Max Pam is schrijver en columnist van de Volkskrant.
Hoewel er al veel gezegd is en geschreven over de leugens in de zogeheten Wijers-gate, kom ik er toch nog even op terug. Ik loop al wat jaartjes mee, maar zelden heb ik zo veel lachwekkend absurdisme op de vierkante centimeter meegemaakt als in de afgelopen week. Het was een mengsel van Alfred Jarry’s Ubu Roi en Shakespeares De getemde feeks, dat alles in de vorm van een door Joop van den Ende uitgebrachte musical, die in de verte moet lijken op Kiss me, Kate van Cole Porter. Persoonlijk houd ik niet zo van het genre, maar dit keer heb ik mij bijzonder geamuseerd.
Zoals u weet had Hans Wijers (D66) de opdracht gekregen om samen met Sybrand Buma (CDA) als informateur op te treden, om zo de weg te effenen naar een midden-kabinet. Ter rechterzijde staat Dilan Yesilgöz te trappelen en links Jesse Klaver, maar beiden kunnen elkaar wel schieten. Een precair karweitje dus voor de informateurs, want door één verkeerde opmerking kan alles in de soep lopen.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Die ene verkeerde opmerking werd snel gevonden. Op een avond voor ondernemers, een soort haringparty maar dan zonder haring, bleek Wijers verkondigd te hebben dat Yesilgöz een leugenaar is – althans volgens NRC-verslaggever Hugo Logtenberg. Reden genoeg voor Wijers om zijn excuses aan te bieden, maar tot ieders verbazing meldde Eric Smit van Follow the Money de volgende dag dat niet Wijers maar hij de bewuste opmerking had gemaakt. Zoiets doet onweerstaanbaar denken aan de beroemde Wander-anekdote over koningin Victoria, die op een staatsbanket een duidelijk hoorbare scheet laat. Daarop staat de Franse/Duitse/Amerikaanse ambassadeur op, zeggende dat hem dat nooit had mogen overkomen, maar dat hij niettemin hoopt dat zijn excuses worden aanvaard.
Om zijn observatie wat meer body te geven verklaarde de speurneus van de NRC later dat hij ook een privé-appje van Wijers had gevonden, waarin laatstgenoemde Yesilgöz ‘een feeks’ noemt. De hoofdredactrice van de NRC ging achter haar wroetende verslaggever staan en bovendien meldde NRC-columniste Japke-d. Bouma dat ‘feeks geen scheldwoord is, maar karaktermoord. En pure vrouwenhaat.’
Daar keek ik wel van op. Vermoedelijk zou het woord ‘feeks’ allang zijn weggezakt uit de Nederlandse taal als Shakespeare niet ergens na 1590 The Taming of the Shrew (De getemde feeks) had geschreven. Zoals alle stukken van Shakespeare kan ook deze komedie op verschillende manieren worden uitgelegd, maar in een gangbare versie is de getemde feeks een heldin en wordt zij als zodanig ook omarmd in feministische kringen. In de slotscène van de beroemde verfilming met Elizabeth Taylor en Richard Burton loopt de man uiteindelijk als een hondje achter de feeks aan, dit onder algemeen gelach van de omstaanders. Het is niet de vrouw die is getemd maar de man, al zou je kunnen volhouden dat beiden zijn getemd door het huwelijk. Maar dat is weer een heel andere opvatting.
Intussen moet Hans Wijers gedacht hebben: zoek het verder uit, ik houd ermee op. Hij zal aan de klus begonnen zijn met de gedachte dat hij ons land vooruit zou helpen en hij zal niet hebben vermoed dat hij er binnen een dag uit zou komen als een vrouwenhater. Een Hollandser klucht is bijna niet denkbaar. Onze blijspelspecialist van toen, Pieter Langendijk (1683-1756), kan nu eenmaal niet tippen aan Shakespeare, zoals De wiskunstenaars, of ’t gevluchte juffertje het niet haalt bij De getemde feeks.
Ook typisch Nederlands is het dat de cruciale vragen in deze kwestie zijn ondergesneeuwd: is het waar wat Wijers heeft beweerd, en zo ja, waarom moet iemand die de waarheid heeft gesproken dan zijn excuses aanbieden? Met andere woorden: is Dilan Yesilgöz een leugenaar?
Wel volgens Eric Smit, het onbedoelde alter ego van Wijers. In een uitvoerig stuk over haar migratiepolitiek betichtte Smit haar van ‘schaamteloos liegen’, alsmede van het rondstrooien van ‘verzinsels en verdichtsels’. Daarbij ‘zwaait Yesilgöz regelmatig met cijfers die niet bestaan en maakt zij andere anderen verantwoordelijk zodra haar ‘vergissing’ uitkomt.’ Maar Smit is zeker niet de enige. In Trouw noemde columnist Stevo Akkerman ‘de niet-bestaande nareizigers van Yesilgöz, een leugen over de hoofden van vluchtelingen heen’. Zelf gaf zij destijds achteraf toe dat haar cijfers niet klopten, maar dat het niet ging om ‘een bewuste leugen’. Een onbewuste leugen dus, zo’n eentje in de categorie van ergens geen ‘actieve herinnering’ aan hebben.
Daar staat tegenover dat De Telegraaf als één man achter Yesilgöz blijft staan. Het dagblad spreekt in termen die het nog kent uit het eigen verleden: er wordt een hetze gevoerd. Yesilgöz is, in een dialectische omdraaiing, juist het slachtoffer – van links seksisme.
Zelf blijf ik liever buiten deze kwestie, maar als eeuwige relativeerder bied ik voor dit stukje wel graag mijn excuses aan.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant