Home

Compacte slaapplek achter een gordijntje: slapen in een ‘podhotel’ steeds populairder

Er zijn steeds meer ho(s)tels waar je kunt overnachten in een eigen capsule. Voor jonge reizigers een betaalbaar alternatief tussen hotelkamer en slaapzaal. Bij De Lola in hartje Den Haag kun je in zo’n ‘pod’ slapen. ‘Ik vind het cocongevoel fijn.’

Terwijl het schoonmaakteam van De Lola Podshotel om half 11 ’s ochtends stevig aan de slag is met het verschonen van de bedden, klinkt vanachter een gordijntje zacht gesnurk. Geen wonder, zegt manager Daissy Drymoniti (31), lopend door een slaapruimte van het hotel in hartje centrum Den Haag. ‘Je ligt in een soort gezellige grot.’

De in totaal 62 slaapplekken van De Lola zijn houten cabines van 95 of 160 centimeter breed, 210 lang en 135 hoog. Er past precies een een- of tweepersoonsmatras in en je kunt er prima rechtop in zitten. Er hangt een netje voor wat kleine spullen en je kunt er je telefoon opladen.

Het fenomeen ‘podhotel’, waar je in plaats van een hele kamer een ‘pod’ – soms ook wel ‘capsule’ of ‘hub’ genoemd – huurt, komt uit Japan en wordt steeds populairder. De overnachtingsvorm is beter betaalbaar dan een ‘normale’ hotelkamer en biedt meer privacy dan een gedeelde hostelruimte met stapelbedden.

De welkomstruimte is licht met grote ramen, turquoise muren en een balie/bar als een keukeneiland in het midden. Er staan een lange tafel, een stel banken met spelletjes en twee tafelvoetbal- en airhockeytafels. Ernaast is een eet- en chillruimte met kleurige tegelmuren en trappen met kussens als zitplekken.

Behoefte aan privacy

De Australische Tess Fitzgerald (30) heeft een sabbatical en zit in de chillruimte een film te kijken. Na een week in De Lola is ze gehecht geraakt aan haar plekje: ‘Ik kan mijn gordijntje dichtdoen en dan heb ik echt mijn eigen ruimte.’ Daarom is het voor haar geen probleem dat de slaapruimtes genderneutraal zijn en last van claustrofobie heeft ze ook niet. ‘Ik vind het cocongevoel in de pod fijn. Het voelt veilig en knus.’

Stef Driessen, horeca-analist van ABN Amro, denkt dat die eigen ruimte voor jongeren steeds belangrijker wordt. ‘Jongeren reizen veel meer en hebben meer geld dan vroeger. Daarom stellen zij ook hogere eisen aan bijvoorbeeld hostels. Ik denk dat dit soort concepten beter voldoet aan een behoefte van privacy.’

Bovendien past de ontwikkeling volgens Driessen in de trend van steeds kleiner wordende hotelkamers. ‘Investeerders en ondernemers proberen hun rendement per vierkante meter zo hoog mogelijk te krijgen. Zij weten inmiddels dat lang niet alle reizigers een kamer van 40 vierkante meter nodig hebben.’

Podhotels spelen hier slim op in. ‘Zij bieden een goedkoop maar goed bed, op een relatief kleine oppervlakte. Daardoor kun je meer gasten laten slapen, terwijl je bijna dezelfde kostprijs hebt.’ Dat maakt het een relatief winstgevende onderneming.

‘Sleepy mood’

Bij De Lola komt in de slaapzalen bijna geen daglicht binnen. ‘We willen hier echt een sleepy mood creëren’, zegt Drymoniti. Voor andere activiteiten, zoals werk, bellen of feesten, worden gasten aangespoord om naar de gemeenschappelijke ruimten te gaan.

Zo probeert het team gasten met elkaar te verbinden en een gemeenschap op te bouwen. Er zijn themafeestjes en spontane muzieksessies, maar op deze doordeweekse dag is het ook ’s avonds rustig. Er zitten een paar mensen te werken in de lobby terwijl Fitzgerald rustig film kan kijken in de chill- en eetruimte.

Omdat de pods zo betaalbaar zijn, zijn er ook gasten die voor wat langere tijd een pod huren. ‘Er zijn studenten en werkenden die nog geen vaste woonplek hebben en daarom voorlopig hier verblijven’, vertelt Drymoniti. ‘Ze voelen zich thuis.’

De overnachtingsprijs – tijdens het wat stillere seizoen betaal je rond de 30 euro per nacht – kan zo laag zijn omdat ook de aankoop en huur van het pand relatief goedkoop zijn, zegt Driessen. ‘Dat komt doordat je capsules kunt bouwen op locaties waar je geen hotelkamers kunt plaatsen, bijvoorbeeld vanwege onvoldoende daglicht.’ Volgens hem is vooral de locatie voor gasten belangrijk. ‘Slapen doe je in je pod, voor andere activiteiten ga je op pad.’

Daarom is het volgens Driessen niet gek dat er steeds meer pod- en capsuleho(s)tels opduiken in Nederland. De Lola noemt zich het eerste podhotel in Den Haag. Tien jaar geleden opende capsulevariant CityHub al in Amsterdam. Bij Bunk in Utrecht kon je in 2019 al in pods slapen. Driessen: ‘Gasten vinden locatie, prijs en hygiëne het belangrijkst. Als je dan ook een goed bed biedt, zit je goed.’

Goede vibe

De Canadese Dante Wright (23) benadrukt de waarde van de goede vibe bij De Lola. Samen met zijn vriendin verblijft hij in een tweepersoonspod in de kleinere slaapzaal. De sfeer van het hotel vindt Wright huiselijk en gezellig.

De kleine slaapzaal is volgens Tess Fitzgerald comfortabeler dan de grote. ‘Er zijn minder mensen, waardoor er minder storend geluid is.’ Ze zweert bij haar oortjes tijdens het budgetbewust reizen. En door het verduisterende gordijntje is er geen oogmasker nodig. ‘Ik heb de eerste nacht hier zo goed geslapen, dat ik te laat kwam bij een afspraak de volgende dag.’

Om het verblijf in de gedeelde slaapzalen zo comfortabel mogelijk te houden, heeft Drymoniti een aantal huisregels opgesteld. Drymoniti: ‘Het is mooi als mensen zich met elkaar verbinden, maar het moet wel respectvol blijven voor andere gasten.’ Onder ‘liefde is mooi, muren zijn dun’ staat: ‘Passie is cool. Onthoud: dunne muren, slaperige buren en nul Oscars voor dramatische optredens.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next