Hans van Manen bleef tot zijn overlijden op 93-jarige leeftijd altijd werkzaam in de balletwereld. Ook in zijn laatste jaren was hij actief als mentor en adviseur van jonge dansers en choreografen. Helemaal stoppen wilde hij nooit.
"Ik vind het heerlijk om met dansers te werken", antwoordde de woensdag overleden Van Manen steevast als hem werd gevraagd waarom hij niet van zijn pensioen ging genieten. Nieuwe balletten creëerde hij al een tijd niet meer, maar de danswereld verlaten was geen optie.
"Als het aan mij lag, was ik anders alleen nog maar aan het koken voor vrienden en snooker op tv aan het kijken. Daar zou ik me geweldig mee amuseren, daar niet van, maar ik zou de dansers te veel gaan missen", zei hij er in 2017 over in een interview voor het Nationale Opera & Ballet.
Van Manen werd in 1932 geboren in Nieuwer-Amstel, dat nu Amstelveen heet. Hij verloor zijn vader toen hij zeven jaar oud was aan tuberculose. Met zijn moeder heeft hij altijd een hechte band gehad. De twee woonden 37 jaar lang samen in hetzelfde huis. Door de Tweede Wereldoorlog kreeg hij niet de kans om zijn school af te maken. Als tiener ging hij in de leer bij een toneelkapper om de theaterwereld in te rollen.
Eind jaren veertig volgde hij zijn eerste balletlessen. Begin jaren vijftig had hij zijn eerste opvoeringen, bij onder meer het Ballet van de Nederlandse Opera en in Parijs. Van Manen zag zichzelf nooit als een "prachtige danser". "Je hebt van die beeldschone jongens die de zaal onmiddellijk in vervoering brengen zodra ze opkomen. Ik kon goed draaien, maar had bepaald geen gemakkelijk lijf", zei hij daarover. "En ik moest ook wat méér doen dan opkomen, voor de zaal in katzwijm viel."
En dus besloot hij al snel dat hij de bewegingen niet alleen meer wilde uitvoeren, maar ook bedenken. Hij debuteerde in 1955 als choreograaf en met zijn derde voorstelling werd hij al bekroond met de Staatsprijs voor Choreografie.
In de jaren zestig was Van Manen een van de artistieke krachten achter het Nederlands Dans Theater. Het grootste deel van de jaren zeventig en tachtig bracht hij door als huischoreograaf van Het Nationale Ballet, waar hij in 2005, na wederom een periode bij het Nederlands Dans Theater, terugkeerde.
De meer dan 150 balletten die hij in zijn leven bedacht, gaan de hele wereld over. Zijn choreografieën worden wereldwijd door ruim honderd balletgezelschappen uitgevoerd, in onder meer Duitsland, Japan en de Verenigde Staten.
De choreografieën van Van Manen waren zo baanbrekend omdat hij het klassieke van ballet combineerde met een moderne twist. Hij wist zijn choreografieën te doordrenken van speelsheid en erotiek. Hij nam risico's door twee mannelijke dansers duetten te laten dansen in een tijd dat dit nog niet normaal was. Zijn ballet Sarcasmen werd een van zijn bekendste, door een dans tussen man en vrouw die elkaar aftroeven, waarbij zij haar hand op zijn kruis legt.
"Bij alles komt altijd erotiek kijken, omdat ik van mensen hou", zei Van Manen in de Volkskrant.
Zijn misschien wel vernieuwendste ballet was Live, dat in 1979 voor het eerst werd opgevoerd. Daarin speelt een camera een grote rol die de balletdanseres filmt om details van haar lichaam op een groot scherm te projecteren. De cameraman was Henk van Dijk, die alle balletten van Van Manen vastlegde, lang voordat dit gebruikelijk was.
Van Manen had decennialang, tot zijn dood, een relatie met Van Dijk. Maar samenwonen deden ze niet. "We hebben veel met elkaar te maken en houden zielsveel van elkaar, maar leiden elk ons eigen leven. Ik vind het niet nodig om met iemand samen te wonen, ik hoef de telefoon maar te pakken en ik ben niet meer alleen", zei hij daar begin jaren negentig over. In 2017 in de Volkskrant dacht hij niet anders over samenwonen: "Nee joh, ben je gek, waarom denk je dat we het al zo lang met elkaar uithouden?"
Naast choreograaf en danser was Van Manen ook jarenlang actief als fotograaf. In 1983 ontmoette hij Erwin Olaf, die hem kwam fotograferen voor een queermagazine. De twee bouwen een vriendschap op, waarbij Van Manen de toen 24-jarige Olaf adviseerde over zijn fotografiecarrière. Olaf noemde hem zijn mentor, maar Van Manen zag dat niet zo, zei hij onlangs nog tegen Observer. "We hadden een diepe vriendschap tot zijn dood." Delen van Olafs werk Dance in Close-Up ter ere van Van Manens negentigste verjaardag zijn momenteel in het Stedelijk Museum in Amsterdam te zien.
Als choreograaf heeft Van Manen zo'n beetje alle prijzen en onderscheidingen gekregen die er zijn, waaronder commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw, en kreeg hij de Erasmusprijs. De directeur van het Nationale Ballet liet na het overlijden van Van Manen weten dat "zijn kunst zal voortleven in de lijven van de dansers die zijn werk uitvoeren en in de ogen van talloze toeschouwers".
Zelf heeft Van Manen zich nooit zorgen gemaakt over zijn nalatenschap. "Waarom zou ik me zorgen maken over hoe het na mijn dood gaat?", zei hij tegen Het Parool. Hij liet vastleggen wat hij kon en vertrouwde op het Nationale Ballet. "Er zijn een stuk of vijf balletmeesters die in mijn werk hebben gedanst en dat nu feilloos kunnen overbrengen." Grote dromen had hij niet meer. "Dat hij nooit ziek wordt", zei hij nog wel over zijn levenspartner Van Dijk.
Source: Nu.nl algemeen