is wetenschapsredacteur van de Volkskrant. Hij schrijft over natuur en biodiversiteit.
Nooit eerder ontdekten wetenschappers zoveel nieuwe dieren- en plantensoorten als tegenwoordig. Was er dan niet een biodiversiteitscrisis?
‘Zolang uitsterven anoniem gebeurt, bekommert vrijwel niemand zich erom’, zei Sander Turnhout, ‘natuurmonitoringsexpert’ aan de Radboud Universiteit in Nijmegen, afgelopen maandag in NRC. Daar heeft hij gelijk in. Altijd het uitgestorven beestje bij de naam noemen dus, dat is goed voor de rouwverwerking en het collectief bewustzijn rondom biodiversiteit.
Zo eenvoudig is dat nog niet. Vorige maand memoreerde een groep Chinese wetenschappers in een artikel in Science Advances dat in de afgelopen vijfhonderd jaar zo’n 912 uitstervingen zijn gedocumenteerd, maar dat die cijfers tegelijkertijd onbetrouwbaar zijn: er kan veel onder de radar zijn gebleven omdat we de totale omvang van de biodiversiteit op de hele aardbol nog altijd niet kennen. Bij lange na niet, zelfs.
Dezelfde wetenschappers becijferden dat het tempo waarin er nieuwe soorten bijkomen hoger is dan ooit. Dat wil zeggen: die soorten waren er al veel langer, maar de mens slaagt er steeds beter in ze te ontdekken. Tussen 2015 en 2020 werden gemiddeld zo’n zestienduizend soorten per jaar ontdekt, waaronder meer dan tienduizend diersoorten, voornamelijk insecten (de rest waren planten en schimmels).
Hoe meer we weten, hoe beter we weten wat we niet weten. Zo verwachten de Chinese wetenschappers dat er in totaal zo’n 115 duizend vissoorten blijken te bestaan – tot nu toe staat de officiële teller pas op 42 duizend. Voor andere soorten gelden soortgelijke grootheden.
Glad ijs is dit alles ook. Een beetje populist of boerenbelangenbehartiger zou nu kunnen toeteren dat die hele biodiversiteitscrisis een verzinsel is van groene gekkies. Kijk maar: er komen er nu dus dagelijks 43 nieuwe soorten bij – je hóórt ze in talkshows al pleiten voor bestrijding. Onzin natuurlijk: niet-ontdekte soorten sterven vermoedelijk even hard uit als bekende soorten. De onderzoekende mens vergroot enkel z’n blikveld, tegelijk kan het aantal soorten dat op, over en onder dat veld rondkruipt gewoon afnemen. Maar die hersengymnastiek zal voor sommigen misschien te veel atletische vermogens vergen.
In deze rubriek geeft Jean-Pierre Geelen, natuurredacteur van de Volkskrant, zijn persoonlijke commentaar op opmerkelijke confrontaties tussen mens en natuur.
Als uitsterven niet anoniem mag blijven, moeten nieuwe soorten ook niet ongezien blijven. Noem ze, bevestig hun bestaan; noem ze bij hun diepste naam (want voor wie hen liefheeft, willen ze heten). Dus welkom Bellingshauser spookkwal, een van de tientallen nieuwe diersoorten die voor de kust van Antarctica ontdekt werden nadat daar een reusachtige ijsplaat was afgebroken. De kwal heeft een kop van 1 meter breed en armen die meer dan 10 meter lang kunnen worden.
En welkom, Acrophylla alta, jij reusachtige wandelende tak van 44 centimeter, afgelopen jaar ontdekt in Australië en met z’n 45 gram meteen het zwaarste insect van dat land.
Maak het jullie gemakkelijk, Peruaanse buidelrat (levend op 2.600 meter hoogte) in het Andesgebergte, Canadese zeelelie (verwant aan zeesterren en zee-egels), en Vietnamese zuignapmeerval – alle dieren werden afgelopen jaar ontdekt door wetenschappers van het Amerikaanse Museum of Natural History.
Uitsterven kan altijd nog, en is bovendien ook maar relatief. Eind december werd in Zuid-Limburg de grote hoefijzerneus weer waargenomen. Na decennia afwezigheid in Nederland is er goede hoop dat de verloren vleermuis zal opleven. Het zou de eerste wonderbaarlijke herrijzenis niet zijn: de wilde platkopkat die eind december in Thailand is gezien, was dertig jaar eerder al als uitgestorven beschouwd. Nu blijkt hij springlevend en plant hij zich nog voort ook.
Zo biedt de natuur haar eigen medicijn: tegen de rouw van verlies aan biodiversiteit staat een weldadige wereld vol wonderen. We hoeven het alleen nog maar te zien. Succes ermee, het wordt een prachtig jaar om je te bekommeren – én het leven te vieren.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant