Nu IJsland heeft besloten ook niet mee te doen aan het Eurovisie Songfestival van 2026, kan de balans worden opgemaakt. Met vijf afhakende en minstens drie terugkerende landen neemt het deelnemersaantal niet drastisch af. Maar wat betekent dit voor de reputatie van het Songfestival?
De afgelopen edities van het Eurovisie Songfestival werden al flink overschaduwd door politieke spanningen. In aanloop naar de liedjeswedstrijd ging het meer over de deelname van Israël en de protesten daartegen dan over de muzikanten. Dat was de afgelopen editie niet anders. Vrijwel niemand had het na de finale over het winnende lied Wasted Love van de Oostenrijkse JJ. Des te meer werd er gediscussieerd over Israël, dat de meeste publiekspunten kreeg.
Zeker acht deelnemende omroepen, waaronder de AVROTROS, uitten hun zorgen bij de organiserende European Broadcasting Union (EBU) over de uitslag en de deelname van Israël. Die zorgen gingen onder meer over een uitgebreide promotiecampagne, gefinancierd door de Israëlische regering. Dat is in strijd met de regels van de EBU.
Die zorgen, die volgens de EBU serieus werden genomen, bleken bij sommige landen te zijn verdwenen door de aankondiging van nieuwe regels. Zo mag er nog maximaal tien keer per creditcard gestemd worden, worden grote promotiecampagnes van inzendingen verboden en keren jury's terug in de halve finales.
Wie bij de bijeenkomst van de EBU voor deze regels stemde, stemde automatisch tegen een aparte stemming over de deelname van Israël. Het merendeel van de deelnemende omroepen stemde in met de nieuwe regels en daarom blijft Israël welkom.
Volgens Israëlische media is deze beslissing te danken aan een "maandenlange lobby". De Israëlische president Isaac Herzog en omroep KAN zouden alles op alles hebben gezet om te mogen blijven. De directeur van ORF, de Oostenrijke omroep die volgend jaar host is van het Songfestival, bezocht Israël. Na dat bezoek moedigde hij andere deelnemende landen aan te kiezen voor diplomatie en Israël niet weg te stemmen.
Nederland, Spanje, Slovenië, Ierland en IJsland zagen zich genoodzaakt uit het Songfestival te stappen. Het lijkt misschien een wat magere boycot na de breed geuite zorgen. "Ons besluit staat volledig op zichzelf", zegt de AVROTROS tegen NU.nl.
De omroep zegt de afweging te hebben gemaakt op basis van "onze eigen waarden en verantwoordelijkheid als publieke omroep". Volgens de woordvoerder leven de zorgen en discussie breder binnen Europa. "Dat herkenning er is, voelt steunend, maar het was nooit ons doel om anderen te beïnvloeden. Dit ging om onze eigen grens."
Het afhaken van deze landen moet pijn doen voor de EBU. Met Spanje verliezen ze een van de Big Five, de grootste geldschieters die zich automatisch plaatsen voor de finale. Nederland is een van de landen die al sinds de allereerste editie in 1956 meedoet en betaalt ook een van de hogere contributies (250.000 euro in 2024). Ierland behoort tot de succesvolste landen met de meeste overwinningen.
Hoe het financiële gat - Spanje betaalde in 2024 334.000 euro om mee te doen - dat is ontstaan wordt gevuld, willen de Spaanse omroep RTVE en de EBU niet zeggen. Wel heeft de organisatie al aangekondigd dat de prijs voor landen, die per land op basis van de financiële draagkracht wordt bepaald, niet is gestegen.
De EBU verwacht, dankzij de terugkeer van Bulgarije, Roemenië en Moldavië, rond de 35 deelnemende landen uit te komen. Dat zijn er twee minder dan bij de vorige editie. En ver weg van een recordaantal deelnemers, iets wat de ORF voor ogen had tijdens de aankomende zeventigste editie.
AVROTROS krijgt naast steun ook flinke kritiek op de beslissing om niet meer deel te nemen. Dat is niet anders bij landen die hebben besloten wél naar het Songfestival te gaan. Bij een peiling in het Verenigd Koninkrijk stemde bijna 70 procent tegen deelname van de BBC als Israël was uitgenodigd.
De artiest die het Verenigd Koninkrijk volgend jaar zal vertegenwoordigen, kan zich alvast voorbereiden op flinke kritiek. Daar kan Olly Alexander, bekend van de band Years & Years, over meepraten. Hij vertegenwoordigde zijn land in 2024 en lag toen al flink onder vuur, omdat hij zich niet genoeg zou uitspreken tegen het geweld van Israël in Gaza. Die kritiek op omroepen en artiesten zal dit jaar niet minder zijn nu is gebleken dat een boycot wel degelijk een optie is.
De Portugese omroep loopt met haar nationale songfestival al tegen een probleem aan. Artiesten zijn bij winst niet langer verplicht om naar het Eurovisie Songfestival te gaan. Deelnemende band Marquise heeft al gezegd niet "medeplichtig te willen zijn aan genocide" en bij winst niet af te reizen naar Wenen, waar het Songfestival plaatsvindt.
De discussies rondom het Songfestival staan ver af van de liedjes en optredens waar het om zou moeten gaan. Hoewel de EBU erin is geslaagd de meeste landen binnenboord te houden, is het verbroederende idee waarmee het festival ooit werd opgericht verder weg dan ooit.
Gezien de EBU niet bereid blijkt Israël te straffen voor misstappen binnen het Songfestival of gewelddadige acties in Gaza die in strijd zijn met de geest van het Songfestival, lijken wezenlijke veranderingen ver weg. Wat dat betekent voor eventuele deelname van Nederland na 2026, moet blijken.
"We hebben serieuze zorgen uitgesproken over wat er het afgelopen jaar is gebeurd, waaronder de politieke inmenging en het uitblijven van duidelijk optreden daarop", zegt de AVROTROS. "Dat neemt niet weg dat we ons blijvend verbonden voelen met het Songfestival. We volgen komend jaar nauwlettend hoe de EBU de aangekondigde maatregelen uitvoert en hoe het proces zich ontwikkelt. Voor deelname na 2026 geldt dat we later opnieuw een zorgvuldige afweging maken."
Source: Nu.nl algemeen