te veranderen kwam het namelijk nooit. Tot nu, misschien. Want met slechts 66 zetels in de Tweede Kamer en 22 in de Eerste Kamer is het aanstaande kabinet-Jetten met geen enkel voorgaand kabinet te vergelijken.

Alles wat D66, VVD en CDA opschrijven in hun regeerakkoord is onder voorbehoud. Ze hebben vooraf geen enkele zekerheid over hun slagingskansen. Het parlement gaat de dienst uitmaken.

De risico’s zijn ook aan de formatietafel uitgebreid gewogen: zou een regering in deze turbulente tijden niet wat vastere grond onder de voeten moeten hebben? Dat is geen onterechte zorg, maar het is een feit dat de voortgaande versnippering in beide Kamers het vormen van meerderheidskabinetten met enige samenhang bijna ondoenlijk heeft gemaakt.

Onderhandelingen met GL-PvdA en/of JA21 hadden geleid tot een lange, moeizame formatie, plus vergaande concessies en een verwaterd regeerakkoord. Als vooral Jetten en CDA-leider Henri Bontenbal iets levend willen houden van de handen-uit-de-mouwensfeer uit hun campagnes, is het zaak om snel een kabinet op het bordes te zetten.

Dat zal per definitie een zeer pragmatische ploeg moeten worden, met een beperkte agenda. Hoe meer de formerende partijleiders erbij slepen, hoe moeilijker het wordt om hun plannen door het parlement te krijgen. Voor de benodigde steun zullen ze immers afwisselend naar links en naar rechts moeten kijken, zonder dat het ene compromis het volgende compromis onmogelijk maakt.

Aan de andere kant: voor hoofdthema’s als het opruimen van de hindernissen die de woningbouw vertragen, voor een effectief stikstof- en klimaatbeleid en voor de opschaling van de krijgsmacht bestaat in principe meer dan voldoende steun. Bij veel andere onderwerpen kan het blijven bij aanzetten op hoofdlijnen, waarna de nieuwe ministersploeg er concrete wetsvoorstellen van maakt en daar ook zelf het draagvlak voor zoekt.

Zoals Jettens verre voorgangers de ideale politieke situatie zestig jaar geleden al beschreven: ‘Kamer en regering staan zakelijk tegenover elkaar. Dat betekent dat het Nederlandse volk wetten krijgt die nuchter zijn beoordeeld en getoetst en niet ‘in vredesnaam’ goedgekeurd.’

Het is de moeite waard om het gewoon maar eens te proberen.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next