De VN-Veiligheidsraad heeft het maandag over de Amerikaanse aanval op Venezuela, maar tot iets concreets zal dat niet leiden. Rusland en China veroordelen de VS, maar Europese landen willen Donald Trump niet tegen zich in het harnas jagen.
Rusland en China, beide permanent lid van de Veiligheidsraad, zijn niet te spreken over de Amerikaanse operatie. Het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken beschuldigde de VS van "gewapende agressie" en stelde dat "de voorwendselen die worden gebruikt om deze acties te rechtvaardigen onhoudbaar zijn". Rusland wil dat de Venezolaanse president Nicolás Maduro en zijn vrouw worden vrijgelaten.
Opvallend genoeg lijkt de Amerikaanse rechtvaardiging, dat de VS zichzelf verdedigt, op de rechtvaardiging van het Kremlin voor de invasie in Oekraïne. De situatie in Venezuela leidt dan ook tot enige afgunst in Rusland zelf. "Waarschijnlijk is dit precies hoe onze eigen 'speciale militaire operatie' had moeten verlopen: snel, drastisch en beslissend", was het commentaar van Dva Mayora, een regeringsgezind kanaal op Telegram.
"De soevereiniteit en veiligheid van alle landen zou volledig moeten worden beschermd door het internationaal recht", liet de Chinese minister van Buitenlandse Zaken, Wang Yi, zondag weten. Wang verwees daarbij niet direct naar de VS. China is een belangrijke klant van en investeerder in de Venezolaanse oliesector.
Ondanks de Chinese en Russische afkeuring is het uitgesloten dat de VN-Veiligheidsraad het Amerikaanse optreden zal veroordelen. De VS heeft er een vetorecht, net als Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk - beide Amerikaanse bondgenoten. Uit Europese hoek valt sowieso weinig protest te verwachten. "Als we kijken naar de reacties van Europese leiders tot nu toe, vermoed ik dat de Amerikaanse bondgenoten in de Veiligheidsraad op een zeer verfijnde manier om de hete brij heen zullen draaien", zei Richard Gowen, VN-expert van de denktank International Crisis Group, maandag tegen persbureau Reuters.
Spanje kwam zondag met een krachtige veroordeling van het Amerikaanse ingrijpen, samen met vijf Midden- en Zuid-Amerikaanse landen, maar dat was een uitzondering. In de meeste andere Europese hoofdsteden werd benadrukt dat het internationaal recht heel belangrijk is, zonder te stellen dat de VS dat heeft geschonden.
"Nicolás Maduro stond aan het hoofd van een brute en onderdrukkende dictatuur die de Venezolaanse bevolking onvoorstelbaar leed heeft gebracht. Het einde van zijn regime biedt het land nieuwe hoop", liet de Griekse premier Kyriakos Mitsotakis afgelopen zaterdag weten op sociale media. "Dit is niet het juiste moment om commentaar te leveren op de legaliteit van de recente acties."
Nederland sloot zich aan bij die trend. Demissionair minister David van Weel (Buitenlandse Zaken) zei zaterdag dat het "te vroeg" is voor een antwoord. Van Weel schreef in een verklaring dat Nederland het regime van Maduro niet erkent en "pleit voor een zo snel mogelijke terugkeer naar democratie. Nederland roept alle partijen dan ook op verdere escalatie te voorkomen en zich te houden aan het internationaal recht."
Europese Commissie-voorzitter Ursula von der Leyen liet weten: "We zijn solidair met het Venezolaanse volk en steunen een vreedzame en democratische overgang. Elke mogelijke oplossing moet de internationale wetgeving en het VN-Handvest respecteren." Kaja Kallas, de Brusselse buitenlandchef, koppelde hetzelfde sentiment aan een oproep tot "terughoudendheid" namens de EU.
De Duitse bondskanselier Friedrich Merz hield zich ook op de vlakte. "De juridische beoordeling van de Amerikaanse ingreep is complex en vraagt om een zorgvuldige weging", schreef hij op X. "Internationale wetgeving blijft het leidende principe." De Britse premier Keir Starmer zei vrijwel hetzelfde. Volgens hem is het nu aan de VS om uit te leggen waarom het optreden in Venezuela gerechtvaardigd was.
De Franse president Emmanuel Macron juichte in zijn eerste reactie alleen de val van de "Maduro-dictatuur" toe, maar zei niets over het Amerikaanse militaire optreden. Dat kwam hem in eigen land op kritiek te staan. Macron zei maandag tijdens een kabinetsberaad dat Frankrijk de "methode die werd gebruikt door de VS niet steunt of goedkeurt".
Onder internationale juridische deskundigen is er wel een duidelijke consensus: wat de VS deed in Venezuela druist in tegen het internationaal recht. Veel van hen verwijzen naar artikel 2 van het Handvest van de Verenigde Naties. Dat verbiedt lidstaten het "dreigen met of het gebruik van geweld tegen de territoriale integriteit of de politieke onafhankelijkheid van een staat". Dat mag alleen als de VN-Veiligheidsraad eerst akkoord gaat.
"Helaas denk ik niet dat er een wettelijke basis is voor wat we hebben gezien in Venezuela", zei Oona Hathaway, hoogleraar Internationaal Recht aan de Yale-universiteit, tegen The New Yorker. "De regering zal daar zeker juridische argumenten voor aanvoeren, maar alle argumenten die ik tot nu heb gehoord zijn niet steekhoudend."
Het VN-verdrag geeft landen wel het recht om zich te verdedigen tegen "gewapende aanvallen". Het Witte Huis voert aan dat drugssmokkel in die categorie thuishoort. Hathaway: "Als dat een geloofwaardige rechtvaardiging is, dan volgt daaruit dat een beroep op zelfverdediging geen uitzondering meer is, het is de nieuwe regel. Waarom zou je niet hetzelfde kunnen zeggen over besmettelijke ziektes? Er komt vogelgriep uit een bepaald land en dat geeft ons de wettelijke rechtvaardiging om het leger in te zetten."
Source: Nu.nl algemeen