Met zijn nieuwe documentaire wil Oscarwinnaar Mstyslav Tsjernov (20 Days in Mariupol) de afstand tussen Oekraïne en Europa verkleinen. Het resultaat is een ongeëvenaarde vastlegging van het leven van een frontsoldaat: ‘Ik zag mezelf nooit als een soldaat en wilde er nooit een worden.’
is buitenlandredacteur en oud-correspondent in Moskou van de Volkskrant. Hij doet verslag van de Russische oorlog tegen Oekraïne en reist regelmatig naar het front.
Er is een plek in de oorlog in Oekraïne die de wereld niet te zien krijgt. Verslaggevers en fotografen komen er niet. Ze zouden er in de weg lopen en vlug worden doodgeschoten. De enige mensen die de plek te zien krijgen, zijn de infanteriesoldaten van deze oorlog. Velen van hen keren er niet van terug.
Maar nu is er een documentaire die laat zien wat er gebeurt aan ‘linie nul’: de voorste linie van het front, waar Oekraïense en Russische voetsoldaten elkaar bestormen.
2000 Meters to Andriivka is een ongeëvenaarde vastlegging van het leven van een frontsoldaat in de grootste oorlog in Europa sinds 1945. Dankzij camera’s op de helmen van een Oekraïens infanteriepeloton kunnen mensen zien wat de soldaten zien tijdens een slag.
Bomen zonder takken, zonder hars. Vliegen boven lijken in de modder. Loopgraven die bij elke ontploffing verder afbrokkelen. Mannen die naar voren rennen en dan plots als zandzakken neervallen. Strijdmakkers die elkaars hand vasthouden terwijl een van beiden sterft.
‘Morty? Morty! Kom op, broeder, sta op, leef’, roept een man door het geluid van explosies. Een ander: ‘Verdomme, wie staat daar in brand?’
Het materiaal was niet bedoeld voor een documentaire. Oekraïense brigades rusten hun militairen uit met camera’s om het slagveld te analyseren. Slechts enkele spectaculaire fragmenten monteren ze in video’s op de klanken van harde muziek, die ze op sociale media verspreiden om hun brigade te promoten.
Regisseur Mstyslav Tsjernov wilde geen propagandafilm. Zijn vorige film, 20 Days in Mariupol, die vorig jaar de Oscar voor Beste Documentaire won, toonde Europeanen de verschrikkingen die het Russische leger aanricht onder de Oekraïense burgerbevolking. Nu wilde hij een film maken die Europeanen doet inzien wat Oekraïense militairen meemaken op een slagveld.
‘Ik wil de afstand kleiner maken, ik wil mensen het gevoel geven dat dit in hun achtertuin plaatsvindt en dat daar mensen vechten zoals zijzelf’, zegt Tsjernov, in een Amsterdams café met mensen in comfortabele fauteuils. ‘Het is prettig om in een vredig land te zijn, maar ik vind het wel eng dat de ernst van de situatie hier nog niet is doorgedrongen.’
Het kostte Tsjernov een jaar om de Derde Aanvalsbrigade van het Oekraïense leger te overtuigen om de beelden uit de slag aan hem te overhandigen. Ook moest hij het vertrouwen winnen van de nabestaanden van militairen die worden doodgeschoten op de beelden, of omkwamen in latere slagen.
Uiteindelijk zagen de militairen en familieleden de waarde in van de documentaire. ‘Voor familieleden is het belangrijk dat ze het gevoel hebben dat hun opoffering wordt erkend en dat hun overleden dierbaren als helden worden herdacht’, zegt Tsjernov. ‘Allemaal vinden ze het belangrijk dat ze geen propagandafilm te zien krijgen die oorlog verheerlijkt en die niet laat zien hoe zwaar het is om te vechten, maar een realistische weergave van het leven van een soldaat.’
De beelden zijn gemaakt in 2023, tijdens het Oekraïense tegenoffensief in de zomer van dat jaar. Het dorp dat het infanteriepeloton moet bevrijden heet Andriivka en er is maar één manier om er te komen. De soldaten moeten zich door een smal bos vechten dat ligt ingeklemd tussen velden vol mijnen. Het is een afstand van 2.000 meter. Het kost de soldaten drie maanden.
De documentaire toont niet alleen hoe er wordt gevochten, maar vooral wie er vechten. Tsjernov en Alex Babenko, zijn collega van persbureau Associated Press, volgden het infanteriepeloton op gepaste afstand door het bos. Ze sluiten zich aan bij een groepje dat de Oekraïense vlag naar voren moet brengen, zodat die gehesen kan worden na de bevrijding. Onderweg, in schuttersputjes en loopgraven, spreken Tsjernov en Babenko de leden van het peloton.
Het blijken studenten, winkelbedienden, politieagenten, geen mensen die soldaat wilden worden. ‘Ik zag mezelf nooit als een soldaat en wilde er nooit een worden’, vertelt een van hen. ‘Maar dat betekent niet dat je moet weigeren om soldaat te zijn als er oorlog is in je land.’
Freak, de militaire roepnaam van een 22-jarige student, vertelt Tsjernov dat hij ernaar uitkijkt om na de bevrijding van Andriivka een douche te nemen. Of, beter nog, de sauna in te gaan. Hun gesprekje in het bos eindigt met een voice-over van Tsjernov. ‘Over vijf maanden zal Freak gewond raken in de strijd om een ander bos. Zijn lichaam zal nooit worden gevonden.’
Als de soldaten Andriivka uiteindelijk bereiken, blijkt het dorp niet meer te bestaan. Tsjernov filmt hoe een van de mannen de Oekraïense vlag vastbindt aan een stuk hout en dat op een ruïne zet van een kapotgeschoten woning. ‘Andriivka is van ons’, roept hij. ‘Er volgt meer.’
Tsjernov besefte op dat moment dat hij geen documentaire aan het maken was over een overwinning, vertelt hij. Het tegenoffensief mislukte. Oekraïne kreeg te weinig steun van de VS en Europa. Andriivka werd opnieuw bezet door het Russische leger. De mensen uit het bos begonnen te sneuvelen in andere bossen.
‘De film is een vlag geworden die ik voor hen draag’, zegt Tsjernov. ‘Het is ook een film geworden over de prijs van het land dat Oekraïne wordt gevraagd om af te staan, en over waarom het zo moeilijk is om dat land weg te geven.’
2000 Meters to Andriivka gaat op 21/11 in première in Nederland tijdens het Idfa-filmfestival in Amsterdam.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant