Home

Colombianen vrezen het volgende doelwit van Trump te worden: ‘Ze komen straks ook voor Petro’

Na de Amerikaanse aanval op Venezuela zou Colombia weleens de volgende kunnen zijn, dreigde Donald Trump. In de toch al gevaarlijke grensregio demonstreren Colombianen tegen de bemoeienis van de Amerikaanse president, al heeft diens daadkracht ook appeal.

is correspondent Latijns-Amerika van de Volkskrant. Dit verhaal maakt hij vanuit de Colombiaanse grensstad Cúcuta.

De met schoensmeer aangebrachte bakkebaarden verraden dat Miguel Ángel Rodríguez Gutiérrez niet echt de Zuid-Amerikaanse vrijheidsstrijder Simón Bolívar is. Zijn vastberaden frons, de scherpe neus, het uniform in geel, blauw en rood: de 60-jarige acteur is geknipt voor de rol. En hij weet dat Bolívar, die twee eeuwen geleden een groot deel van Latijns-Amerika bevrijdde van de Spaanse kolonisator, weer keihard nodig is.

Rodríguez, een Colombiaanse zoon van Venezolaanse ouders, gaf gehoor aan de oproep eerder deze week van de linkse Colombiaanse president Gustavo Petro (65) om de straat op te gaan tegen de nieuwe imperialistische vijand: Donald Trump. Zijn twee landen worden ernstig bedreigd. Venezuela werd zaterdag onthoofd en staat sindsdien onder Amerikaanse curatele. Buurland Colombia kan de volgende zijn, dreigde Trump (79).

Zodoende verschijnt de herrezen vrijheidsstrijder woensdagmiddag op de Simón Bolívar-brug die Colombia met Venezuela verbindt. De grijze autobrug bevindt zich aan de rand van het Colombiaanse Cúcuta, een grensstad met een kleine miljoen inwoners ingeklemd tussen groene bergen. Halverwege de brug verandert het ene land in het andere. Onder het beton stroomt het modderige water van grensrivier Tachira, in de lucht hangen dikke wolken.

Sterven voor het vaderland

‘Meneer Trump gelooft dat hij eigenaar van de wereld is, dat Latijns-Amerika zijn achtertuin is en dat al onze rijkdommen hem toebehoren’, zegt Rodríguez op een paar meter van de Venezolaanse grens. Om hem heen staan enkele tientallen mededemonstranten. Dan kruipt de acteur in zijn alter ego, hij heft zijn sabel boven het hoofd en oreert over tierra en muerte, over het vaderland waarvoor hij zijn leven zou geven. Hij laat de r’en extra rollen.

Boos getoeter verstoort de heroïsche toespraak. Het groepje anti-imperialisten is met hun Venezolaanse en Colombiaanse vlaggen en portretten van Nicolás Maduro en Hugo Chávez vanaf de smalle stoep op de rijbaan beland en belemmert daar auto’s, motoren en voetgangers die van en naar Venezuela gaan.

‘Ze komen straks ook voor Petro’, roept een voorbijganger op een motor. Hij roept niet te hard, want een eindje verderop, waar Venezuela begint, staan twee Venezolaanse soldaten. Het repressieve regime is weliswaar zijn president kwijt, maar mag verder voorlopig in ongewijzigde vorm aanblijven. Trumps straaljagers, gevechtsdrones en raketten staan paraat in de Cariben om de Venezolaanse regering in het gareel te houden.

Dit enorme wapenarsenaal dient tegelijkertijd als waarschuwing aan de rest van het westelijk halfrond. ‘Klinkt goed’, zei Trump toen een journalist hem na de arrestatie van president Maduro vroeg of hij een militaire interventie in Colombia overweegt. Petro is volgens Trump een ‘zieke man die graag cocaïne maakt om die te verkopen aan de Verenigde Staten’. Maar aan die praktijken komt binnenkort een einde, dreigde hij.

Trumps felste criticus

Voor Trumps verdachtmakingen richting de Colombiaanse president ontbreekt bewijs, maar waar experts zijn narco-aantijgingen in het geval van Venezuela nuanceerden, bestaat er over Colombia geen twijfel. Het land produceert geen fentanyl, het opiaat dat in de VS de meeste dodelijke slachtoffers maakt en dat vooral in Mexico wordt gemaakt, maar Colombia is al een halve eeuw de grootste leverancier van cocaïne aan de (westerse) wereld.

Petro pakte deze week gretig de handschoen op. In 1989 had hij als jonge strijder van de stadsguerrilla M-19 de wapens afgezworen en zich bekeerd tot de politiek. Als het moest, reageerde hij op Trump, zou hij de wapens zo weer opnemen om zijn land te verdedigen.

De voormalig guerrillero werd in 2022 gekozen tot eerste linkse president van Colombia. Het afgelopen jaar ontwikkelde hij zich tot Trumps felste criticus in Latijns-Amerika. Toen hij in september de algemene vergadering van de Verenigde Naties in New York bezocht, riep hij op straat Amerikaanse soldaten op om de bevelen van hun opperbevelhebber te weigeren.

Waar Trump praat in zelfverheerlijkend staccato, heeft Petro een voorliefde voor dichterlijke bombast. ‘Wie overgaat van dreigen naar actie zal de jaguar doen ontwaken die slaapt in het hart van het volk’, zo speechte hij in een video waarin hij datzelfde volk opriep om te demonstreren ‘op alle pleinen’ van Colombia.

Pablo Escobar

Achter de verhitte woordenstrijd tussen de twee staatshoofden verdwijnt de immens complexe context van Colombia, een land dat al zes decennia lijdt onder een eigen gewapend conflict. Na een periode van onrust die ‘La Violencia’ wordt genoemd, brak in de jaren zestig een burgeroorlog uit toen jonge marxisten de wapens opnamen tegen de staat.

De guerrilla droomde van een rurale revolutie die de arme boeren moest bevrijden uit het feodale juk van de grootgrondbezitters. Fidel Castro in Cuba gold als lichtend voorbeeld. Het waren de begindagen van de Revolutionaire Strijdkrachten van Colombia (Farc) en het Nationale Bevrijdingsleger (ELN); guerrillalegers die zich diep zouden ingraven in de Colombiaanse jungle.

Cocaïne veranderde alles vanaf de jaren zeventig. Het poeder, dat op de cocavelden diep in de Colombiaanse jungle werd geproduceerd, ging noordwaarts – dollars en wapens zuidwaarts. Met zijn ‘plomo’ (loden kogels, red.) drenkte ’s werelds beroemdste kartelbaas Pablo Escobar het land in bloed. Strooiend met drugsgeld paaide hij de armen en verwierf een heldenstatus. Omgekeerd begaf de guerrilla zich in de cocateelt en -handel, de ideologische strijd moest immers worden bekostigd. De oorlog verhardde, het leger vocht zij aan zij met paramilitairen, op de achtergrond waren de VS als sponsor aanwezig.

Gevlucht voor het geweld

Die donkerste dagen van het conflict liggen in het verleden, de Farc leverde in 2016 de wapens in. Toch blijft duurzame vrede nog uit. Het ELN vecht door, net als tal van Farc-afsplitsingen. Colombia produceert meer cocaïne dan ooit en guerrilla en georganiseerde misdaad zijn steeds lastiger van elkaar te onderscheiden.

Saddy Haner Rodríguez, een man van 62 met een Louis Vuitton-petje boven een gegroefd gezicht, kan erover meepraten. In een arme volkswijk aan de rand van Cúcuta biedt hij sinds een week onderdak aan een boerenechtpaar dat vluchtte uit de bergen van de nabijgelegen grensregio Catatumbo.

In het gebied waar veel coca wordt verbouwd, laaide rond kerst het geweld op tussen het ELN en Frente 33, een Farc-afsplitsing. Honderden families zochten beschutting in de stad. Haner, die jaren geleden zelf vluchtte en nu met zijn eenmansstichting Fundescol ontheemden helpt, stelde een kamer beschikbaar op een binnenplaats die hij uitbaat als parkeerplaats.

De activist vindt het belangrijk dat zijn gasten hun verhaal delen met de buitenwereld. Maar het stel peinst er niet over en vertelt enkel het minimale. ‘Er kwam een waarschuwing’, vertelt de boer die zijn lapje grond met zoete aardappelen, cacao en bananen achterliet. ‘Toen zijn we vertrokken.’ Wat voor waarschuwing? Hij schudt zijn hoofd, meer wil hij niet kwijt. Bij Haner zijn ze relatief veilig, ook in de stad heeft het ELN mensen.

Coca verbouwen

Aan het eind van de middag verdwijnt de omheinde parkeerplaats langzaam in de schaduw. Honden scharrelen tussen schroot en een paar auto’s. Het echtpaar keert terug naar hun kamer. Een moment later vertelt Haner dat zijn gasten drie dagen met de dood waren bedreigd voordat ze wisten te ontkomen.

Hij zet een plastic stoel op de stoep, steekt een sigaret op en neemt plaats in het tl-licht en de walm van gegrild vlees van zijn buren. Auto’s met stampende muziek rijden voorlangs. Het zijn de kwetsbaarsten die het meest lijden, zegt hij. ‘De boerenbevolking, de armen, die zijn altijd het slachtoffer.’ Wat hij ook zegt: een arme boer verbouwt vaak ook wat coca. ‘Onze grond is vruchtbaar.’

Veel boeren kunnen weinig anders, zegt president Petro daarover. Zijn regering probeert boeren door middel van financiële steun te bewegen om over te stappen op cacao. Haner gelooft in de vredespolitiek van de linkse president, ook al sloot Petro in drieënhalf jaar tijd nog geen enkel vredesakkoord met een gewapende groep. Haner blaast sigarettenrook uit. ‘Er zijn mensen die van de vrede houden en mensen die haar haten.’

Kwetsbare grensregio

Colombia telt oneindig veel victimas, slachtoffers zoals Haner en zijn gasten. De burgeroorlog kostte alleen tussen 1985 en 2018 al meer dan 450 duizend mensen het leven, zo schatte de nationale Waarheidscommissie in haar rapport in 2022. Miljoenen anderen werden ontheemd. De poreuze grensregio bij Venezuela is extra kwetsbaar. Mensen, wapens, grondstoffen en cocaïne gaan de grens over. Het Venezuela van Maduro werd een uitvalsbasis voor de Colombiaanse guerrilla.

Trumps inval in Venezuela vergroot het gevaar voor de rurale bevolking van Colombia, zegt Lina Mejía Torres van mensenrechtenorganisatie Vivamos Humanos aan de telefoon. ‘Telkens wanneer er onrust is in Venezuela, steken gewapende groepen de grens over.’ Lokale gemeenten hebben beperkte opvangplekken en voedsel voor hun eigen ontheemden, laat staan voor een potentiële Venezolaanse vluchtelingenstroom. Bovendien eindigt een deel van die vluchtelingen als nieuwe rekruten van gewapende groepen, zegt ze.

Die groepen strijden in het huidige Colombia om een zo groot mogelijk aandeel in de lucratieve cocaïnehandel. De laatste VN-drugsmonitor schat dat de wereld inmiddels 25 miljoen gebruikers telt, met de VS als belangrijkste afnemer. Volgens trumpiaanse logica bestaat die Amerikaanse vraag niet. Presidenten als Petro en de afgezette Maduro ‘sturen’ de drugs, zoals zij ook migranten zouden sturen, en moeten daarom worden gestraft.

Maar woensdag verscheen Petro op het centrale plein van hoofdstad Bogotá als brenger van goed nieuws. Hij had gebeld met Trump, zei hij tegen de juichende menigte. ‘Petro, amigo, het volk staat achter je!’, scandeerden zijn aanhangers. Hij sprak met Trump over de strijd tegen drugs, over Venezuela, olie en klimaatverandering. Trump noemde het op sociale media ‘een grote eer’ om met de Colombiaan te hebben gesproken. Terstond nodigde hij hem uit in het Witte Huis.

Onmogelijke vrede

Achteraf onthulde de Colombiaanse minister van Binnenlandse Zaken in een radio-interview dat de twee presidenten ook hadden gesproken over het gezamenlijk bestrijden van het ELN in de grensregio. De Amerikanen zouden kunnen helpen om de vluchtroute van de militanten richting Venezuela af te snijden.

De toenadering tussen de twee presidenten is een duizelingwekkende plotwending, gezien het feit dat Trump nog geen week eerder Petro’s buurland bombardeerde. ‘Historisch’, jubelde Petro. De jaguar bleek toch niet ontwaakt.

Zijn eerste ontmoeting met Trump wordt waarschijnlijk ook de laatste. Petro is bij wet beperkt tot één termijn en in mei staan nieuwe verkiezingen gepland. Tussen de vele presidentskandidaten tekent zich nog geen favoriet af, maar de kans op weer een linkse regering lijkt klein.

Petro trad aan met de belofte van ‘totale vrede’, maar het sluiten van vrede met tientallen gewapende groepen bleek volstrekt onmogelijk. Een deel van de Colombianen verlangt terug naar de harde hand van zijn conservatieve voorgangers. Zij kunnen het daadkrachtige optreden van een sterke man als Trump wel waarderen.

Bij de grensbrug in Cúcuta laten niet alleen de linkse demonstranten van zich horen. ‘Viva Petro’, scanderen zij. ‘Leve Colombia en leve Venezuela!’ Van een afstandje kijkt een jonge man met zwart petje hoofdschuddend toe. Dan roept hij: ‘Viva Trump!’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next