Home

Waar kunnen nieuwe datacenters nog komen? 'Er is nul coördinatie'

De afgelopen jaren zijn allerlei regels ingevoerd om de groei van het aantal datacenters te sturen of beperken, met wisselend succes. Volgens experts ontbreekt een landelijke strategie om de verdere groei van de digitale economie in goede banen te leiden.

De voorgestelde komst van een Facebook-datacenter naar Zeewolde, inmiddels vier jaar geleden, maakte in Flevoland veel los. Het project werd uiteindelijk afgeblazen na felle kritiek op met name het voorgestelde ruimte- en energieverbruik.

Dankzij de ophef kwam er een landelijk vestigingsverbod voor de allergrootste datacenters. Alleen in Noord-Groningen en de kop van Noord-Holland, waar al datacenters van Microsoft en Google staan, mogen zogeheten hyperscalers zich nu nog vestigen. De twee Amerikaanse bedrijven hebben plannen om hier nog flink uit te breiden.

Ook elders groeit het aantal datacenters de komende jaren nog flink door, bleek eerder deze maand uit onderzoek van NU.nl. Ze komen vooral op plekken waar al veel andere datacenters zitten. Deels omdat ze baat hebben bij goede onderlinge verbindingen, maar ook vanwege overheidsbeleid.

Terwijl de landelijke overheid besloot de allergrootste datacenters op twee plekken te concentreren, hanteert de provincie Noord-Holland een soortgelijke strategie voor kleinere datacenters. Die moeten vooral bij bestaande clusters komen, met name rond Amsterdam, staat in de provinciale datacenterstrategie.

Onverstandig, zegt directeur Stijn Grove van de Dutch Data Center Association. Het landelijke hyperscaleverbod was volgens hem "paniekvoetbal", een maatregel die snel is genomen onder grote politieke druk. Met als gevolg dat het stroomnet bij datacenterclusters nog verder onder druk komt te staan.

"Daarmee zet je Nederland steeds vaster en vaster", zegt Grove. Volgens hem moet veel beter worden gekeken waar in het energiesysteem nog ruimte voor datacenters is. "Er is nul coördinatie op dat vlak, die moet er wel gaan komen."

Maar als ergens ruimte op het stroomnet is, betekent dat nog niet dat plaatselijke bestuurders en inwoners op de komst van datacenters zitten te wachten. Dat blijkt bijvoorbeeld in de gemeente Westland, een van de weinige plekken die nog niet rood kleuren op de landelijke capaciteitskaart van het stroomnet. Datacenters dienden de afgelopen tijd meerdere aanvragen voor grote stroomaansluitingen in bij de plaatselijke netbeheerder.

De gemeente ziet de komst van die datacenters niet zitten en besloot de vestiging ervan te verbieden. Er wordt alleen nog één aanvraag behandeld van een datacenter dat het verbod voor was, zegt een gemeentewoordvoerder.

Verder wil de gemeente de schaarse ruimte op het stroomnet vrijhouden voor de eigen greenport, met bedrijven in de glastuinbouw en agrologistiek. Die zullen de komende jaren meer stroom gaan gebruiken, bijvoorbeeld omdat ze overstappen op elektrisch vervoer.

Je kunt datacenters vergelijken met distributiecentra, zegt Cees-Jan Pen, lector Duurzame Stedelijke Transformatie bij Fontys Hogeschool. Ook die zijn de afgelopen jaren sterk gegroeid in Nederland. Ze zijn nodig omdat consumenten veel spullen bestellen bij webwinkels, maar bedienen soms vooral het buitenland.

Inmiddels groeit het besef dat die distributiecentra niet overal passen en proberen overheden met nieuwe regels de verdere groei in goede banen te leiden. Dat zou ook met datacenters moeten gebeuren, zegt Pen.

Hij vindt dat er regionale datacenterhubs moeten worden aangewezen op plekken met een geschikte stroomaansluiting én lokale bedrijven die de digitale infrastructuur nodig hebben. "We hebben de ruimte niet om allerlei data-infrastructuur te bouwen voor landen om ons heen", zegt de lector. "Dus je zou moeten kunnen aantonen dat een datacenter vooral op onze binnenlandse vraag is gericht."

Nederland en Europa moeten strategisch nadenken over de energievraag van de digitale economie, zegt Julia Krauwer, sectoreconoom technologie bij ABN AMRO. Nieuwe datacenters moeten volgens haar niet alleen op de juiste plek komen, maar ook slimmer worden ontworpen.

Dat kan bijvoorbeeld met batterijen, zodat datacenters tijdens de stroomspits geen of minder elektriciteit van het net hoeven af te nemen. Of door ze te plaatsen op plekken waar restwarmte kan worden gebruikt om huishoudens of bedrijven te verwarmen. Dat gebeurt nu op een paar plekken, maar komt bij veel andere datacenters niet van de grond.

Tegelijkertijd moeten digitale diensten efficiënter worden, benadrukt Krauwer. Techbedrijven gebruiken bij de ontwikkeling van AI-modellen steeds grotere hoeveelheden energieslurpende chips, terwijl ze juist zouden moeten proberen hun AI-producten energie-efficiënter te maken. "We moeten niet doen alsof de stroomtoevoer onbeperkt is", zegt de sectoreconoom.

Burgers en bedrijven hebben volgens haar ook meer transparantie over dat energieverbruik nodig, zodat ze kunnen kiezen voor diensten die zuiniger omspringen met energie.

Simpelweg geen datacenters meer bouwen is niet de oplossing, zegt Krauwer. "Dat is eigenlijk heel klein gedacht. Het is een groter vraagstuk dat je gecoördineerd zou moeten oppakken."

Source: Nu.nl economisch

Previous

Next