Ondanks een voorzichtige opleving van de winkelstraat is het aantal leegstaande winkelpanden afgelopen jaar opnieuw gestegen. De toename was het grootst op meubelboulevards, meldt onderzoeksbureau Locatus, dat het winkelvastgoed in Nederland bijhoudt.
is economieredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over (web)winkels, afval en hergebruik.
Vastgoed- en winkelexperts waren afgelopen jaar voorzichtig positief over de winkelstraat. Bezoekersaantallen namen weer toe, zagen zij en winkelvastgoed was weer meer in trek bij buitenlandse beleggers. Ook het CBS kwam met positieve cijfers: in november werd in fysieke winkels 4 procent meer omgezet dan in dezelfde maand een jaar eerder.
Volgens onderzoeksbureau RMC – dat sensormetingen doet in bijna honderd winkelstraten – zijn de zaterdagen iets rustiger geworden, terwijl maandag, dinsdag en zondag juist drukker werden. Het bureau zag ook in december grote drukte in de binnensteden, mede dankzij de vele kerstmarkten.
Tegelijkertijd zette ook een langer aanhoudende trend door: die van de leegstand. Begin deze maand stonden er in Nederland ruim 14 duizend winkelpanden leeg, 7 procent van het totaal, volgens Locatus. Een jaar geleden was dit nog 6,7 procent. Daarmee is de stijging in 2025 wel minder dan in 2024 toen de leegstand steeg van 6,2 procent naar 6,7 procent.
Het totaal aantal winkelpanden nam voor het tiende jaar op rij af, tot onder de 80 duizend. Twintig jaar geleden waren dat er nog 107 duizend. ‘De populariteit van online winkelen zorgt al lang voor rustigere winkelstraten. Een deel van de panden wordt omgebouwd tot woningen’, schrijft Locatus-directeur Gertjan Slob hierover in een blog over de cijfers.
In vrijwel elk type winkelgebied steeg de leegstand, zagen de onderzoekers, hoewel het aantal lege panden in de grootste stadscentra wel het minst toenam. ‘De trend die we al lang zien, dat de grootste centra het beter doen dan de kleinere centra, manifesteerde zich vorig jaar opnieuw. Voor het echte winkelen gaan consumenten naar de grootste centra van Nederland. In kleinere centra komt meer en meer de focus op dagelijkse voorzieningen’, aldus Locatus.
De sterkste leegstandstijging was te zien ‘op de grootschalige concentraties’, dat zijn met name de meubelboulevards. Slob: ‘Sinds 2020 kende dit type winkelgebied een opleving. Geld dat niet aan vakanties kon worden besteed kwam hier terecht . De laatste jaren zien we hier toch ook problemen, zoals het faillissement van CarpetRight en zien we in deze centra de leegstand oplopen.’
De cijfers geven aan dat de fysieke winkelstraat is nog lang niet is dood is, zegt retailanalist Dirk Mulder van ING. ‘Mensen gaan nog steeds graag funshoppen, vooral in de grote steden, waar je een aantrekkelijk aanbod hebt van historische binnenstad, horeca, winkels maar bijvoorbeeld ook musea.’
Ook is gemak en ‘efficiënt shoppen’ belangrijker geworden. Steeds meer mensen kopen online, of willen buiten die grote steden snel even kunnen binnenwippen in een winkel. ‘Daarom zie je dat buiten de grote steden is ingezet op het kleiner en overzichtelijk maken van de winkelgebieden. Op zulke plekken wil je gewoon snel naar de drogist en niet een heel uitgebreid winkelaanbod.’
Ook zie je steeds meer winkels met een zogeheten ‘omnichannel-strategie’. Ze bieden hun producten aan via meerdere kanalen – van fysieke winkel, website en app tot platforms als Bol en Amazon – en zorgen ervoor dat je online bestellingen in de winkel kunt ophalen en kunt terugbrengen.
Maar vergis je niet, zegt Mulder. ‘De bezoekersaantallen kunnen wel toenemen, veel winkeliers ervaren dat toch anders. Ze hebben misschien iets meer omzet, maar de kosten zijn ook flink toegenomen door inflatie en hoge personeelskosten. Hierdoor staat het rendement onder druk, en zie je toch nog steeds ondernemers stoppen en ketens omvallen.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant