De fanatieke Ajax-aanhang wordt vanmiddag geweerd uit de ArenA tijdens de Klassieker tegen Feyenoord, al is het vuurwerkprobleem in het Nederlandse voetbal daarmee niet opgelost. Clubs roepen de politiek op te helpen. Maar of dat de juiste stap is?
Twee weken nadat Ajax-FC Groningen werd stilgelegd met honderden fakkels, pijlen en nog veel zwaarder vuurwerk, is niet uitgesloten dat er bij De Klassieker weer het een en ander afgestoken wordt op de tribunes in de Johan Cruijff ArenA. Of bij een van de andere drie wedstrijden vandaag in de Eredivisie.
Een rondje langs de Eredivisie-clubs leert dat de clubs er van alles aan doen om vuurwerk buiten het stadion te houden. Er worden geregeld vuurwerkhonden ingezet en bij risicowedstrijden wordt vrijwel iedereen gefouilleerd.
"Maar een stadion is geen vliegveld", zegt een woordvoerder van een van de clubs. "Een steward of beveiliger is slechts bevoegd tot een privaatrechtelijke en oppervlakkige veiligheidsfouillering. Geen uitgebreidere fouillering, zoals een politieagent mag uitvoeren."
Daardoor blijft het voor de clubs, die verantwoordelijk zijn voor de veiligheid in het stadion, een "complexe uitdaging" om verboden voorwerpen zoals vuurwerk volledig buiten het stadion te houden. Zeker als supporters "creatieve of strafbare manieren" gebruiken om het naar binnen te smokkelen.
Bij Ajax-Groningen kwam het vuurwerk op een strafbare manier binnen. De deur van een nooduitgang werd ingetrapt, waarna ongeveer 150 deels gemaskeerde leden van de F-side met grote hoeveelheden vuurwerk richting de vakken achter het doel konden lopen.
Het zijn de vakken (125 tot en met 129) die vanmiddag leeg moeten blijven tijdens Ajax-Feyenoord. De sanctie komt van de Amsterdamse club zelf. En dat is niet uniek dit voetbalseizoen. Vorige maand besloot ADO Den Haag dat het tot nader order geen fans meeneemt naar uitwedstrijden in de Keuken Kampioen Divisie. Aanleiding was het gooien van zwaar vuurwerk vanuit het uitvak richting Cambuur-supporters, waaronder kinderen.
Het zijn zware maatregelen, maar de clubs moeten wel. De druk die clubs ervaren van het zelf verantwoordelijk zijn voor de veiligheid in een stadion (buiten het stadion zijn politie en openbaar bestuur verantwoordelijk) wordt groter en groter, zei Paul Depla daags na Ajax-FC Groningen in Nieuwsuur. "Je zal maar een steward zijn en overlopen worden door de harde kern."
Depla is burgemeester van Breda, maar ook lid van de Sportraad, een orgaan dat de overheid adviseert over sport. "Miljoenen mensen genieten van voetbal", zei hij. "Het krijgt enorme aandacht. Qua uitstraling zijn voetbalclubs multinationals. Maar qua organisatie is een voetbalclub te vergelijken met midden- en kleinbedrijf. Dat gaat niet meer samen."
Niet voor niets concludeerde de Sportraad onlangs al dat voetbalclubs meer hulp zouden moeten krijgen van de overheid om de veiligheidsorganisatie te vergroten. En daar hamerde Depla in Nieuwsuur weer op.
Niet iedereen staat er zo in. Heinrich Winter, hoogleraar aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van Rijksuniversiteit van Groningen, vindt het te gemakkelijk dat clubs naar de overheid wijzen. "Een voetbalclub als Ajax investeert miljoenen in spelers. Dan moet een paar ton extra voor de veiligheid in het stadion ook mogelijk zijn", zegt Winter, die in opdracht van het ministerie van Justitie meermaals wetgeving rond het voetbal evalueerde.
Winter beseft dat het niet alleen om geld draait. "Vrijwel elke club in Nederland heeft te maken met een harde kern en alle dreigementen die daarbij horen. De leiding voelt die druk. Maar dat hebben ze zelf zover laten komen."
"Als de F-side erin slaagt om een hele vuurwerkwinkel de tribune op te krijgen, dan is er wat aan de hand met de ordebewaking. Een club kan ook een bewakingsdienst inhuren. Zware jongens in plaats van stewards. Zet die bij zo'n nooddeur. Clubs doen al veel, maar het is nog niet genoeg."
In de in oktober verschenen veiligheidsmonitor van de KNVB staat vermeld dat clubs steeds meer investeren in de veiligheid in de stadions. En met succes. Afgelopen seizoen lag het aantal wanordelijkheden en incidenten voor de derde maal op rij lager dan in het seizoen ervoor.
Ook als het gaat om vuurwerk, lijkt sprake van een dalende trend. Althans, het aantal stadionverboden dat wordt opgelegd vanwege het in bezit hebben of afsteken van vuurwerk neemt sinds het einde van de coronacrisis jaarlijks af. Het ging van 210 (2021/2022) naar 115 (2022/2023) en 110 (2023/2024). En vorig seizoen waren het er nog maar 79.
Toch sloegen de clubs uit de Eredivisie en de Keuken Kampioen Divisie afgelopen week nog alarm. In een gezamenlijk statement leken zij verder te gaan dan Depla en de Sportraad. De politiek werd niet alleen opgeroepen tot steun.
"Om bij ernstige ongeregeldheden nog effectiever te zijn, dringen wij aan op daadwerkelijke strafrechtelijke vervolging van daders. Net als in de ons omringende landen, zoals Engeland en Duitsland", stond in het statement.
Een dag later werd het statement al weerlegd door het Openbaar Ministerie: voetbalsupporters kunnen en worden óók in Nederland strafrechtelijk vervolgd. Dat blijkt ook uit cijfers van de politie. Het OM registreerde afgelopen seizoen 218 verdachten die voetbalgerelateerde feiten hadden gepleegd. Het ging onder meer om geweld, vernieling én om vuurwerk. Ook als dat in het stadion gebeurde. 68 keer legde de rechter een stadionverbod op en tientallen keren kwam het tot een gevangenisstraf.
Jan Brouwer, die net als Winter hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Groningen is én expert op het gebied van voetbalwetgeving, heeft het statement van de Eredivisie-clubs dan ook met verbazing gelezen.
"Ik vind het onvoorstelbaar dat clubs hier nu mee komen. Het stafrecht kan al jaren worden ingezet als supporters strafbare feiten plegen in een stadion. En dat gebeurt ook."
Volgens Brouwer is de voetbalwetgeving in Nederland zelfs strenger dan die in Engeland of Duitsland. "Via het het privaatrecht kan de KNVB veel langere stadionverboden opleggen dan de Engelsen. Zonder inmenging van een rechter. Ook als het gaat om het afsteken en gooien van vuurwerk."
Strafrechtelijke vervolging is volgens Brouwer gecompliceerder, maar niet onmogelijk. Zeker niet omdat Ajax op basis van beelden inmiddels tien tot vijftien vuurwerkgooiers heeft geïdentificeerd en de ArenA aangifte heeft gedaan van huisvredebreuk, openlijke geweldpleging en brandstichting.
Brouwer: "Het strafrecht is preciezer als het gaat om wettig en overtuigend bewijs. Er moet per individu worden aangetoond dat er met vuurwerk is gegooid om over te kunnen gaan tot een veroordeling. Zie dat maar eens voor elkaar te krijgen als iemand een bivakmuts draagt. Maar nogmaals, het is niet onmogelijk. Ook het gooien van vuurwerk kan leiden tot strafrechtelijke vervolging. En uiteindelijk een zware straf."
Source: Nu.nl algemeen