Burgerwetenschappers hebben opvallend veel miljoenpoten en duizendpoten geteld tijdens de jaarlijkse bodemdierentelling. Slakken werden juist veel minder gezien, meldt het Nederlands Instituut voor Ecologie vrijdag. Beide fenomenen zijn te verklaren met de droge lente. De regenworm voert de lijst aan.
Duizendpoten en miljoenpoten zijn zeldzaam, maar hebben het in 2025 "opvallend goed" gedaan in de tellingen. "Met miljoenpoten in maar liefst 57 procent van de onderzochte tuinen is het zelfs de hoogste score van alle elf meetjaren."
Ze waren dit jaar ook makkelijker te vinden, omdat de insecten vochtige plekken opzochten. Zo waren ze bijvoorbeeld onder plantenpotten gekropen.
Slakken werden juist veel minder gezien. Vooral het lage aantal naaktslakken valt op. Zij eindigden op de zevende plek van de tien. Zo'n lage positie is niet eerder voorgekomen. "In net iets meer dan de helft van de tuinen hebben de burgerwetenschappers ze gevonden, terwijl dat in het natte 2024 nog in 81 procent van de tuinen was."
De slakken en veelpotigen vielen op, maar de nummer één was niet verrassend. Net als vorig jaar werden regenwormen het meest geteld. Zij werden in 89 procent van de tuinen gevonden, gevolgd door de pissebedden (88 procent) en spinachtigen (84 procent).
Bijna 2.500 burgerwetenschappers gingen op zoek naar de "Tiny Ten". Dat zijn dieren die als de ambassadeurs voor al het bodemleven worden gezien. Het gaat om regenwormen, huisjesslakken, pissebedden, spinachtigen, kevers, mieren, naaktslakken, duizendpoten, miljoenpoten en de mol. In totaal zijn meer dan 17.000 bodemdieren gevonden op ruim 450 locaties.
Bodemdieren zijn belangrijk voor de gezondheid van de grond. Zo recyclen ze afgevallen bladeren, houden ze de grond vruchtbaar, voorkomen ze wateroverlast, zuiveren ze water en slaan ze koolstof op in de bodem.
Source: Nu.nl algemeen