2025 is in meerdere opzichten een frustrerend jaar gebleken voor Alpine. De formatie had al vroeg besloten om alles op het 2026-reglement te zetten en dus om de ontwikkeling van de A525 nagenoeg helemaal op te geven. Het team erkende verbaasd te zijn door sommige rivalen, die zelfs laat in het seizoen nog met updates kwamen. Dat aspect en een Renault-motor die qua puur vermogen nog altijd tekortschoot, hebben het jaar op twee vlakken uitdagend gemaakt: qua resultaten en samenhangend daarmee ook zeker mentaal.
In de luwte waren er echter ook ontwikkelingen die een stuk positiever waren dan dat de laatste plek bij de constructeurs doet vermoeden. Ten eerste moeten de optredens van Pierre Gasly worden benoemd. De Fransman beschikte logischerwijs niet over het materiaal om mee uit te blinken, maar toonde zich een teamleider en wist bovendien gebruik te maken van de zeldzame buitenkansjes die er lagen - zijn vierde startplek in Bahrein, P6 in Silverstone en drie Q3-deelnames in de laatste vier raceweekenden van 2025. Het maakt het niet toevallig dat Alpine hem een contract tot en met 2028 onder de neus heeft geschoven. Het materiaal was er niet naar, maar als Alpine dat op enig moment wel krijgt, heeft Gasly met zijn ontwikkeling laten zien dat hij kan leveren.
"Ik heb afgelopen jaar de minste punten gescoord uit mijn F1-carrière, terwijl ik het voor mijn gevoel toch wel goed heb gedaan", blikt hij met enig gevoel voor understatement terug. "Dus ik ben erg blij om dit seizoen achter me te laten." Alhoewel dat laatste gezien de resultaten volslagen logisch is, vertelt het niet het hele verhaal. Ja, Gasly en Alpine willen de moeilijke momenten achter zich laten, maar dat neemt niet weg dat er wel degelijk lessen uit 2025 mee te nemen vallen. Het geldt voor Gasly's eigen ontwikkeling, waarbij hij nadrukkelijk heeft geprobeerd om zich ook buiten de auto te ontwikkelen door het team positief te houden, maar ook voor enkele collectieve stappen.
Die laatste dingen zijn in 2025 door de tegenvallende resultaten niet aan de oppervlakte gekomen, maar Alpine denkt er dit jaar - als het materiaal competitiever is - de vruchten van te plukken. "Ik ben blijer dan dat ik ooit ben geweest met het werk dat we als team hebben verricht, ook qua voorbereiding", legt Gasly uit. "Het werk met alle mannen om de auto in een goed window te krijgen - qua mapping, set-up et cetera - is van een hoger niveau geweest dan voorheen. Ik ben nu natuurlijk ook al drie jaren bij dit team, dus iedereen begrijpt inmiddels wat ik wil."
"De communicatie, zowel in de auto als ook daarbuiten, is heel open. We kunnen eerlijk tegen elkaar zijn, zonder daarbij met vingers te wijzen. We zijn eerlijk in het beoordelen van onze eigen prestaties. Onder druk kun je dingen natuurlijk niet meer verbergen. Ik denk dat het afgelopen jaar ons als team heeft geholpen om objectiever te zijn over wat we goed doen en wat we moeten verbeteren. Dat lastige seizoen heeft ons als team absoluut sterker gemaakt", laat Gasly desgevraagd aan Motorsport.com weten.
Gevraagd op welke vlakken dat precies van meerwaarde kan zijn in 2026, vervolgt hij: "De communicatie en het bewustzijn binnen het team van wat er beter moet. We weten nu beter dan voorheen waar we goed in zijn, maar ook welke dingen we nodig hebben om beter te worden. Ik denk dat we al die aspecten zoveel hebben gepusht als dat mogelijk was gezien de beperkingen van de auto."
Foto door: Sam Bagnall / Sutton Images via Getty Images
In dat opzicht heeft de slechte auto in zekere zin juist geholpen: doordat Alpine pure snelheid tekortkwam, zijn operationeel de limieten meer opgezocht dan voorheen. "Als je performance tekortkomt, dan ga je heel diep graven in alle details - dingen die op zichzelf weinig verschil maken. Maar wij hebben dat in extreme mate gedaan met de mappings, set-up, het werk in de fabriek, de debriefs en hoever we de diepte ingaan. In dat opzicht is dit absoluut het beste werk geweest wat ik met het team heb gedaan."
Het heeft Alpine meer dan voorheen geleerd om het maximale uit het eigen pakket te halen. In 2025 was dat vaak nog niet genoeg om punten te scoren, maar het zou in 2026 - met idealiter een betere motor - anders moeten zijn. "Het was ook weer niet zo dat we vorig seizoen mijlenver achter lagen, we zaten gewoon aan de verkeerde kant van het middenveld. Maar de stappen die we op dat vlak hebben gezet, geven mij vertrouwen voor de toekomst. Als we er volgend seizoen wel goed voor staan met de auto, dan denk ik dat we nu de processen hebben gevonden om ook echt te presteren."
Die mening is teamgenoot Franco Colapinto eveneens toegedaan. "Het is heel simpel: van de slechtste momenten leer je het meest. Afgelopen jaar hebben we veel slechte momenten gehad, maar juist daardoor hebben we veel geleerd en veel dingen beter begrepen." Dat geldt voor de aspecten die Gasly benoemde (set-ups, mappings en de voorbereiding van raceweekenden), maar ook specifiek voor Colapinto zelf. "Sinds ik bij het team ben gekomen, hebben we grote stappen gemaakt in hoe ze mij kunnen helpen en hoe ze mij comfortabeler kunnen laten voelen in de auto."
Dat men in 2025 alsnog lichtpuntjes zag - bijvoorbeeld met de lessen voor 2026 - vindt Colapinto overigens beter dan verwacht. "Ik was verrast door hoe het team bleef pushen en niet opgaf in de moeilijke momenten. Als het niet goed gaat of niet zoals verwacht, dan is het moeilijk om de motivatie iedere week vast te houden en om nieuwe dingen te vinden. Maar precies dat zag ik wel van het team. Dat was indrukwekkend en ik denk dat juist dat ons goede resultaten gaat opleveren als de auto wel competitief is. Dat verdient dit team ook, hopelijk komt dat moment zo snel mogelijk."
Gasly kan in ieder geval niet wachten op dat moment. Met de Mercedes-motor en het oog voor detail uit 2025 (qua set-up, mappings en uitvoering) moet er een stap worden gezet in 2026. Het is een stap waar Gasly op individueel vlak naar eigen zeggen aan toe is. In alle discussies over het 2026-reglement en of dat wel interessante races op kan leveren voor de mensen thuis, maakt de coureur uit Rouen duidelijk: na acht seizoenen in de Formule draait het voor hem slechts om één ding, winnen. De amusementswaarde van de sport is van ondergeschikt belang.
"Ik weet in ieder geval dat ik niet geniet van de positie waarin we afgelopen jaar zaten. En vooraan het veld zal ik wel genieten, dus ja...", reageert Gasly op een vraag van Motorsport.com. "Zelfs als het racen niet zo vermakelijk zou zijn, dan zijn we in dat geval nog steeds de beste van iedereen die met deze auto's rijdt. Als je mannen als Alonso of Hamilton vraagt, dan weet ik zeker dat zij de auto's van 2007 ook heel anders bestuurden dan in 2014, toen de nieuwe motoren kwamen. En in 2021 was het weer anders. Dus als coureur moet je jezelf kunnen aanpassen aan reglementsveranderingen."
"Er zijn veel factoren die bepalen of het racen leuk is om naar te kijken, maar als je me nu vraagt, dan wil ik gewoon vooraan het veld rijden. Ik heb lang genoeg in de Formule 1 gezeten. Ik heb enkele podia gehad, ik heb een overwinning behaald, maar vanuit competitief oogpunt wil ik gewoon met die mannen vooraan vechten. Ik weet ook dat ik dat kan."
Of het materiaal daar in 2026 al goed genoeg voor is, valt natuurlijk te bezien. Maar Alpine bekijkt het bij de start van een nieuw F1-tijdperk in ieder geval positief: het hoopt operationeel de vruchten te plukken van het lastigste jaar voor het team. In combinatie met een beter totaalpakket moet dat een stap voorwaarts opleveren in 2026, bij de constructeurs kan het in ieder geval niet slechter dan vorig jaar. In Viry zijn er deuren dichtgegaan, maar Alpine en Gasly hopen dat de weg naar succes daarmee eindelijk openligt.
Foto door: Erik Junius
Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?
- Het Motorsport.com-team
Source: Motorsport