Nederland kan meer ingrijpen om de gevolgen van roken en vapen te beperken, maar wil het niet. Paternalistisch optreden wordt vermeden, terwijl het juist precies is wat jongeren en artsen dringend vragen.
De afgelopen periode zijn er diverse verontrustende berichten over vapen verschenen. Artsen laten al langer zien dat zij zich zorgen maken over vapen: ‘dat het schadelijk is, is inmiddels glashelder, van schade op het niveau van DNA tot de grote luchtwegen.’
Alhoewel de artikelen nu vooral over vapen gaan, gaan de zorgen ook over roken. Want naast giftige en zware metalen als lood en cadmium is het zeer verslavende nicotine de grootste boosdoener. Het is daarom ronduit zorgwekkend en onacceptabel dat de overheid jarenlange gezondheidswaarschuwingen van artsen bagatelliseert en selectief lijkt om te gaan met gezondheidsrisico’s. Door als overheid bij gezondheidsrisico’s alleen te handelen wanneer het politiek handig is en artsen te negeren zodra hun oordeel ongemakkelijk wordt, verspeelt ze haar rol als beschermer van de volksgezondheid.
Over de auteurs
Danielle Jansen is voormalig minister VWS en Tweede Kamerlid (NSC). George Nieuwland is student HBO-rechten.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Roken blijft in Nederland een van de grootste vermijdbare doodsoorzaken: in 2024 overleden naar schatting 19.220 mensen aan aandoeningen die direct aan roken zijn toe te schrijven. Hoewel vapen minder directe sterftecijfers kent omdat het relatief nieuw is, zijn er duidelijke risico’s zoals longschade en is het extra riskant voor jonge hersenen. De maatschappelijke kosten van roken zijn in Nederland volgens een analyse van SEO Economisch Onderzoek ruim 30 miljard euro per jaar.
Het contrast met de politieke aandacht voor vuurwerk is opvallend. Tijdens de jaarwisseling 2024-2025 liepen naar schatting 1.162 personen vuurwerkletsel op en werd de particuliere schade geschat op ongeveer 16 miljoen euro. Voor schade aan de openbare ruimte bestaat geen landelijk overzicht maar lokale cijfers zoals 59.500 euro in Groningen en 261.000 euro in Rotterdam, laten zien dat deze kosten aanzienlijk lager liggen. Zelfs wanneer dergelijke bedragen landelijk worden opgeteld, blijven ze in geen verhouding staan tot de jaarlijks terugkerende kosten van roken.
Er zijn nog meer voorbeelden waarbij de overheid wel preventief ingrijpt ter bescherming van de volksgezondheid. Producenten en importeurs zijn wettelijk verplicht producten terug te roepen wanneer deze een risico vormen voor de gezondheid. Dat gebeurt bijvoorbeeld wanneer de THT-datum (te gebruiken tot, red.) is bereikt of wanneer fitnesshandschoenen te hoge concentraties giftige stoffen bevatten. Ook speelgoed wordt teruggenomen wanneer er onderdelen los kunnen raken of vanwege de aanwezigheid van bacteriën en wordt het getest op lood.
Loodhoudende verf is ook al decennia verboden in Nederland vanwege ernstige gezondheidsrisico’s. In al deze gevallen geldt dat zelfs een beperkt gezondheidsrisico voldoende is om producten onmiddellijk uit de handel te nemen. Opvallend genoeg lijkt diezelfde logica niet te gelden voor vapes en sigaretten.
Het is terecht dat we ons zorgen maken over onveilige en schadelijke producten. Maar is het niet vreemd dat speelgoed met een paar milligram te veel lood (terecht!) onmiddellijk uit de schappen wordt gehaald, terwijl vapes en sigaretten met aantoonbaar veel grotere gezondheidsrisico’s gewoon verkocht mag worden? Ondanks het risico dat een hele generatie jongeren nicotineverslaafd raakt en ernstige gezondheidsklachten ontwikkelt, durft de overheid nog steeds niet daadkrachtig op te treden.
Wij vinden het moeilijk te begrijpen dat er willens en wetens onvoldoende wordt gedaan om met name jongeren in Nederland beter te beschermen. 82 procent van de Nederlandse jongeren is voor een algeheel verbod op vapen en 80 procent van de jongeren reageert positief op een verbod op sigaretten. De meeste rokers willen stoppen: rond de 80 procent geeft aan de intentie te hebben om ooit te stoppen en jaarlijks ondernemen ongeveer een miljoen rokers in Nederland ten minste één stoppoging.
Wat de overheid weigert, zou ze juist moeten doen: paternalistisch optreden. Ouders en scholen ook; daar smeken jongeren om, laten de cijfers hierboven zien. Streng toezicht houden, de toegang tot nicotine beperken, duidelijke grenzen stellen en consequent ingrijpen bij overtredingen. Een verbod op vapen is volgens de overheid niet gemakkelijk omdat het Europees geregeld worden. Maar wat Nederland wel kan doen is bijvoorbeeld de beschikbaarheid van vapes veel sneller beperken, wat volgens de WHO een van de meest effectieve maatregelen is.
Maar hier kiest de overheid niet voor, omdat dit de ondernemers zou schaden. De argumenten over gebrekkige handhaving zijn bovendien niet houdbaar: we gebruiken ze immers ook niet bij het vuurwerkverbod. Nederland kan wel meer ingrijpen, maar wil het niet. Paternalistisch optreden wordt vermeden, terwijl het juist precies is wat jongeren en artsen dringend vragen.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant