Home

De brileider van Texel vecht voor zijn leven, met een papje van mosselen en zee-eendenkorrels

Biologie Hij was een van de zeldzaamste dwaalgasten in Nederland. Maar de bijzondere eend veranderde in een zorgenkind. „We willen zó graag dat hij opknapt.”

De brileider wordt opgevangen bij Ecomare op Texel.

Hij verdwaalde vanaf de andere kant van de Noordpool, brak alle records in vogelaars­kringen en wist een jaar lang te overleven in de Waddenzee. Maar nu vecht hij voor zijn leven: de brileider van Texel. Vlak voor de jaarwisseling kwam de vogel sterk verzwakt binnen bij Ecomare, het Texelse centrum voor natuur­educatie en dieren­opvang. Zijn toestand is nog altijd kritiek.

De brileider (Somateria fischeri) is een neef van ‘onze’ eidereend (S. mollissima). De opvallende exoot, vernoemd naar zijn brilvormige koptekening, leeft van nature in de Beringzee, waar Alaska en Siberië bij elkaar komen. Nog maar vijf keer eerder vertoonde zich een brileider in Europa, en dan enkel in Noord-Noorwegen en Schotland. Maar op 13 januari 2025 dook er opeens eentje op bij Texel: een mannetje, met de kenmerkende ‘bril’, mosgroene kopvlekken en bevederde snavelbasis.

Binnen een maand trok de vogel zo’n tienduizend vogelaars naar het eiland, volgens de Texelse Courant. Inmiddels staat de teller op een geschatte 18.000 bezoekers, vanuit de hele wereld. Daarmee werd de brileider, een van de zeldzaamste ‘dwaalgasten’ van Nederland ooit, al snel het meest gemelde exemplaar, met bijna 6.800 meldingen en ruim 8.800 foto’s op de natuursite Waarneming.nl.

Maar nu is de vogel dus in de ziekenboeg beland. Op 28 december meldde een vogelaar dat de brileider aan de voet van de Waddendijk zat en lethargisch reageerde op voorbijgangers. Ecomare beoordeelde zijn toestand als zorgelijk en nam de vogel mee. Sindsdien verblijft hij in een kleine quarantaine-keet bij het natuur­centrum.

„We doen wat we kunnen om hem zo goed mogelijk te verzorgen”, vertelt Jasmijn Hulleman, hoofd dierverzorging van Ecomare. „We vinden het ongelooflijk spannend. We voelen zó veel ogen op ons gericht, en we willen zó graag dat hij opknapt.” Maar voorlopig ziet het er niet goed uit: „Een mannelijke brileider hoort 1.500 tot 1.800 gram te wegen. Deze weegt nu 923 gram. Zelfs iets minder dan toen hij binnenkwam.”

De vogel zit in een bak op een handdoek, onder een warmtelamp, de kin op de borst. Zijn ademhaling is traag en diep, de etensbak onaangeroerd. „We geven hem sonde­voeding, rechtstreeks in de maag”, vertelt Hulleman in een aangrenzende ruimte. „We hebben nauw contact met het Alaska SeaLife Center, dat daar veel ervaring mee heeft.”

De brileider krijgt hier een papje van mosselen en in water geweekte korrels die speciaal zijn gemaakt voor zee-eenden. „Sommige soorten worden namelijk als siervogel gehouden.” Kan dit dier trouwens geen ontsnapte siervogel zijn? „Er was al bekend dat hij geen ringen of vleugelclips draagt, maar nu weten we ook dat hij niet gechipt is. Dus we gaan ervan uit dat hij wild is.”

Van nature eten brileiders voornamelijk schelpdieren, die ze opduiken van de bodem en in hun geheel doorslikken. „In de Waddenzee at hij waarschijnlijk mosselen, maar vogelaars hebben hem ook veel krabben zien eten.” Daarin schuilt waarschijnlijk de verklaring voor zijn toestand. Zijn symptomen passen niet bij vogelgriep, wel bij verhongering. Bloedonderzoek liet al zien dat hij ernstige bloedarmoede heeft; overige uitslagen laten vanwege de feestdagen nog even op zich wachten.

„In zijn ontlasting vond ik oranje wormpjes”, vertelt Hulleman. „Ik heb een expert geraadpleegd van de Faculteit Diergeneeskunde in Utrecht, en die zag dat het gaat om stekelsnuit­wormen.” Die behoren niet tot de echte wormen, maar vormen een aparte groep ongewervelden. Het zijn parasieten die als larven in kreeftachtigen leven – ook in de krabben die de brileider at. Eenmaal opgegeten door een vogel of zoogdier ontwikkelen de wormen een stekelig uitsteeksel waarmee ze zich vastzetten in de ingewanden van hun gastheer. „Eerder veroorzaakten ze al massasterfte onder eidereenden”, vertelt Hulleman. „We hebben de brileider er een middel tegen gegeven. Het is even afwachten of dat aanslaat. Verder krijgt hij antibiotica en een pijnstiller.”

Mocht de brileider opknappen, dan zijn er verschillende opties denkbaar. Bijvoorbeeld uitzetting in de Waddenzee, of plaatsing bij een kweker. „Maar op dit moment is de vogel zo instabiel dat we daar nog niets over kunnen zeggen.”

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Wetenschap

Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin

Source: NRC

Previous

Next