Waar heeft de popmuziekliefhebber het aan te danken? Aan de midwinterse talkshowvakantie? Aan een renaissance van de interesse voor de jaren zeventig en tachtig door de oplaaiende Koude Oorlog? Aan nostalgie die het verscheiden van popzender MTV losmaakt? Ach, beste muziekliefhebber, vraag niet hoe het kan, maar profiteer ervan. Zo veel liefdevolle documentaires over popmuziek rond de jaarwisseling zijn er immers zelden.
Ik zag bij de VRT docu’s over de betreurde Arno Hintjens, Oostendese brulboei met een klein hartje en frontman van de fameuze band TC Matic, en over de rockrebel Neil Young. Vrijdag volgde, op primetime nota bene, Blieve loepe (‘Blijven lopen’), over de Limburgse band Rowwen Hèze, gevolgd door Jonathan Demmes concertfilm Stop Making Sense (1984) met Talking Heads. Zaterdag: Imagine Dragons, live. Én de serie 50 Jaar hiphop in Nederland. Alsof de omroepbazen opeens beseffen dat er behalve voor amateurdirigenten en muziekfeesten op het plein ook een publiek is voor – sorry, snobalert genegeerd – authentieke rock-’n-roll.
Over de auteur
Arno Haijtema is redacteur van de Volkskrant en tv-recensent.
Een overvloedig aanbod kortom waaruit ik moed putte, eentje waarvan Blieve loepe van Ruud Lenssen, uitgezonden in NTR’s Het uur van de wolf, me zal bijblijven. De band, landelijk succesvol met zijn texmex, polkafolk en ballads in Limburgs dialect, vierde in 2025 zijn 40-jarig bestaan met het Slotconcert in een feesttent, voor een 25 duizendkoppig publiek. In aanloop naar dat festijn roerde Lenssen in de ziel van de band.
In de docu is het dialect de voertaal en komen de bandleden allen aan het woord – lang niet alle aandacht gaat naar de, sympathieke, frontman Jack Poels. Uit talrijke puzzelstukjes bouwt de film een beeld van de onderlinge verhoudingen. Zien we hoe vanuit de eerste zoekende akkoorden een liedje ontstaat. En horen we over de frustraties van de muzikanten die níét de publieksfavoriet zijn. Zoals gitarist Theo Joosten die ‘bij het pissen’ hoorde hoe concertgangers hem indeelden bij ‘goedkope’ bandleden. Dit in tegenstelling tot de ‘dure’, zoals zanger Poels. ‘Dat sneed me door de ziel.’
Vrienden werden langzaamaan collega’s, maar wel van de soort met wie je kunt lezen en schrijven. Prachtig, de eindeloze moeite waarmee accordeonist en producer Tren van Enckevort Joosten een schijnbaar kinderlijk eenvoudig gitaarloopje helpt leren spelen. En ontwapenend, hoe de muzikanten vertellen over de (angstvallig ongespecificeerde) strubbelingen waaraan de band bijna ten onder ging.
De docu eindigt in het dorp America, de plek waar Rowwen Hèze ooit begon. Daar speelt de band voor de bewoners het lied dat Poels schreef over zijn vader, die leed aan MS en jong stierf. Het dorp had vader geholpen bij de aanschaf van een ‘elektrisch karretje’. Zo veel weemoed in de dorpszaal, van een band die altijd samen blijft. Joosten: ‘Je denkt weleens: wat als iemand ons ontvalt? Maar daar praten we niet over.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant columns