Winterweer De sneeuw zorgt voor problemen, maar ook voor plezier. In de Almelose wijk Goosenmaat wordt duchtig met sleeën en sneeuwballen gespeeld. „Zoveel winters hebben we niet. Ga lekker naar buiten.”
Het Goossenmaatpark in Almelo.
Donkerblauwe capuchon diep over zijn hoofd getrokken, pokémonrugzakje om, brede glimlach. Zo klieft de zesjarige Jaylano Alfing woensdagmiddag op een rode plastic slee door de witte wereld die zijn woonplaats, het Twentse Almelo, is geworden. „Een sneeuwschuiver”, wijst hij opgetogen. Op de stoep van openbare basisschool Step stond oma Monique van Ommen (54 jaar, beroep: „Ik ben in het huis”) hem daarnet, in volle sneeuwbui, op te wachten. In haar lange mantel met panterprint trekt ze Jaylano nu de hoek om, langs de apotheek van het winkelcentrum. Daarna, belooft ze hem, gaan ze naar het Goossenmaatpark. Daar, in het hart van een volksbuurt vol rijtjeshuizen waar Van Ommen al jaren woont, mag hij naar hartenlust in de sneeuw spelen. „Heerlijk, het is alweer een paar jaar geleden dat het zo hard heeft gesneeuwd”, zegt Van Ommen. „Wij gaan niet met de trein, dus daar hebben we allemaal geen last van”, verwijst ze naar de ellende op het spoor.
Amper treinen of vluchten, lege winkelschappen en recordlange files: het winterweer speelt Nederland danig parten. Toch zorgt het dikke pak sneeuw ook voor veel plezier. Zo werd inwoners van Den Haag opgeroepen op het Malieveld deel te nemen aan een sneeuwballengevecht. Onder het mom van „hoe vaak kan je dit nou doen?” daagden zo’n twintig volwassen op, schrijft Omroep West. Of neem het Sprookjesbos van de Efteling. Met vuurkorven, een rode muts op het hoofd van Langnek en sparrenbomen voorzien van een laagje nepsneeuw, doet het Brabantse park er ’s winters sowieso al alles aan een wintergevoel te construeren. Maar de tientallen, vooral volwassen, bezoekers die dinsdag door het Sprookjesbos glibberden, glimlachten pas écht bij de aanblik van een daadwerkelijk besneeuwd kasteel van Doornroosje, zag NRC bij een bezoek.
Ook in het Almelose Goossenmaatspark lees je de winterpret van de gezichten af – althans van de enkele buurtbewoners die de vrieskou durven trotseren. Het grootste deel van het park ligt er nog onaangeroerd wit bij – op de pootafdrukken van een groepje ganzen na. Maikel (38) en Milan (13) Willemsen, vader en zoon, hebben elkaar net bekogeld met sneeuwballen.
Milan, zijn middelbare school gaf hem ’s middags ijsvrij, staat nog met een sneeuwbal ter grootte van een voetbal in zijn handen. Het geheim van een goede bal? „Deze handschoenen, daarmee plakt de sneeuw beter”, zegt hij. Vader Maikel Willemsen haalt zijn handen uit zijn jaszakken. Ze zien rood van de kou. Hij wijst naar zijn zoon. „Toen ik zo oud was als hij, had ik geen last van de kou, maar nu…”. Hij is blij dat zijn kind de sneeuw nog eens mag ervaren. De link met klimaatverandering legt Willemsen niet. „Ik denk überhaupt niet zo aan het klimaat.”
Almelo Goossenmaatpark
Almelo Goossenmaatspark
Labradoodle in het Goossenmaatspark in Almelo.
Soraya Wiggers (24 jaar, huismoeder), trekt een slee door de vers gevallen sneeuw, richting het water met het eilandje, aan de rand van het park. Op de slee, een houten exemplaar met ijzeren handgrepen, zit haar tweejarige zoontje Kai. De peuter draagt een gebreide muts met pompon, die bijna net zo groot is als zijn hoofd. „Voor hem is het de eerste keer”, zegt Wiggers. „Mooi he?” Kai wiebelt heen en weer op zijn slee. „Ik denk dat hij nou wel weer een beetje klaar is met die kou”, zegt Wiggers. Ze maken rechtsomkeert, naar huis.
Verderop ervaart ook Lukcy voor het eerst in zijn leven sneeuw. Hij springt enthousiast op een neer. De labradoodle van Ronnie Velt (49 jaar, pakketbezorger van zeepjes die een dagbesteding produceert) is acht maanden oud. „Hij wil helemaal niet meer naar binnen, zo leuk vindt ‘ie het”, zegt het baasje. „Vanmorgen op de weg was het niet te doen, maar dit is zo lekker, een beetje wandelen door sneeuw. Lekker buiten. Wat wil een mens nog meer?” Het valt hem op dat weinig buurtgenoten zijn voorbeeld volgen. Zonde, vindt Velt. „Zoveel winters hebben we niet. Ga lekker naar buiten, het valt wel mee. Tegen de kou kan je je kleden.”
Source: NRC