Amsterdammers zijn in shock na de brand die tijdens de jaarwisseling de Vondelkerk verwoestte. De toren en het dak zijn ingestort, en ook de immateriële schade is groot. Wat maakt dit meesterwerk van architect Pierre Cuypers uniek?
schrijft voor de Volkskrant over architectuur, landschapsontwerp en stedenbouw.
De neogotische Vondelkerk in Amsterdam was een schoolvoorbeeld van de manier waarop je religieus erfgoed nieuw leven kunt inblazen. De ruimte werd onder meer gebruikt voor lezingen, concerten en yogasessies. Afgelopen kerstavond kon je er carols zingen met de Liberty Church, die er kantoorruimte huurt. Maar tijdens de jaarwisseling sloeg het noodlot toe; door een brand – de oorzaak is nog onbekend – stortten de toren en het dak in.
‘Ik ben in shock, het voelt alsof al je familiefoto’s weg zijn’, zegt Jos Otten, voorzitter van de Vereniging Vrienden van Amsterdamse Gevelstenen, die het archief bewaart in de kelder. De ruimte staat vol met bluswater. ‘Tot nog toe hebben we enkel dronebeelden gezien, maar duidelijk is dat de ravage enorm is’, zegt Paul Morel van Stichting Stadsherstel, sinds 1996 eigenaar van het gebouw. Zijn organisatie bewaart ook een deel van het archief in de kelder. Maar bovenal betreurt Morel de verwoesting van ‘een ongelooflijk markant landmark’.
De Vondelkerk is een topstuk van architect Pierre Cuypers (1827-1921), die in zijn werkzame leven meer dan zeventig kerken ontwierp, maar vooral ook bekend is van het Centraal Station van Amsterdam en het Rijksmuseum. ‘Het is bekend dat Cuypers deze kerk als een van zijn meesterwerken beschouwde’, zegt Morel. ‘Hij ging er zelf ook naar de dienst.’
‘Uniek is dat Cuypers de gehele stedelijke context ontwierp, van het kerkplein tot en met de omliggende straten en huizen’, zegt architectuurhistoricus Aart Oxenaar, die promoveerde op het werk van Cuypers.
De katholieke kerkenbouwer was in 1865 vanuit zijn geboorteplaats Roermond verhuisd naar Amsterdam. Nadat de katholieke eredienst tijdens de Reformatie was verboden, en de kerken waren overgedragen aan protestanten, was in 1853 de bisschoppelijke hiërarchie hersteld. Daarop volgde een opleving van herinrichting en nieuwbouw van katholieke kerken. De Vondelkerk, die oorspronkelijk R.K. Kerk van het Heilig Hart van Jezus heette, was een van de zes nieuwe godshuizen die Cuypers aan de ring rond de hoofdstedelijke grachtengordel bouwde.
De ondernemende architect ontwikkelde de kerk zelf, als onderdeel van een nieuwe, statige woonwijk. Samen met twee kompanen had hij naast het – pas aangelegde – Vondelpark grond gekocht met daarop een vervallen theehuis, dat hij verbouwde tot zijn eigen woonhuis en werkplaats. Pal daartegenover verrees vanaf 1872 de kerk in fasen; de parochie zamelde het geld in voor de bouw. Cuypers plaatste de kerk op zijn plek ‘als een vrijstaand juweel’, zoals Oxenaar het zegt. Zo hadden passanten vanuit alle richtingen zicht op de gevels.
‘Bijzonder is hoe Cuypers stijlen met elkaar liet versmelten’, zegt Morel van Stadsherstel. ‘Hij dacht rationeel, vanuit de constructie, maar werkte ook veel met ornamenten en kleuren; dieprood, goud, olijfgroen en hemelsblauw op het plafond. We doen hem tekort door zijn architectuur als neogotiek te bestempelen; het was de Cuypersgotiek.’
De Vondelkerk werd al eens door een brand getroffen, in 1904. Oxenaar: ‘Het verhaal gaat dat Cuypers, die intussen op de zolder van het Rijksmuseum kantoor hield, uit het raam keek en de vlammen zag, waarop hij een la met archieftekeningen opentrok en prompt een nieuwe toren begon te schetsen.’ Uiteindelijk tekende zijn zoon Joseph de herbouwde toren – die oogde net iets verfijnder dan die van zijn vader.
Van het oorspronkelijke interieur is veel verdwenen sinds de kerk in 1977 buiten gebruik werd gesteld. Het gebouw werd overgenomen door een belegger, die het liet verloederen, en vervolgens werd het gekraakt. Bijna was het gesloopt, een lot waaraan andere Amsterdamse Cuypers-kerken – de Willibrorduskerk, de Maria Magdalenakerk en De Liefde – niet ontkwamen. Een actiecomité met architectuurhistorici en buurtbewoners zette zich in voor renovatie. Uiteindelijk is daartoe een stichting opgericht, die de kerk kocht en herbestemde tot multifunctionele ruimte, naar ontwerp van architect André van Stigt.
Bureau Van Stigt verbouwde later ook de Posthoornkerk van Cuypers. Uit deze twee kerkrenovaties ontstond het Amsterdams Monumenten Fonds voor de systematische aanpak van ‘moeilijke monumenten’, dat nauw samenwerkt met Stadsherstel.
In een interview met Het Parool spreekt Van Stigt de hoop uit dat Amsterdammers, net als de Fransen na de brand in 2019 in de Notre-Dame in Parijs, in actie komen om de kerk te herstellen. Er lopen een aantal inzamelingen, via Stadsherstel, omwonenden en de website doneeractie.nl. ‘De Vondelkerk is meer dan steen en hout. Het is een Amsterdams icoon, een monument van herinneringen, cultuur en gemeenschap’, schrijft de initiatiefnemer van de doneeractie. ‘Waar vuur vernietigde, kan verbondenheid opnieuw opbouwen.’
Pierre Cuypers volgde bij zijn ontwerp voor de Vondelbuurt en -kerk de opvattingen van zijn Franse leermeester Eugène Viollet-le-Duc, die zich op zijn beurt liet inspireren door de geborgenheid van de middeleeuwse stad. Zo koos hij niet voor een axiale vorm, maar een compacte centraalbouw.
Het middenschip van de kerk werd na de renovatie vooral gebruikt voor evenementen, maar sinds enkele jaren ook weer voor gebedsdiensten van Liberty Church, een jonge kerkgemeenschap die is opgericht in 2014.
De Vondelkerk deed ook geregeld dienst als trouwlocatie. Zanger-acteur Jim Bakkum trad er in het huwelijk met Bettina Holwerda. ‘Zoveel mooie herinneringen liggen in dat mooie kleine kerkje. Dit breekt ons hart...’, schreef Bakkum in reactie op de brand op Instagram.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant