Home

‘Ik hecht veel waarde aan lief en zacht zijn. Streng zijn om de buitenwereld aan te kunnen vind ik echt onzin’

Duraa Boahene werd dit jaar 25 jaar. Al vroeg wist ze dat ze met jongeren wilde werken. Nu geeft ze seksuele educatie op scholen. ‘Als je in een klas staat en het woord ‘seks’ staat op het bord, gebeurt er iets.’

schrijft voor Volkskrant Magazine.

Hoe woon je?

‘In Rotterdam centrum, samen met twee huisgenoten. Ik woon hier pas sinds september. Mijn oude huis moest ik uit – de eigenaars gingen het verkopen – en dus moest ik snel op zoek naar een nieuwe plek. In de tussentijd woonde ik half bij mijn partner, half bij mijn ouders. Binnen twee maanden belandde ik hier. Best snel toch, gezien de stand van de woningmarkt? Dit huis kwam op mijn pad via een whatsappgroep voor vrouwen en queer personen. Een van mijn huisgenoten heeft een hond, waar ik niet per se van hou, maar ik moet toegeven dat ik ’m nu toch wel leuk vind. Het uitlaten is niet mijn taak, dat helpt vast ook.’

Ben je hier ook opgegroeid?

‘Nee, ik kom uit Utrecht. Twee jaar geleden verhuisde ik naar deze stad. Eigenlijk zonder praktische reden. Ik had mijn hele leven in Utrecht doorgebracht, daar gestudeerd, en daarna wilde ik een andere plek ontdekken. Rotterdam is een minder witte stad, hier zijn op alle plekken allerlei verschillende mensen, dat vind ik fijn. En ik zit in de ballroomscene en doe aan spoken word, rondom die dingen gebeurt hier ook meer. Het enige vervelende is dat er een stuk meer vrienden woonden toen ik hier kwam. Die zijn inmiddels weer naar Utrecht vertrokken.’

25 in 25

In de serie 25 in 25 vragen we jongeren geboren in 2000 hoe ze zijn geworden wie ze zijn en hoe ze hun toekomst zien. Meedoen? Mail een korte omschrijving (opleiding/woonplaats/bijzonderheden) naar: 25in25@volkskrant.nl

Hoe was het om op te groeien in Utrecht?

‘Vrij rustig. Het is een stad, dus je hebt niet veel buitenruimte, maar het was wel een leuke buurt. Het was bij ons thuis vaak een beetje een rommeltje. Ik ben zelf ook zo. Dat geeft mensen een fijn gevoel, denk ik. Als je bij iemand op bezoek komt waar het superschoon en netjes is, durf je niks aan te raken. Ik woonde er met mijn ouders en Ama, mijn sibling. Ama is trans non-binair, dus ik gebruik graag dat woord. We zijn altijd close geweest.

‘Mijn moeder is een open en lief persoon. Ze is niet iemand die vindt dat dingen op een bepaalde manier moeten. Ik experimenteerde veel met kleding. Dat leverde soms combinaties op die niet altijd even logisch waren, maar zij zou nooit zeggen: ga je daarmee naar buiten? Veel van mijn vrienden vonden haar altijd heel leuk, want ze was nooit streng en werd niet snel boos. Regels had ze niet echt. Maar ik was gewoon een braaf kind, dat maakt het wel makkelijker. Ik hoefde niet echt begrensd te worden.’

En je vader?

‘Mijn vader is wat meer op zichzelf, stelt duidelijke doelen en wil iets bijdragen aan de wereld. Hij werkt voor een organisatie die zich inzet voor gezondheidszorg in verschillende Afrikaanse landen. Als er iets emotioneels aan de hand is, bel ik mijn moeder, maar bij praktische zaken bel ik hem. Qua communicatie is hij een typische vader: hij stuurt me vaak de duim omhoog-emoji of alleen maar ‘ok’. Maar het is wel echt altijd ok. Als ik bijvoorbeeld app dat ik ergens sta en vraag of hij me wil ophalen, doet hij dat.’

Wat heb je gestudeerd?

‘Pedagogische wetenschappen. Toen ik zelf nog een jongere was, wist ik al dat ik met jongeren wilde werken. Ik werkte destijds bij de Kindertelefoon. Daar word je echt door elke soort kind gebeld: soms probeert iemand pizza te bestellen voor de grap, soms wil iemand wat vertellen over een verliefdheid, maar soms heb je ook een kind aan de lijn dat mishandeld wordt. Ik heb er veel van geleerd. Gesprekstechnieken, maar ook het belang van luisteren en bevestigen zonder meteen met oplossingen te komen. Juist omdat de gesprekken eenmalig zijn, bleef het overzichtelijk. Je kan er nooit achter komen wat een kind ermee gedaan heeft, dus je kan jezelf ook niet gek maken.

‘De studie vond ik niet heel inspirerend. Zowel de studenten als de stof niet. Je leert veel theoretische dingen, zoals hoe het is om met financiële stress op te groeien of de pedagogische invloed van bepaalde opvoedstijlen, maar praktisch is het niet. Mijn scriptie ging over jongeren en seksualiteit. Dat was een aha-moment: dit is het onderwerp dat ik interessant vind. Daar ben ik mee doorgegaan.’

Duraa Boahene werd op 10 april 25 jaar.

Woonplaats Rotterdam

Hoe volwassen vind je jezelf op een schaal van 1 tot 10? ‘Volwassen zijn betekent voor mij dat je verantwoordelijkheid neemt voor je gedrag en je bereid bent erop te reflecteren. Om hulp vragen vind ik ook volwassen. Alles zelf willen doen is heel puberaal. Ik denk dat ik mezelf een 7 geef.’

Voel je jezelf onderdeel van een generatie? ‘Een beetje. Ik heb een beetje een allergie voor generatiedenken. Ik ben echt anders dan een 18-jarige, maar ik voel me ook geen millennial.’

Waar ben je over zeven jaar? ‘In Rotterdam, en bezig met dezelfde thema’s als nu. Ik hoop alleen dat het muziek maken iets meer consistent wordt.’

Op welke manier?

‘Ik werk voor een organisatie die lesgeeft op scholen over seksualiteit, gender, wensen en grenzen, relaties en discriminatie. Van basisscholen tot mbo-opleidingen. We geven ook trainingen over sociale veiligheid aan bedrijven. Seksuele educatie bij jongeren vind ik heel leuk. Alles rondom seks en seksualiteit vind ik interessant omdat het zo’n taboe is. Als je in een klas staat en het woord ‘seks’ staat op het bord, gebeurt er iets. De sfeer wordt giechelig, er wordt gelachen, het voelt spannend. Dat is bij een groep volwassenen niet heel anders, denk ik.

‘Wat we bespreken ligt aan de wens van de school en de leeftijd van de leerlingen. Het moet natuurlijk bij de groep passen. De workshops zijn interactief, maar de jongeren hoeven nooit iets te doen of te zeggen als ze dat niet willen. Voor de een is het alleen maar spannend en leuk, maar sommigen hebben negatieve ervaringen met seks gehad. We geven les met een positieve insteek: seks moet leuk zijn.’

Hoe is het om zulke lessen te geven ten tijde van Lentekriebels-ophef?

‘Interessant. Je merkt het wel. Scholen delen dat ze bepaalde vragen van ouders krijgen over de lessen. Sommige leerlingen wonen onze lessen zelfs niet bij, omdat hun ouders dat niet willen. Het opvallendst vind ik om van jongeren zelf te horen: zijn we hier niet te jong voor? Dat gebeurt niet vaak hoor, inmiddels lijkt die ophef weer minder te leven. De overgrote meerderheid van de ouders vindt dit soort lessen belangrijk, maar die hoor je een stuk minder.’

Wat zijn je dromen voor de toekomst?

‘Dat ik dingen kan blijven doen die ik leuk vind, dingen waar ik zowel plezier als voldoening uithaal. Waar ik gelukkig van word, maar die ook een positieve bijdrage leveren aan de wereld. Maar ik moet wel de balans tussen rust en actie bewaren.

‘Een paar jaar terug deed ik vijf projecten tegelijk: een horecabaan, vrijwilligerswerk, een theaterproject, muziek maken, dansles geven. Op een gegeven moment was ik twee weken lang elke dag druk – dat was een kantelmoment. Veel mensen om me heen raken overspannen en zelfs in burn-outs. Ik hou van uitslapen, rustig aan doen, rustig eten. Ik moet gewoon rust nemen om die bijdragen te kunnen leveren, om bijvoorbeeld op mijn werk lastige gesprekken te voeren.’

Waar ben je trots op?

‘Hoe ik met mensen om me heen omga. Ik hecht veel waarde aan lief en zacht zijn. Dat ben ik, en daar ben ik blij mee. Het idee van streng zijn zodat iemand de buitenwereld aan kan vind ik echt onzin. Kijk, ik heb veel liefde en waardering van mijn ouders gekregen als kind. Dat is de reden dat ik nu sterk in mijn schoenen sta. Ik ben er trots op dat ik dat voortzet bij mijn vrienden, maar ook bij mezelf.’

Zie je jezelf in de toekomst doorgaan met dit werk?

‘Ik krijg een vast contract, dus voorlopig nog wel. De collega’s zijn leuk en hebben hetzelfde wereldbeeld als ik, dus ik voel me daar veilig en op mijn gemak. Ik denk dat ik ook in Rotterdam blijf wonen. Het liefst met mensen die ik goed ken. Ik heb een partner, maar samenwonen is niet iets waar ik gelukkig van word, denk ik. Ik heb mijn eigen ruimte nodig. Als we samen zijn, kiezen we daar allebei heel bewust voor, dat heb je minder als je in één huis woont. Soms is het gewoon goed om alleen te zijn, ook lichamelijk.’

Denken jullie daar hetzelfde over?

‘Ja, gelukkig wel.’

Dus je gaat de toekomst met zin tegemoet?

‘Jawel, maar ik maak me ook zorgen, onder andere over het politieke klimaat en hoe zich dat verder gaat ontwikkelen. Extreemrechts is genormaliseerd, politici delen foutieve informatie over migranten en trans personen. Dat baart me zorgen. Door mijn werk geloof ik niet meer in de mythe dat jongeren progressief zijn en ouderen conservatief. Vaak zeggen mensen: jongeren begrijpen het wel, die zijn bewust en open. Dat kan je niet zo zeggen. Soms praat ik met een jongen van 13 en voelt het alsof ik met een vijftiger in gesprek ben. Je hebt gewoon progressieve en conservatieve mensen, maakt niet uit welke leeftijd ze hebben.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next