Home

Strafzaak mondkapjes ontspoort: ‘partijdige’ rechters verzetten zich tegen wraking door OM

Verschoningsrecht In de ‘mondkapjesstrafzaak’ tegen Sywert van Lienden heeft het Openbaar Ministerie de rechtbank gewraakt, omdat die vooringenomen zou zijn. Zo’n wraking is uiterst zeldzaam. Hoe heeft het zo ver kunnen komen?

Sywert van Lienden komt aan bij de Rotterdamse rechtbank voor een pro-formazitting van de strafzaak over de omstreden mondkapjesdeal.

De Rotterdamse rechter Jacco Janssen staat niet bekend als iemand die praat met meel in de mond. Op kenmerkende wijze liet hij dus begin december, tijdens een tussentijdse zitting van de mondkapjesstrafzaak tegen Sywert van Lienden en diens twee zakenpartners, blijken wat hij vond van het proces-verbaal dat het Openbaar Ministerie moest laten opstellen van de rechtbank: „Teleurstellend.”

Janssen verwees naar een document waarin veertien rechercheurs van opsporingsdienst FIOD onder ede verklaren dat ze zich niet kunnen herinneren hoe – in het bijzonder met welke zoektermen – ze de twee computers van hoofdverdachte Van Lienden onderzochten. Daarop staan duizenden bestanden die als strikt vertrouwelijk gelden, omdat ze communicatie tussen Van Lienden en diens advocaten betreffen. Vanwege het verschoningsrecht – het recht van advocaten om communicatie met hun cliënten geheim te houden – mag het opsporingsteam daar geen kennis van nemen.

Van Lienden en medeverdachten Bernd Damme en Camille van Gestel vermoeden dat de rechercheurs de bestanden wél zagen en dat daardoor ontlastende informatie en getuigen die ze met hun advocaten bespraken in het strafdossier ontbreken. Toen ze ter voorbereiding van hun zaak toegang kregen tot de dataroom van de FIOD in Utrecht, troffen ze op servers van de opsporingsdienst met inbeslaggenomen bestanden hun eigen correspondentie met advocaten aan.

Deal zonder winstoogmerk

De drie worden onder meer vervolgd wegens oplichting van de Nederlandse staat door in 2020 zogenaamd zonder winstoogmerk een mondkapjesdeal te sluiten, die ze ruim 20 miljoen euro opleverde. En sinds de eerste zittingsdag van hun strafzaak in december 2024 proberen Van Lienden en diens medeverdachten meer duidelijkheid te krijgen over hoe opsporingsdienst FIOD met die in beslag genomen advocatenstukken is omgegaan.

Daarbij vinden de drie verdachten de Rotterdamse rechtbank deels aan hun zijde. Die dwong het opsporingsteam op papier te zetten hoe het Van Liendens computers doorzocht. Dan kan hun zoekslag worden herhaald en wordt duidelijk of het team met verschoningsgerechtigde stukken in aanraking kwam. In het softwareprogramma waarmee de FIOD de computerbestanden doorzocht, kon overigens automatisch worden bijgehouden wat de rechercheurs deden, maar die inmiddels wettelijk verplichte ‘logfunctie’ stond uit – om de software niet te vertragen volgens het OM. Vandaar dat bij de rechercheurs zelf ten rade moest worden gegaan.

Het proces-verbaal met hun verklaringen, ingezien door NRC, telt dertien variaties op hetzelfde antwoord. „Het is mij niet meer bekend van welke zoektermen ik gebruik heb gemaakt”, verklaart de ene rechercheur. „Ik, verbalisant [X], verklaar dat ik niet meer weet of en welke zoektermen ik heb gebruikt bij het onderzoek”, meldt de ander. Eén FIOD-medewerker weet weliswaar drie zoektermen te noemen, maar is de rest vergeten.

Teleurstellend dus, volgens de Rotterdamse rechtbank, die nu wil dat de vertrouwelijke ‘FIOD-journaals’ worden geraadpleegd: interne dagboeken waarin rechercheurs hun werkzaamheden vastleggen. Wat die journaals vermelden over het onderzoek naar Van Liendens computers, moet de FIOD noteren in een aanvullend proces-verbaal, zo besliste de rechtbank op 3 december. Levert dat „weer geen antwoord op”, waarschuwde voorzitter Janssen, dan zal de rechtbank de twee leidinggevende opsporingsambtenaren zelf ondervragen.

Wraking door het OM is zeldzaam

Nog diezelfde avond vroeg de officier van justitie de audio-opname van de zitting op vanwege een mogelijk wrakingsverzoek. De rechtbank weigerde: die opname is alleen voor interne doeleinden bestemd. De volgende dag wraakte het OM de rechters alsnog vanwege vermeende partijdigheid. Maandag buigt de speciale wrakingskamer van de Rotterdamse rechtbank zich over dat verzoek. Indien gegrond verklaard begint de strafzaak van voor af aan met nieuwe rechters.

Hoewel jaarlijks honderden wrakingsverzoeken worden ingediend, is een wraking door het OM hoogst uitzonderlijk. Het OM trekt daarmee een cruciale kernwaarde van de rechtspraak – onpartijdigheid – in twijfel. Afgelopen twintig jaar wraakte het OM de rechtbank dan ook maar in een handvol zaken.

„Wraking door het OM wordt alleen overwogen na zorgvuldige interne afweging”, stelt het OM in een reactie. Het wil „voorafgaand aan de behandeling geen inhoudelijke mededelingen” doen en laat verdere vragen van NRC onbeantwoord. Gezien de wraking formeel een zaak is tussen rechtbank en OM, wil Van Liendens advocaat Rosa van Zijl niet inhoudelijk reageren. Ook de rechtbank Rotterdam laat weten er – tot de inhoudelijke behandeling – het zwijgen toe te doen.

Uit het schriftelijke verweer van de betrokken rechters aan de wrakingskamer, ingezien door NRC, blijkt dat de wraking samenhangt met vier uitspraken van rechter Janssen tijdens de decemberzitting. Omdat Janssens collega-rechters Christine Sikkel en Janneke van der Klashorst hem niet hebben weersproken, heeft het OM hen ook gewraakt.

Uitspraken zonder context

De drie leggen zich niet neer bij hun wraking. De wrakingsgronden van het OM kunnen volgens de rechters „op geen enkele manier, zowel afzonderlijk als in onderlinge samenhang beschouwd, tot de conclusie leiden dat wij vooringenomen zijn”. Ook van de schijn van vooringenomenheid – die eveneens tot wraking kan leiden – is volgens de rechters geen sprake.

Volgens de rechters haalt het OM de uitspraken van Janssen „niet (helemaal) juist” of zonder context aan. In hun verweer blijft de rechtbank vierkant achter de „teleurstellend”-uitspraak van Janssen staan: „omdat het proces-verbaal dat ook is”. Aan veertien rechercheurs is gevraagd welke zoektermen ze gebruikten, memoreren de rechters: „Het antwoord is dat zij zoektermen hebben gebruikt, maar zich niet meer kunnen herinneren welke.”

Ook op andere verwijten gaan de rechters in. Janssen zei tijdens de zitting dat de twee computers van hoofdverdachte Van Lienden „veel geheimhoudersstukken bevatten”, verwijzend naar de ongeveer zesduizend documenten die onder het verschoningsrecht vallen. Tijdens de zitting maakte de officier van justitie Annemarie Schaafsma daartegen bezwaar: ze wees erop dat dit slechts 1 procent van de bestanden op de computers behelst.

In het wrakingsverzoek stelt het OM dat de rechtbank ten onrechte niet op die kritiek van de officier is ingegaan. Met het uitgewerkte transcript van de zitting in de hand stellen de rechters echter dat dit niet klopt. Zo heeft Janssen gezegd: „Percentages zijn natuurlijk altijd kleiner dan absolute aantallen. Dat is waar.” Tegelijkertijd wijzen de rechters erop dat de uitspraak gezien moet worden in het licht van het wettelijke uitgangspunt over het verschoningsrecht: dat überhaupt „géén beslag op geheimhoudersstukken” wordt gelegd.

Stibbe procedeerde jarenlang

Het verschoningsrecht werd in 1926 in de wet opgenomen. Het belang ervan werd in maart 2024 door de Hoge Raad benadrukt in een persbericht: „Iedereen die een advocaat inschakelt, moet ervan kunnen uitgaan dat wat hij of zij bespreekt met die advocaat vertrouwelijk is en dat ook blijft.” Zodra tijdens opsporingsonderzoeken het vermoeden bestaat dat vertrouwelijke stukken in beslag werden genomen, moeten politie en justitie volgens ’s lands hoogste rechter „doen wat nodig is om inbreuken op het verschoningsrecht zo veel mogelijk te voorkomen”.

De uitspraken van de Hoge Raad hingen samen met strafrechtelijk onderzoek Castor naar de van fraude verdachte Brabantse vermogensbeheerder Box Consultants. Opsporingsambtenaren bleken toegang te hebben gehad tot meer dan drieduizend vertrouwelijke advocatenmails. Dankzij advocatenkantoor Stibbe, dat jarenlang procedeerde om de verschoningsrechtschendingen boven tafel te krijgen, werd de strafzaak in oktober 2023 door het OM geseponeerd. 

Hoofdofficier Michiel Zwinkels van het Functioneel Parket van het OM – belast met fraudebestrijding – trok destijds het boetekleed aan en stelde „alles eraan [te willen] doen om herhaling van gemaakte fouten te voorkomen”.

Schermutselingen over verschoningsrecht

De mondkapjes-strafzaak, ‘Full Sutton’ genoemd, vertoont de nodige overeenkomsten met de Castor-zaak. Ook hier wordt het strafrechtelijk onderzoek uitgevoerd door de FIOD onder leiding van het Functioneel Parket. Ook hier werden vanwege schermutselingen over het verschoningsrecht jaren na het begin van het onderzoek überhaupt de daadwerkelijke verdenkingen nog niet behandeld. Ook hier kunnen opsporingsambtenaren zich weinig herinneren van hun omgang met verschoningsgerechtigde stukken.

En ook hier verzet het OM zich fel tegen verder onderzoek naar hoe de FIOD met geheimhouderstukken omging. „Er is geen begin van aannemelijkheid dat de FIOD-rechercheurs kennis hebben genomen van de verschoningsgerechtigde stukken”, zei officier Schaafsma afgelopen juli, toen ze zich tevergeefs verzette tegen het verzoek om de veertien FIOD-rechercheurs te laten verklaren over hoe ze de computers doorzochten.

Maar tussen de strafzaken bestaan ook veel verschillen. De opvallendste: in de mondkapjesstrafzaak werd de rechtbank gewraakt.

Wraking door OM

Jaarlijks worden rechters in Nederland honderden keren gewraakt. In 2024 werden 704 wrakingsverzoeken ingediend, blijkt uit het jaarverslag van de Raad voor de rechtspraak. Daarvan werden er 17 gegrond verklaard.

Dat het OM een wrakingsverzoek indient is zeer uitzonderlijk. De afgelopen twintig jaar gebeurde dat vijf keer, komt naar voren uit een inventarisatie door NRC. Als respectievelijk ‘staande magistratuur’ en ‘zittende magistratuur’ vormen OM en rechters samen de rechterlijke macht. Door een rechter te wraken trekt het OM een cruciale kernwaarde van de rechtspraak – onpartijdigheid – in twijfel.

 „Het Openbaar Ministerie maakt van deze bevoegdheid slechts in zeer bijzondere gevallen gebruik”, schreef minister Ard van der Steur (VVD) van Veiligheid en Justitie de Tweede Kamer dan ook in 2016. Toen werden tevergeefs drie rechters in Almelo gewraakt omdat zij onvoldoende rekening met agenda van de officier van justitie zouden houden.

Het enige succesvolle wrakingsverzoek waar NRC op stuitte was tegen een lid van de Internationale Rechtshulpkamer die zich moest buigen over de vraag of zes personen aan Polen konden worden overgeleverd voor berechting of het uitzitten van hun straf. De rechter, Tamara Trotman, had zich in de media kritisch uitgelaten over de Poolse rechtsstaat en meegelopen in de mars van de 1000 toga’s voor onafhankelijke rechtspraak in Warschau.

Voor een succesvolle wraking moet sprake zijn uitzonderlijke omstandigheden die een zwaarwegende aanwijzing opleveren van subjectieve of objectieve partijdigheid van een rechter. Bij subjectieve partijdigheid is een rechter daadwerkelijk vooringenomen. Objectieve partijdigheid gaat over de schijn van vooringenomenheid die een rechter bijvoorbeeld met bepaalde uitlatingen kan hebben gewekt waardoor (bij een gemiddelde waarnemer) twijfel over de onpartijdigheid kan ontstaan. In het geval van Trotman was sprake van het laatste.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Rotterdam

Het laatste nieuws en de beste stukken over de mooiste havenstad die er is

Source: NRC

Previous

Next