Home

‘Flexibel, op de golfslag van de tijd’

Mijn Ouders Voor deze serie sturen lezers foto’s van hun ouders in. Deze keer stuurde Joan Hemels (1944) een foto van zijn ouders Catharina Anna (Cato) van de Ven (1909-2009) en Wilhelmus Maria (Willem) Hemels (1907-1987).

‘Mijn moeder, de oudste van zes kinderen, kwam met zestien jaar vanuit Heesch in Noord-Brabant naar Heino in Salland. Haar ouders hadden een klein gemengd bedrijf op schrale zandgrond, maar konden in de polder onder Lith land op rivierklei pachten. Cato werd kindermeisje en hulp in de huishouding van een burgemeestersfamilie. Alexander van Sonsbeeck was zijn vader in 1913 als burgemeester van Heino opgevolgd en had villa De Heemel laten bouwen. Gerrit Hemelman (ofwel: Hemels) had daar een boerderijtje gehad dat in 1881 was afgebroken. Twee tantes, zussen van Cato’s moeder, waren al in dienst van de Heinose burgemeester en zijn vrouw. Een van de tantes ging terug naar Geffen en mijn moeder kwam. Mijn moeder was altijd vol lof over haar tien jaren op De Heemel, zij het dat ze in het begin heimwee had en het warme Brabantse gezin erg miste.

Mijn vader was opgeleid als timmerman en werkte in het in Amersfoort gevestigde aannemersbedrijf van zijn oom, L.J. Hemels. Daar kwam een einde aan door de economische crisis in de eerste helft van de jaren dertig: opdrachten voor grote projecten, zoals de bouw van kerken, bleven uit. Omdat de oudere broer van mijn vader muzikaal talent had en organist-dirigent was geworden, had mijn grootvader geen opvolger voor de bakkerij annex levensmiddelenbedrijf in Lierderholthuis. Mijn vader achtte zich als vakman te goed om als opperman stenen, cement en beton te kruien. Hij ging naar de Bakkersschool in Zwolle en zou alle diploma’s halen – zelfs het ’tabaksdiploma’. Om wat bij te verdienen – en in de nabijheid van mijn moeder te zijn – hielp hij bij ontvangsten en diners op De Heemel. Om een extraatje bij te verdienen kwam mijn vader als selfmade butler bedienen en leerde hij mijn moeder kennen. De foto dateert uit die tijd.

In 1935 zijn ze getrouwd en in het laatste door mijn vader voltooide huis gaan wonen. Daar zijn wij, twee dochters en vier zoons, tussen 1938 en 1948 geboren. Mijn vader runde samen met zijn jongere zus Mies de zaak. In 1953 openden beiden een filiaal dat mijn moeder uitbouwde tot een goed beklante dorpssupermarkt. Toen de activiteiten van de vennootschap onder firma in 1982 werden beëindigd, genoten onze ouders ervan dat hun kinderen van het verdiende geld hadden kunnen ‘doorleren’. Als eersten in het kleine kerkdorp. Nu we zelf op leeftijd zijn, verbazen we ons, hoe flexibel beiden waren, hoe ze op de golfslag van de tijd steeds hun kansen hebben benut.’

Source: NRC

Previous

Next